Is een schoonzoon te vertrouwen?

18 aug 2020

Een man op leeftijd heeft al jaren een bankrekening bij Rabobank. Omdat deze man niet handig is met computers en ook geen mobiele telefoon heeft, helpt zijn schoonzoon hem sinds december 2014 met het doen van zijn bankzaken. Telkens als de schoonzoon op bezoek is bij zijn schoonvader, zet de schoonzoon de betalingen klaar die zijn schoonvader moet verrichten. De schoonvader bevestigt deze betalingen vervolgens met zijn bankpas, pincode en  Rabo scanner, waarna de betreffende bedragen worden afgeschreven van de bankrekening van de schoonvader. Tot zover gaat alles goed.

Extra betalingen

Wat blijkt echter? De schoonzoon zet niet alleen de betalingen klaar die zijn schoonvader moet verrichten, maar zet tussen deze betalingen ook betalingen naar zijn eigen bankrekening. Op het moment dat de schoonvader de klaargezette betalingen dus accordeert, worden er ook betalingen verricht aan de schoonzoon zonder dat de schoonvader dit weet. Ook heeft de schoonzoon ervoor gezorgd dat zijn schoonvader geen papieren bankrekeningafschriften meer ontvangt, maar enkel nog digitale bankrekeningafschriften krijgt. Aangezien de schoonvader zoals gezegd niet handig is met computers, maakt dit het extra moeilijk voor de schoonvader om de betaalde bedragen te controleren. Bovendien heeft de schoonzoon eind 2015, zonder medeweten van zijn schoonvader, zijn eigen mobiele telefoon geregistreerd als betaalinstrument in gebruik bij zijn schoonvader. Hierdoor kan de schoonzoon via zijn mobiele telefoon bedragen van de bankrekening van zijn schoonvader naar zijn eigen bankrekening overschrijven zonder dat zijn schoonvader deze betalingen hoeft te accorderen.

vertrouwen

Ontdekt

Op 23 december 2016 ontdekt de schoonvader dat zijn schoonzoon in twee jaar tijd een bedrag van ruim € 76.000,- heeft verduisterd. De schoonvader doet direct aangifte bij de politie en meldt de fraude bij de bank. De schoonvader stelt de bank vervolgens aansprakelijk voor de bedragen die naar zijn schoonzoon zijn overgeschreven. De bank stelt echter dat zij niet aansprakelijk is voor de schade van de schoonvader, omdat de schoonvader de betalingen aan zijn schoonzoon zelf heeft goedgekeurd. Ook heeft de schoonvader volgens de bank toestemming gegeven voor het registreren van de mobiele telefoon van de schoonzoon als betaalinstrument.

Niet-toegestane betalingen?

De vraag waar het vervolgens om draait, is of hier sprake is van niet-toegestane betalingen volgens de wet over betalingstransacties. En indien dat het geval is, is de schoonvader daarbij dan wel of niet grof nalatig geweest? Als uitgangspunt voor de beoordeling van deze vragen heeft de Commissie van Beroep financiële dienstverlening van Kifid (“Commissie van Beroep”) zich gebaseerd op de (toenmalige) Europese richtlijn voor betalingsdiensten (PSD1).

De schoonvader ontkent dat hij de betalingen aan zijn schoonzoon heeft toegestaan. Hij heeft nooit zijn bankpas en pincode afgegeven en heeft zijn schoonzoon nooit gemachtigd om zijn betalingen te doen of hem toegang gegeven tot zijn bankrekening. Enkel vertrouwde hij op de hulp van zijn schoonzoon bij het doen van zijn bankzaken.

De Commissie van Beroep is het met de schoonvader eens. Het argument van de bank dat volgens de bankadministratie voor de betalingen de Rabo scanner en later de bankieren app is gebruikt, is niet voldoende bewijs dat de schoonvader de betalingen aan zijn schoonzoon heeft toegestaan. De betalingen naar de schoonzoon zijn dus niet-toegestane betalingen. Dit heeft tot gevolg dat de bank naar het oordeel van de Commissie van Beroep de niet-toegestane betalingen tot 13 maanden voorafgaand aan de ontdekking en melding daarvan moet terugbetalen aan de schoonvader. Dit betreft een bedrag van € 21.800,-. Dat de schoonvader de fraude eerder had kunnen ontdekken, maakt daarbij geen verschil. De schoonvader heeft de fraude direct na ontdekking gemeld en dat is voldoende.

Schoonvader nalatig?

Vervolgens moest de Commissie van Beroep beoordelen of de schoonvader grof nalatig is geweest door op zijn schoonzoon te vertrouwen bij het doen van betalingen. De Commissie van Beroep is van mening – anders dan de Geschillencommissie in haar eerdere uitspraak – dat dit niet het geval is. Van grove nalatigheid zou bijvoorbeeld sprake kunnen zijn indien de schoonvader zijn pincode en/of bankpas bewust aan zijn schoonzoon had gegeven, indien hij zijn schoonzoon had gemachtigd om zijn bankzaken voor hem te regelen of indien hij de Rabo Bankieren app bewust op de mobiele telefoon van zijn schoonzoon had gezet. Dat alles is echter niet gebeurd. Wel is de Commissie van Beroep van mening dat de schoonvader enige nalatigheid kan worden verweten. Om die reden komt het eigen risico van € 150,- bij het vergoeden van niet-toegestane betalingstransacties wel voor zijn rekening.

Conclusie: in dit geval blijkt de schoonzoon niet te vertrouwen. Hopelijk is dit een uitzondering!

De volledige uitspraak van de Commissie van Beroep is hier te vinden.

Dit artikel is geschreven door Lisan Vermeer, advocaat ondernemingsrecht bij BG.legal.

Lisan Vermeer