Publicatie

WP_Query Object
(
    [query] => Array
        (
            [paged] => 6
            [news-type] => publicatie
        )

    [query_vars] => Array
        (
            [paged] => 6
            [news-type] => publicatie
            [error] => 
            [m] => 
            [p] => 0
            [post_parent] => 
            [subpost] => 
            [subpost_id] => 
            [attachment] => 
            [attachment_id] => 0
            [name] => 
            [pagename] => 
            [page_id] => 0
            [second] => 
            [minute] => 
            [hour] => 
            [day] => 0
            [monthnum] => 0
            [year] => 0
            [w] => 0
            [category_name] => 
            [tag] => 
            [cat] => 
            [tag_id] => 
            [author] => 
            [author_name] => 
            [feed] => 
            [tb] => 
            [meta_key] => 
            [meta_value] => 
            [preview] => 
            [s] => 
            [sentence] => 
            [title] => 
            [fields] => 
            [menu_order] => 
            [embed] => 
            [category__in] => Array
                (
                )

            [category__not_in] => Array
                (
                )

            [category__and] => Array
                (
                )

            [post__in] => Array
                (
                )

            [post__not_in] => Array
                (
                )

            [post_name__in] => Array
                (
                )

            [tag__in] => Array
                (
                )

            [tag__not_in] => Array
                (
                )

            [tag__and] => Array
                (
                )

            [tag_slug__in] => Array
                (
                )

            [tag_slug__and] => Array
                (
                )

            [post_parent__in] => Array
                (
                )

            [post_parent__not_in] => Array
                (
                )

            [author__in] => Array
                (
                )

            [author__not_in] => Array
                (
                )

            [ignore_sticky_posts] => 
            [suppress_filters] => 
            [cache_results] => 1
            [update_post_term_cache] => 1
            [update_menu_item_cache] => 
            [lazy_load_term_meta] => 1
            [update_post_meta_cache] => 1
            [post_type] => 
            [posts_per_page] => 10
            [nopaging] => 
            [comments_per_page] => 50
            [no_found_rows] => 
            [taxonomy] => news-type
            [term] => publicatie
            [order] => DESC
        )

    [tax_query] => WP_Tax_Query Object
        (
            [queries] => Array
                (
                    [0] => Array
                        (
                            [taxonomy] => news-type
                            [terms] => Array
                                (
                                    [0] => publicatie
                                )

                            [field] => slug
                            [operator] => IN
                            [include_children] => 1
                        )

                )

            [relation] => AND
            [table_aliases:protected] => Array
                (
                    [0] => wp_term_relationships
                )

            [queried_terms] => Array
                (
                    [news-type] => Array
                        (
                            [terms] => Array
                                (
                                    [0] => publicatie
                                )

                            [field] => slug
                        )

                )

            [primary_table] => wp_posts
            [primary_id_column] => ID
        )

    [meta_query] => WP_Meta_Query Object
        (
            [queries] => Array
                (
                )

            [relation] => 
            [meta_table] => 
            [meta_id_column] => 
            [primary_table] => 
            [primary_id_column] => 
            [table_aliases:protected] => Array
                (
                )

            [clauses:protected] => Array
                (
                )

            [has_or_relation:protected] => 
        )

    [date_query] => 
    [queried_object] => WP_Term Object
        (
            [term_id] => 28
            [name] => Publicatie
            [slug] => publicatie
            [term_group] => 0
            [term_taxonomy_id] => 28
            [taxonomy] => news-type
            [description] => 
            [parent] => 0
            [count] => 132
            [filter] => raw
        )

