New York Times vs Open AI en Microsoft: een rechtszaak over AI en auteursrechtinbreuk

08 mrt 2024

Interessante ontwikkelingen in de rechtszaak New York Times/Microsoft betreffende AI en auteursrechtinbreuk. Dit is er één in een handvol rechtszaken die draaien om AI, auteursrecht en vermeende inbreuk, die door verschillende partijen in met name de VS begonnen zijn.

The New York Times (NYT) spreekt Open AI en diens grootste investeerder Microsoft erop aan dat zij content van de bekende krant gebruiken om generative AI en large language models (LLM) zoals Chat-GPT te trainen. Ze brachten de zaak eind december 2023 voor de rechter wegens (kort samengevat) auteursrechtinbreuken en oneerlijke concurrentie. Een van de argumenten is dat hoewel de AI van de gedaagden de data uit vele bronnen haalde, er specifieke nadruk werd gelegd op het werk van NYT en de gedaagden zonder toestemming of betaling profiteerden van de gigantische investeringen die NYT heeft gedaan in haar journalistiek. NYT ziet dit vermeende onrechtmatige gebruik als een gevaar voor de diensten die zij als krant biedt en zelfs voor de onafhankelijke journalistiek en de democratie.

Microsoft en Open AI gaan natuurlijk tegen de vorderingen van NYT in. Dit onder meer omdat NYT haar argument dat het gebruik door het publiek van Chat-GPT schade aan de kant brengt, niet nader onderbouwt. Eerder argumenteerde Open AI al dat iemand de producten van Open AI moest hacken om voorbeelden van auteursrechtinbreuk te vinden en dat NYT tienduizenden pogingen moest doen om tot deze afwijkende resultaten te komen, waarbij ze ook nog eens de algemene voorwaarden van Open AI schonden. Beide partijen argumenteren dat Chat-GPT de data slechts gebruikt om het systeem taal te leren gebruiken, wat volgens het Amerikaanse recht mag onder de fair use-uitzondering (NB: in Nederland kennen we geen fair use-uitzondering), een redenering die NYT juist onderuit probeert te halen.

Deze zaak zal door ons in de gaten gehouden worden, in afwachting van een vonnis.

Yvonne Vetjens 1