Wetsvoorstel Werk en Zekerheid goedgekeurd; wat zijn de wijzigingen per 1 juli 2014?

26 feb 2014

Op 18 februari 2014 heeft de Tweede Kamer het wetsvoorstel Werk en Zekerheid, met de nodige amendementen en moties goedgekeurd.

Onderstaand volgen in het kort de belangrijkste wijzigingen die nu al de aandacht verdienen, omdat deze, zoals het er nu naar uitziet vanaf juli 2014 in werking treden.

Vanaf 1 juli 2014:

Concurrentiebeding

Met betrekking tot het concurrentiebeding zijn er een aantal wijzigingen. Bij een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd geldt straks als hoofdregel dat het concurrentiebeding vanaf 1 juli 2014 niet meer mag worden overeengekomen. Alleen in uitzonderlijke situaties is het mogelijk om toch bij een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd een concurrentiebeding overeen te komen. In dat geval zal gemotiveerd moet worden waarom in deze situatie een concurrentiebeding, gelet op de zwaarwegende bedrijfsbelangen nodig is. Tot 1 juli 2014 kunnen nog wel de huidige concurrentiebedingen in de arbeidsovereenkomst worden opgenomen. Het kan dus van belang zijn om voor 1 juli 2014 een concurrentiebeding in de arbeidsovereenkomst op te nemen.

Aanzegtermijn bij beëindiging van het dienstverband

Vanaf 1 juli 2014 zal bij arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd die langer duren dan 6 maanden een aanzegtermijn gaan gelden. Dit houdt in dat een werknemer waarvan het tijdelijke dienstverband niet wordt verlengd, dit uiterlijk één maand voor het einde van het dienstverband medegedeeld moet krijgen. De sanctie hierop is een boete in de vorm van een vergoeding die kan oplopen tot maximaal één maandsalaris. Van belang is om de administratie zodanig in te richten dat tijdig wordt aangegeven wanneer een arbeidsovereenkomst eindigt, zodat dit tijdig kan worden gecommuniceerd.

Proeftijd

Bij arbeidsovereenkomsten met een duur van minder dan zes maanden kan geen proeftijd meer worden overeengekomen. Voorts is van belang dat wanneer een arbeidsovereenkomst voor zes maanden wordt opgevolgd door een arbeidsovereenkomst voor een duur langer dan zes maanden of voor onbepaalde tijd, in beginsel ook geen proeftijd meer kan worden opgenomen. Daarbij gaat de wetgever ervan uit dat er voldoende kennis is bij de werkgever over de geschiktheid van de werknemer voor de verrichte werkzaamheden. Dit is natuurlijk anders in het geval de werknemer wezenlijk andere werkzaamheden gaat verrichten. Het kan derhalve van belang zijn om een goede afweging te maken omtrent de duur van de arbeidsovereenkomst.

Overgangsrecht

De bovenstaande wijzigingen zijn van kracht vanaf 1 juli 2014. Reeds bestaande arbeidsovereenkomsten op die datum vallen nog onder het huidige recht, maar bij nieuwe arbeidsovereenkomsten moeten bovenstaande wijzigingen worden gehanteerd.

Inwerkingtreding ketenregeling uitgesteld tot 1 juli 2015

De wijzigingen met betrekking tot de keten van tijdelijke contracten zou in werking treden per 1 juli 2014. Deze inwerkingtreding is uitgesteld tot 1 juli 2015. Vanaf 1 juli 2015 zullen werknemers eerder een vast dienstverband krijgen dan nu het geval is. Er kunnen maximaal drie arbeidsovereenkomsten in twee jaar worden gesloten, met tussenpozen van maximaal zes maanden. Bij een vierde opvolgende arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, of als de laatste arbeidsovereenkomst de periode van twee jaar overschrijdt dan is er sprake van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Afwijking kan alleen bij cao en de afwijking is gemaximeerd naar zes arbeidsovereenkomsten in maximaal vier jaar. Van de zes maanden termijn mag niet worden afgeweken.

Vanzelfsprekend zal met ingang van 1 juli 2015 ook het nodige veranderen op het gebied van ontslagrecht. Hierover later meer. De verwachting is dat de Eerste Kamer spoedig zich over het wetsvoorstel zal buigen.

BG.legal