    [queried_object_id] => 28
    [request] => 
					SELECT SQL_CALC_FOUND_ROWS  wp_posts.ID
					FROM wp_posts  LEFT JOIN wp_term_relationships ON (wp_posts.ID = wp_term_relationships.object_id) LEFT  JOIN wp_icl_translations wpml_translations
							ON wp_posts.ID = wpml_translations.element_id
								AND wpml_translations.element_type = CONCAT('post_', wp_posts.post_type) 
					WHERE 1=1  AND ( 
  wp_term_relationships.term_taxonomy_id IN (28)
) AND ((wp_posts.post_type = 'post' AND (wp_posts.post_status = 'publish' OR wp_posts.post_status = 'acf-disabled' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-success' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-failed' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-schedule' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-pending' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-draft'))) AND ( ( ( wpml_translations.language_code = 'nl' OR (
					wpml_translations.language_code = 'nl'
					AND wp_posts.post_type IN ( 'attachment' )
					AND ( ( 
			( SELECT COUNT(element_id)
			  FROM wp_icl_translations
			  WHERE trid = wpml_translations.trid
			  AND language_code = 'nl'
			) = 0
			 ) OR ( 
			( SELECT COUNT(element_id)
				FROM wp_icl_translations t2
				JOIN wp_posts p ON p.id = t2.element_id
				WHERE t2.trid = wpml_translations.trid
				AND t2.language_code = 'nl'
				AND (
					p.post_status = 'publish' OR 
					p.post_type='attachment' AND p.post_status = 'inherit'
				)
			) = 0 ) ) 
				) ) AND wp_posts.post_type  IN ('post','page','attachment','wp_block','wp_template','wp_template_part','wp_navigation','acf-field-group','bwl_advanced_faq','tribe_venue','tribe_organizer','tribe_events','mc4wp-form','slider-data','actualiteiten','accordion','failissementens','advocaten','blogs','seminar','juridisch-medewerker' )  ) OR wp_posts.post_type  NOT  IN ('post','page','attachment','wp_block','wp_template','wp_template_part','wp_navigation','acf-field-group','bwl_advanced_faq','tribe_venue','tribe_organizer','tribe_events','mc4wp-form','slider-data','actualiteiten','accordion','failissementens','advocaten','blogs','seminar','juridisch-medewerker' )  )
					GROUP BY wp_posts.ID
					ORDER BY wp_posts.menu_order, wp_posts.post_date DESC
					LIMIT 50, 10
				
