In hoeverre hebben patiënten recht op inzage medisch dossier?

19 mrt 2021
Inzage in het medisch dossier

Patiënten en cliënten hebben recht op inzage in het medisch dossier. Hoever gaat deze inzage? Geldt dit ook voor nabestaanden?

Wet Geneeskundige Behandel Overeenkomst [WGBO]

Het recht op inzage is geregeld in de WGBO. De arts is verplicht om de patiënt inzage te geven in zijn medisch dossier en eventueel een afschrift hiervan te verstrekken. Dit geldt ook voor informatie die van andere behandelend artsen afkomstig is, zoals verwijsbrieven, ontslagbrieven e.d.

Voor kopieën van de medische gegevens mag de arts/zorgverlener geen kosten in rekening brengen. Wel mag er een redelijke vergoeding gevraagd worden als de patiënt meer dan alleen een kopie vraagt.

Het recht op inzage in, en een afschrift van het medisch dossier geldt, naast de patiënt, ook voor personen die [op grond van een machtiging] de patiënt vertegenwoordigen, zoals wettelijk vertegenwoordigers en advocaten.

Uitzonderingen
  • De arts of zorgverlener mag het verzoek tot inzage alleen weigeren als de persoonlijke levenssfeer van een ander door de inzage wordt geschaad en als diens belang een overwegend karakter heeft. De arts of zorgverlener zal dus moeten beoordelen of de persoonlijke levenssfeer van een ander door de inzage wordt geschonden en dit belang groter is dan het belang van de patiënt om zijn dossier in te zien.
  • Persoonlijke werkaantekeningen van de arts/zorgverlener behoren niet tot het medisch dossier en vallen dus buiten het inzagerecht van de patiënt/cliënt.
Uitzonderingen in zorg op basis van Wmo

De zorgverlener hoeft geen inzage aan de betrokkene te geven:

  • In situaties van huiselijk geweld of kindermishandeling,
  • Als er onderzoek plaatsvindt naar een vermoeden van huiselijk geweld of kindermishandeling.
Nabestaanden

Na het overlijden van de patiënt gaat het inzagerecht niet automatisch over op de nabestaanden. Tot januari 2020 kon een arts/zorgverlener op grond van de WGBO  een nabestaande alleen inzage geven in het medisch dossier van een overleden patiënt als de patiënt daarvoor toestemming had gegeven. Mondelinge toestemming is onvoldoende. De patiënt moet de toestemming schriftelijk vastleggen of bespreken met arts waarna het in zijn medisch dossier komt te staan.

Vanaf 1 januari is de wet verder uitgewerkt en mag de arts/zorgverlener in de volgende gevallen inzage of afschrift van gegevens aan de nabestaanden verstrekken:

  1. Door bij leven schriftelijke toestemming door de overleden patiënt.
  2. Als de nabestaande een mededeling van de arts/zorgverlener ontvangt indien er een incident heeft plaatsgevonden. Op grond van de Wkkgz [Wet kwaliteit, klachten en geschillen] zijn zorgverleners verplicht elk incidente aan de patiënt, vertegenwoordiger dan wel nabestaande van de overleden cliënt te melden. Er wordt alleen inzage gegeven in dat deel van het dossier dat betrekking heeft op het incident.
  3. Als de nabestaande een zwaarwegend belang heeft bij inzage en er voldoende concrete aanwijzingen zijn dat dit belang wordt geschaad en inzage hierom noodzakelijk is. Een zwaarwegend belang kan bijvoorbeeld het vermoeden van een medische fout zijn.
  4. De overleden patiënt jonger dan 16 jaar is.

Conclusie en aanbevelingen

Om de persoonlijke levenssfeer van anderen dan de patiënt niet te schenden [bv familie] is het goed om geen informatie van anderen in het dossier van de patiënt op te nemen, zonder medeweten van patiënt. Personen die informatie over een patiënt verstrekken, en niet willen dat de patiënt dit te weten komt, moeten hierop gewezen worden. Alleen als het noodzakelijk is voor een goede hulpverlening kan de zorgverlener, zonder medeweten van de patiënt, wel informatie van anderen opnemen.

Het inzagerecht voor nabestaanden is per 1 januari 2020  in de WGBO gelukkig uitgebreid. Immers toestemming van de patiënt bij leven is er vaak niet.  Een ‘veronderstelde toestemming’ is [nog] niet opgenomen in de wet.

Het is altijd goed om met een patiënt te bespreken wie welke gegevens uit zijn dossier mag inzien na zijn overlijden en dit vervolgens vast te leggen in het medisch dossier.

Edith de Koning