Blog

Gebonden beschikking onder de Omgevingswet: toch strijd met het evenredigheidsbeginsel?

Gebonden beschikking onder de Omgevingswet: toch strijd met het evenredigheidsbeginsel?
Gepubliceerd 15 sep. 2026
Gebonden beschikking onder de Omgevingswet: toch strijd met het evenredigheidsbeginsel?
Relevante aandachtsgebieden
Relevante expertises
Relevante onderwerpen

Op 25 augustus 2026 deed de Rechtbank Midden-Nederland uitspraak over een omgevingsvergunning voor vier padelbanen in Bilthoven. De rechtbank oordeelde dat het bouwplan voldeed aan de geldende planregels. Daarmee was sprake van een gebonden beschikking en moest de vergunning in beginsel worden verleend. Toch vernietigde de rechtbank het besluit wegens strijd met het evenredigheidsbeginsel. De uitspraak is daarom interessant voor de praktijk. Welke rol speelt het evenredigheidsbeginsel nog bij gebonden besluiten onder de Omgevingswet?

 

Het geschil 

De vergunninghouder is een tennisclub. Deze wil vier padelbanen realiseren in het natuurgebied De Biltse Duinen. Het college van burgemeester en wethouders heeft hiervoor een omgevingsvergunning verleend. Omwonenden, recreanten en een belangenvereniging hebben daartegen beroep ingesteld. Zij vrezen voor ernstige geluidsoverlast. Padel produceert immers meer geluid dan tennis. 

 

De voorziene banen grenzen direct aan een recreatiepark. Eigenaren verblijven daar tot tien maanden per jaar in hun recreatiewoning. Volgens hen heeft het college onvoldoende oog gehad voor de gevolgen van de padelbanen voor de omgeving. Het college stelt zich echter op het standpunt dat het bouwplan in overeenstemming is met het omgevingsplan. Omdat sprake is van een gebonden beschikking, stelt het college dat er geen ruimte bestaat voor een belangenafweging. De vergunning moest derhalve worden verleend.

 

Het oordeel van de rechtbank 

De rechtbank buigt zich vervolgens over de rechtmatigheid van dit besluit. In eerste instantie volgt de rechtbank het college. Het bouwplan past inderdaad binnen de planregels. Er is formeel sprake van een gebonden beschikking. Desondanks verklaart de rechtbank de beroepen gegrond en vernietigt zij het besluit. 

 

Het college heeft de vergunning verleend zonder geluidbeperkende voorschriften op te nemen. 

Volgens de Omgevingsdienst zou een geluidsscherm nodig zijn als de recreatiewoningen als geluidgevoelige objecten worden beschouwd. Het college heeft echter uitsluitend de planregels toegepast. Er zijn geen beschermende maatregelen voorgeschreven. Hierdoor pakt de uitkomst voor de omwonenden onredelijk bezwarend uit. De rechtbank oordeelt dan ook dat het besluit in strijd is met het evenredigheidsbeginsel.

 

Kritische noot 

Deze uitspraak sluit aan bij de lijn die het CBb op 26 maart 2024 uitzette. Het CBb oordeelde toen dat ook een gebonden beschikking als hier aan de orde rechtstreeks aan het evenredigheidsbeginsel kan worden getoetst. Dit geldt wanneer het bestuursorgaan geen beleidsruimte heeft en het besluit voortvloeit uit een algemeen verbindend voorschrift. De centrale vraag is dan of de uitkomst voor een belanghebbende onredelijk bezwarend uitpakt.  


Desondanks roept de uitspraak ook vragen op. De voorschriften (lijken te) zien op het gebruik van de padelbanen. Het is vaste rechtspraak dat gebruiksvoorschriften niet aan een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit verbonden kunnen worden. Bovendien is het de vraag welk probleem de rechtbank hiermee oplost. De omwonenden hadden ook om handhaving kunnen vragen met mogelijk tot gevolg een besluit met maatwerkvoorschriften die inhouden het oprichten van geluidschermen. Daarmee wordt eveneens tegemoetgekomen aan het feitelijke probleem dat de omwonenden ervaren. Sterker nog; dat had de gemeente ook ambtshalve kunnen doen. Wat dat betreft zou het interessant zijn het oordeel van de Afdeling hierover te horen. 

 

 

Contact met Rutger Boogers

Rutger Boogers

Rutger Boogers

Contactformulier