    [posts] => Array
        (
            [0] => WP_Post Object
                (
                    [ID] => 11905
                    [post_author] => 8
                    [post_date] => 2018-03-18 10:44:06
                    [post_date_gmt] => 2018-03-18 09:44:06
                    [post_content] => Het einde van een huwelijk kan erg pijnlijk zijn. Een echtscheidingsprocedure kan dat verergeren. Je kunt je partner als vijand gaan beschouwen en de echtscheiding zien als een strijd, je kunt je verward of boos voelen en verscheurd worden door gevoelens van verlies en onmacht, je kunt je dan niet voorstellen dat er een einde aan de echtscheiding komt en hoe je na de scheiding aan een toekomst kunt bouwen. Maar het kan anders, een aantal deskundigen op het gebied van echtscheiding heeft gezocht naar een beter alternatief. Dat heeft geleid tot de ontwikkeling van het Collaborative Divorce Model, de Overlegscheiding. Met meerdere deskundigen aan tafel en zonder ruzie met respect voor elkaar je echtscheiding regelen. Een mooi alternatief!
Voordeel van overlegscheiden
Overlegscheiden kent veel voordelen. Het belangrijkste kenmerk van overlegscheiden (collaborative divorce) is, dat de scheiding in overleg geregeld wordt, dus zonder rechtszaak. Zo is het veel sneller afgerond dan een echtscheidingsprocedure die kan ontaarden in een ‘vechtscheiding’. Het is per saldo ook voordeliger. Overlegscheiden gebeurt in alle rust en openheid, met respect voor elkaar. Dat leidt tot duurzame oplossingen waar je allebei achter staat en waar meer ruimte is voor persoonlijke wensen en belangen.
Meer dan mediation; Ieder een eigen advocaat
Anders dan bij mediation hebben beide partners een eigen advocaat. Iemand die er voor jouw belangen is, maar niet tegen de vader of de moeder van je kinderen strijdt. Er is een derde persoon, een coach die het proces leidt en om ruimte te geven aan de emoties die uiteraard meespelen en eventueel een vierde persoon, een financieel expert voor de zakelijke kant van het geheel. Zo nodig kan er een kindercoach aan het team worden toegevoegd. Op deze manier wordt alle expertise bij elkaar gebracht om een scheiding respectvol, efficiënt en duurzaam af te sluiten.
Hoe werkt het?
Met het team van beide ex-partners, advocaten en deskundigen worden vergaderingen gehouden waarin informatie wordt uitgewisseld en waarin je behoeften en verwachtingen kunt uitspreken. Transparant en in alle redelijkheid. Het is belangrijk dat alle communicatielijnen open blijven. Alleen als alle knelpunten worden besproken, kunnen ze ook worden aangepakt.
Overlegscheiden is interessant voor:
  • mensen die een scheiding overwegen en kinderen hebben;
  • ondernemers die een scheiding overwegen;
  • mensen die uit elkaar willen, maar waarbij tussen hen grote verschillen bestaan in balans, kennis en/of verwerking.
De sectie Familierechtadvocaten van Bogaerts & Groenen advocaten leveren laagdrempelige en hoogwaardige kwaliteit. Nu ook voor uw overlegscheiding. Meer weten? Elke donderdagochtend van 09.00 tot 10.30u is er een gratis spreekuur in Villa Oldenburg te Vught. Ook in Oisterwijk, Tilburg, Boxtel en Son zijn de spreekuren gratis. U kunt natuurlijk ook voor een mediation kiezen. Wat geschikt voor u is bespreken wij graag met u. Voor meer informatie; neem contact op met Liedeke Floris (088 – 1410814). Dit artikel is gepubliceerd in 073Magazine, maart 2018. [post_title] => Scheiden kan ook anders: de overlegscheiding [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => scheiden-ook-anders-overlegscheiding [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2020-01-28 08:56:46 [post_modified_gmt] => 2020-01-28 07:56:46 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bgadvocaten.nl?p=11905 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [1] => WP_Post Object ( [ID] => 17416 [post_author] => 26 [post_date] => 2018-01-19 09:13:03 [post_date_gmt] => 2018-01-19 08:13:03 [post_content] => De pleger van de onrechtmatige daad is gehouden de schade te vergoeden die de ander als gevolg van deze daad heeft geleden. Deze schade bestaat uit vermogensschade en ander nadeel, dit laatste voor zover de wet op vergoeding hiervan recht geeft, aldus artikel 6:95 BW. Een belangrijk nadeel dat door de betrokkene wordt geleden is de schade die de betrokkene heeft geleden over de periode waarop hij/zij op deze vergoeding heeft moeten wachten. Hierbij kan onder meer gedacht worden aan de ontwaarding van de vordering als gevolg van inflatie. De wijze van vaststelling van deze schade vormt op zichzelf al voldoende stof tot discussie. In het belang van de rechtszekerheid is daarom gekozen voor een vastgesteld gefixeerd percentage, de zogeheten wettelijke rente. In dit artikel wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste aspecten van de wettelijke rente bij aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad. Aan bod komen respectievelijk de fixatie van de schade, de opeisbaarheid en de verhouding met de wettelijke handelsrente. De wettelijke rente is neergelegd in artikel 6:119 BW en bestaat uit de schadevergoeding, verschuldigd wegens vertraging in de voldoening van een geldsom over de tijd dat de schuldenaar met de voldoening daarvan in verzuim is geweest, aldus lid 1. Onder geldsom wordt verstaan "alle geldschulden, zowel uit overeenkomst of andere rechtshandeling als rechtstreeks uit de wet, daaronder begrepen vorderingen tot schadevergoeding, onverschillig op welke grond de schadevergoeding verschuldigd is", aldus de wetgever.1 Over de hoogte van het rentepercentage bieden de minister van Justitie en de minister van Financiën bij algemene maatregel van bestuur duidelijkheid. Dit is verankerd in artikel 6:120 BW.
