Huurovereenkomst toch rechtsgeldig

30 mrt 2022

Is een huurovereenkomst rechtsgeldig tot stand gekomen nu deze door slechts één directeur is ondertekend? En hoever reikt zijn bestuurdersaansprakelijkheid?

Een algemeen directeur van een bedrijf ondertekent een huurovereenkomst voor een bedrijfsruimte, voor 3.593 euro per maand. Uiteindelijk neemt het bedrijf de ruimte niet in gebruik en betaalt het de huur ook niet, waarna de verhuurder naar de kantonrechter van de rechtbank Rotterdam stapt.

Compagnon

Volgens de directeur is er geen rechtsgeldige huurovereenkomst tot stand gekomen. De overeenkomst had namelijk ook moeten worden ondertekend door zijn compagnon, die eveneens directeur is. Bovendien heeft hij vier dagen na de ondertekening te kennen gegeven van de huur af te zien. Op dat moment had hij nog geen door de verhuurder ondertekend exemplaar van de huuroverkomst gezien. De verhuurder stuurde dit pas twee dagen later toe, één dag geantedateerd vóór het bericht dat de huurder niet meer wilde. De verhuurder eist dat de huur over zes maanden, een waarborgsom, incassokosten en de contractuele boete worden betaald, samen bijna 40 mille.

Zelfstandig bevoegd

Omdat uit het uittreksel van de Kamer van Koophandel blijkt dat de directeur zelfstandig bevoegd is om namens het bedrijf overeenkomsten aan te gaan, is deze huurovereenkomst rechtsgeldig tot stand gekomen, zo beslist de kantonrechter. Dat de verhuurder de overeenkomst zou hebben geantedateerd, is door de directeur onvoldoende gemotiveerd en dit is dus speculatief. Het bedrijf moet het gevorderde bedrag betalen.

Bestuurdersaansprakelijkheid

Als het bedrijf niet kan of wil betalen, moet de algemeen directeur maar betalen, vindt de verhuurder: hij is als bestuurder aansprakelijk. Uitgangspunt is echter dat, wanneer een vennootschap tekortschiet in de nakoming van een verbintenis of een onrechtmatige daad pleegt, alleen de vennootschap aansprakelijk is voor daaruit voortvloeiende schade. Onder bijzondere omstandigheden kan ook een bestuurder aansprakelijk zijn, bijvoorbeeld als hem een ernstig verwijt kan worden gemaakt. Dit is het geval als vaststaat dat de bestuurder wist of redelijkerwijs had behoren te begrijpen dat zijn handelwijze tot gevolg zou hebben dat de vennootschap haar verplichtingen niet zou nakomen en ook geen verhaal zou bieden. De verhuurder toont dit volgens de kantonrechter echter onvoldoende aan. Bovendien heeft de directeur aangevoerd dat hij in de steek is gelaten door zijn compagnon. Er kan dan niet worden vastgesteld dat de directeur ten tijde van het tekenen van de overeenkomst wist of had horen te begrijpen dat de vennootschap de overeenkomst niet zou kunnen nakomen. Hij is dan ook niet persoonlijk aansprakelijk.

ECLI:NL:RBROT:2022:2021

 

Bron:Rechtbank Rotterdam| jurisprudentie| ECLI:NL:RBROT:2022:2021| 29-03-2022