Betalingsonmacht of betalingsonwil?

01 dec 2021

Na een arbeidsconflict krijgt een medewerker geen loon meer. De rechtbank moet vaststellen of hier sprake is van bestuurdersaansprakelijkheid en of het loon moet worden doorbetaald.

Na een arbeidsconflict betaalt een werkgever het loon, de pensioenvergoeding, de onkostenvergoeding en de dertiende maand niet meer aan een medewerker. Vervolgens wordt de vrouw op staande voet ontslagen, maar dit ontslag wordt door de kantonrechter vernietigd. Het loon en de andere vergoedingen moeten worden doorbetaald. Tegen deze uitspraak gaat de besloten vennootschap (bv) niet in hoger beroep, zodat deze beslissing ‘in kracht van gewijsde is gegaan’: de uitspraak staat vast en de uitkomst moet worden nagekomen. Desondanks betaalt de werkgever niet. De vrouw vraagt, samen met een andere schuldeiser, het faillissement aan van het bedrijf. Daarna wordt de bv failliet verklaard. De vrouw dient vervolgens een loonvordering in bij de curator.

Ernstig verwijt

Bij de rechtbank Midden-Nederland stelt de werknemer de bv en de bestuurder hoofdelijk aansprakelijk voor haar schade, omdat zij haar vordering op grond van een gerechtelijke uitspraak niet hebben betaald. Volgens de rechtbank is hier sprake van bestuurdersaansprakelijkheid: er is een schuldeiser benadeeld, de bestuurder heeft bewerkstelligd of toegelaten dat de vennootschap haar contractuele verplichtingen niet nakomt, en het handelen van de bestuurder is zo onzorgvuldig dat hem daarvan persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt.

Bestuurdersaansprakelijkheid

De bestuurder had de bv zo ‘gestructureerd’ dat de ene onderneming daarbinnen veel meer schulden had dan inkomsten. Er werd over en weer met geld geschoven. Dat heeft ertoe geleid dat de onderneming aan wie de vrouw haar loonvordering had gericht, deze vordering niet kon betalen, aldus de bestuurder. Maar hier was geen sprake van betalingsonmacht, oordeelt de rechtbank, maar van betalingsonwil: andere werknemers en schuldeisers werden wel betaald, alleen deze vrouw kreeg haar loon niet. Op grond van deze betalingsonwil is er onrechtmatig jegens haar gehandeld en is sprake van bestuurdersaansprakelijkheid. Zowel het bedrijf als de bestuurder is hoofdelijk aansprakelijk voor de schade die de vrouw heeft geleden. Ze moeten nu echt het achterstallige loon en de andere vorderingen gaan betalen. De precieze hoogte daarvan moet later worden vastgesteld.

ECLI:NL:RBMNE:2021:5925

https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBMNE:2021:5925

Bron:Rechtbank Midden-Nederland| jurisprudentie| 20-12-2021