Gefixeerde vertragingsschade
De invoering van een gefixeerd percentage zorgt ervoor dat de schuldeiser niet hoeft te bewijzen dat als gevolg van vertraging schade wordt geleden en hoe groot deze schade is geweest. Dit komt de rechtszekerheid ten goede. Aan de andere kant vertegenwoordigt dit bedrag ook alle schade die is opgetreden als gevolg van de vertraging in de betaling van een geldsom. Er kan dan ook naast de wettelijke rente geen aanspraak worden gemaakt op andere vertragingsschade. De wettelijke rente is echter van regelend recht. Lid 3 van artikel 6:119 BW biedt de mogelijkheid dat partijen onderling in plaats van de wettelijke rente een hoger rentepercentage overeenkomen. Deze bedongen rente treedt dan in de plaats van de wettelijke rente. Lid 3 lijkt echter vooral van belang wanneer sprake is van een toerekenbare tekortkoming in de nakoming van de verbintenis. Het zal in de praktijk immers niet vaak voorkomen dat partijen expliciet overeenkomen om een hogere rente te hanteren. Overigens heeft de rechter wel de mogelijkheid om in afwijking van artikel 6:119 lid 1 de werkelijke schade toe te wijzen. Zo bestond in een arrest uit 2015 de vertragingsschade uit het betalen van rente voor een lening, welke afgelost had kunnen worden, indien de betaling van de schuldenaar eerder was gevolgd. De renteverplichtingen uit hoofde van de lening waren echter hoger dan de vergoeding op grond van artikel 6:119 lid 1 BW. Aangezien de schuldenaar geen verweer had gevoerd tegen de betaling van de rente op de lening, werd geacht dat de schuldenaar deze vergoeding aanvaardt in plaats van de wettelijke rente.2 Een uitzondering op het uitgangspunt dat het bedrag aan wettelijke rente alle schade vertegenwoordigt die is opgetreden als gevolg van de vertraging in de betaling van een geldsom is te vinden in artikel 6:125 lid 1 BW: "Artikel 119 laat onverlet het recht van de schuldeiser op vergoeding van de schade die hij heeft geleden, doordat na het intreden van het verzuim de koers van het geld tot betaling waarvan de verbintenis strekt, zich ten opzichte van die van het geld van een of meer andere landen heeft gewijzigd." Lid 2 van artikel 6:125 BW begrenst het eerste lid: "Het vorige lid is niet van toepassing, indien de verbintenis strekt tot betaling van Nederlands geld, de betaling in Nederland moet geschieden en de schuldeiser op het tijdstip van het ontstaan van de verbintenis zijn woonplaats in Nederland had." De toepassing van dit artikel zal echter niet snel voorkomen ingeval van een onrechtmatige daad.
Opeisbaarheid en rente op rente
Artikel 6:119 BW zegt dat de wettelijke rente verschuldigd is over de tijd dat de schuldenaar met de voldoening in verzuim is geweest. De wet lijkt duidelijk te zijn over de vraag wanneer het verzuim intreedt ingeval van een onrechtmatige daad. Artikel 6:83 BW aanhef en onder b bepaalt: "Het verzuim treedt zonder ingebrekestelling in wanneer de verbintenis voortvloeit uit onrechtmatige daad..." In veel gevallen is echter denkbaar dat de schade ten tijde van de daad nog niet vaststaat. De Hoge Raad overwoog in zijn arrest uit 2017: "het feit dat de omvang van een vordering voorshands nog niet vaststaat, brengt niet mee dat die vordering nog niet opeisbaar is. Ook indien de omvang van een vordering tot schadevergoeding pas in een later stadium komt vast te staan - bijvoorbeeld na bewijslevering, dan wel in een afzonderlijke procedure zoals een schadestaat, een procedure voor een buitenlandse rechter of een arbitraal geding - is die vordering opeisbaar vanaf het moment dat de schade is geleden en aan de voorwaarden voor aansprakelijkheid is voldaan." In de Parlementaire Geschiedenis wordt hieraan toegevoegd: "maar wordt de schade vastgesteld op bepaalde in concreto gemaakte kosten (bijv. in geval van letselschade, ziekenhuiskosten), dan zal men kunnen aannemen dat de opeisbaarheid pas ontstaat, doordat de benadeelde deze kosten opeisbaar verschuldigd wordt. Zo zal het ook bij schade die van een toekomstige onzekere gebeurtenis afhangt, verschil maken of deze schade bij voorbaat wordt vastgesteld op een bedrag ineens, dan wel aan de aansprakelijke persoon een uitkering wordt opgelegd waarvan de termijnen pas in de toekomst telkens opeisbaar zullen worden." De veelvoorkomende omstandigheid dat het langere tijd zal duren voordat de aansprakelijkheid of de omvang van de vordering vaststaat, heeft ook tot gevolg dat de rentevordering op haar beurt ook weer verhoogd kan worden met rente, de zogenaamde rente op rente. Artikel 6:119 lid 2 BW zegt dat "telkens na afloop van een jaar het bedrag waarover de wettelijke rente wordt berekend, vermeerderd wordt met de over dat jaar verschuldigde rente." Dit betekent dat van rechtswege na een jaar de rente op haar beurt ook weer met rente wordt belast. Wanneer met toepassing van lid 2 van artikel 6:119 BW partijen echter een hogere rente hebben bedongen of in het geval de rechter de werkelijke schade uit hoofde van de vertraging van toepassing verklaart, wordt lid 2 eveneens van toepassing geacht.3
