Blog

Gedeeltelijk vergunnen? De aanvraag laat zich niet knippen

Gedeeltelijk vergunnen? De aanvraag laat zich niet knippen
Gepubliceerd 28 jul. 2026
Gedeeltelijk vergunnen? De aanvraag laat zich niet knippen
Relevante aandachtsgebieden
Relevante expertises

Op 19 juni 2026 heeft de Rechtbank Oost-Brabant een uitspraak gedaan over een omgevingsvergunning voor het aanbrengen van oppervlakteverharding op meerdere boomkwekerijlocaties. In deze zaak staat centraal de vraag of het college een aanvraag gedeeltelijk had moeten vergunnen, nu slechts een deel van de werkzaamheden in strijd was met het omgevingsplan. De uitspraak maakt duidelijk dat de aanvraag bepalend is voor wat het college kan vergunnen. Het college kan niet zomaar minder vergunnen dan is aangevraagd. 

Het geschil            

De vergunninghouder exploiteert een boomkwekerij en heeft op zes locaties oppervlakteverharding aangebracht. De verharding bestaat uit betonplaten van twee bij twee meter, die in paren in de grond zijn ingegraven. Om deze verharding te realiseren heeft de vergunninghouder een omgevingsvergunning aangevraagd. Het college heeft de vergunning in eerste instantie verleend voor alle locaties. Na bezwaar van de Milieuvereniging heeft het college de vergunning voor één locatie alsnog geweigerd. Voor de overige vijf locaties bleef de vergunning in stand. 

De vergunninghouder stelt dat het college de vergunning ten onrechte gedeeltelijk heeft geweigerd. De vergunning was aangevraagd voor zes locaties. Voor één locatie heeft het college de vergunning alsnog geweigerd. Volgens de vergunninghouder en de Milieuvereniging had het college echter ten minste het deel van de verharding dat op die locatie wél vergunbaar was, moeten toestaan.

Oordeel van de rechtbank 

De rechtbank buigt zich over de vraag of de aanvraag gedeeltelijk vergund had moeten worden. De rechtbank beantwoordt die vraag ontkennend. Daarbij is doorslaggevend dat de aanvraag als één geheel is ingediend en geen onderscheid maakt in afzonderlijk vergunbare onderdelen. Het college mag alleen van de aanvraag afwijken als sprake is van een wijziging van ondergeschikte aard. Daarvan is hier geen sprake, omdat het niet‑vergunbare deel ongeveer een kwart van het geheel is en daarom te groot is om als ondergeschikt te worden gezien. Het vergunnen van slechts een deel zou ertoe leiden dat het college feitelijk een andere aanvraag beoordeelt dan is ingediend. Dat is niet toegestaan. De rechtbank bevestigt daarmee dat het college niet zelf in een aanvraag mag “knippen”. Als de vergunninghouder het wel-vergunbare deel alsnog gerealiseerd wil krijgen, zal hij daarvoor een nieuwe, aangepaste aanvraag moeten indienen.

Aansluiting bij eerdere jurisprudentie 

Deze uitspraak past in een bredere jurisprudentielijn waarin de aanvraag centraal staat. De Afdeling heeft eerder geoordeeld dat een aanvraag in beginsel als één geheel moet worden beoordeeld en slechts kan worden opgesplitst wanneer sprake is van afzonderlijke, zelfstandig te beoordelen onderdelen. Daarnaast volgt uit recentere rechtspraak dat voor het bevoegd gezag en derden duidelijk moet zijn welke onderdelen wel en niet onder de aanvraag vallen. Gedeeltelijke vergunningverlening is daarmee niet uitgesloten, maar kan alleen plaatsvinden wanneer sprake is van duidelijk afgebakende onderdelen. Zo werd in een zaak over een kapvergunning vergunning verleend voor één boom en geweigerd voor vier andere bomen. De uitspraak van de rechtbank bevestigt dat uiteindelijk de afbakening van de aanvraag bepalend is voor de omvang van het besluit.

Concluderend

Met deze uitspraak laat de rechtbank zien dat een vergunningsaanvraag in beginsel als één geheel moet worden beoordeeld. Het college mag niet zelfstandig in een aanvraag “knippen” om het wel-vergunbare deel toe te staan, tenzij er sprake is van een wijziging van ondergeschikte aard. In casu was het niet-vergunbare deel te omvangrijk, waardoor de gehele aanvraag strandde. Voor de praktijk betekent dit dat de aanvraag richtinggevend is. Voor het college geldt dat het niet buiten de aanvraag om, delen kan vergunnen. Voor de aanvrager betekent dit dat hij bij het indienen van de aanvraag goed moet nadenken over de opbouw, zodat afzonderlijke onderdelen zo nodig ook los beoordeeld en vergund kunnen worden.

Contact met Rutger Boogers

Rutger Boogers

Rutger Boogers

Contactformulier