Wettelijke rente versus wettelijke handelsrente
Naast de wettelijke rente is als gevolg van de inwerkingtreding van Richtlijn 2000/35/EG, inmiddels opgevolgd door Richtlijn 2011/7/EU van 16 februari 2011, artikel 6:119a BW ingevoerd, waarin de wettelijke handelsrente is verankerd. Deze Richtlijn had ten doel om betalingsachterstanden bij handelstransacties te voorkomen en gaf een regeling voor alle handelstransacties tussen ondernemingen en onderneming en overheidsinstanties, wanneer de transactie betrekking had op het leveren van goederen of het verrichten van diensten tegen een vergoeding. Een onderdeel van het wijzigingspakket om betalingsachterstanden zoveel mogelijk te voorkomen, was de toepasselijkheid van een hoger rentetarief om ondernemingen te stimuleren tijdig te betalen. Hoewel de casus geen betrekking had op een schadevergoeding uit onrechtmatige daad, heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in het arrest van 10 oktober 2017 meer duidelijkheid verschaft over de toepasselijkheid van de wettelijke handelsrente. Het Gerechtshof verwijst naar een eerdere uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 15 december 2016. In dat arrest wordt het begrip 'handelstransactie' gedefinieerd als iedere transactie tussen ondernemingen of tussen ondernemingen en overheidsinstanties die leidt tot het leveren van goederen of het verrichten van diensten tegen vergoeding. Onder onderneming wordt in dat kader volgens het Hof van Justitie verstaan: elke organisatie die handelt in het kader van haar zelfstandige economische of beroepsmatige activiteit, ook wanneer deze door slechts één persoon wordt uitgeoefend. Om te bepalen of een persoon in die hoedanigheid, in het kader van een gestructureerde en duurzame zelfstandige economische of beroepsmatige activiteit handelt en of bijgevolg de door hem gesloten transacties handelstransacties in de zin van die bepaling zijn, moeten dan ook alle betrokken omstandigheden in de beschouwing worden betrokken. Als voorbeelden van dergelijke omstandigheden worden genoemd: het feit dat de betrokken persoon onder zijn handelsnaam of beroepsnaam handelt en dat voor de gesloten transactie een factuur wordt uitgereikt.4 Voor toepassing van de wettelijke handelsrente is het van belang dat de vordering haar grondslag blijft vinden in de vertraging tot nakoming. Wanneer de schuldeiser besluit gebruik te maken van de mogelijkheid tot ontbinding ingevolge artikel 6:265 BW ontstaat een hieruit voortvloeiende schadevergoeding. In een arrest uit 2016 kwam de Hoge Raad tot de overweging dat deze schadevergoeding geen vertraagde vordering tot nakoming betreft en dan ook niet onder de werking van artikel 6:119a BW valt.5 Ondanks het feit dat de wettelijke handelsrente in de praktijk met enige regelmaat onder de noemer "wie niet waagt, wie niet wint" wordt gevorderd als schade uit een onrechtmatige daad, wordt deze vordering in de regel terecht afgewezen. De verwerende partij dient hier evenwel alert op te zijn en verweer te voeren.
Conclusie
Hoewel de wet veel duidelijkheid verschaft over de wettelijke rente ingeval van een onrechtmatige daad is deze niet in beton gegoten. Ondanks verwoede pogingen om de wettelijke handelsrente toegepast te krijgen ingeval van onrechtmatige daad, lijkt de deur inmiddels definitief te zijn gesloten. Het rentepercentage is echter niet geheel gefixeerd. Naast de mogelijkheid die de wet aan partijen biedt om een hoger rentepercentage overeen te komen, kan de benadeelde partij zich ook gemotiveerd in een procedure op het standpunt stellen dat een ander percentage zou moeten worden gehanteerd. De rechter heeft de mogelijkheid de daadwerkelijke schade toe te wijzen. Wanneer de wederpartij vervolgens ook nalaat het bedrag te betwisten, loopt deze een vergroot risico dat alsnog een hoger rentebedrag zal worden toegewezen. Dit artikel is gepubliceerd in Juridisch up to Date, 31 december 2017. [post_title] => De wettelijke rente bij aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => de-wettelijke-rente-bij-aansprakelijkheid-uit-onrechtmatige-daad [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2022-01-03 10:54:53 [post_modified_gmt] => 2022-01-03 09:54:53 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=17416 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [2] => WP_Post Object ( [ID] => 11789 [post_author] => 8 [post_date] => 2017-12-20 10:49:40 [post_date_gmt] => 2017-12-20 09:49:40 [post_content] => Jaren geleden heb ik mij zeer druk gemaakt als advocaat voor een vader met twee kinderen waarvan de moeder naar Amerika wilde verhuizen. De vader zag de kinderen twee dagen door de week en om de week het gehele weekend. De moeder had een nieuwe vriend in Amerika en wilde daar naartoe verhuizen met de kinderen. De vader was het daar niet mee eens, omdat het ondraaglijk voor hem was om de kinderen niet elke week bij zich te hebben. Een rechtszaak en een onderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming kwamen eraan te pas om te voorkomen dat moeder zou verhuizen en dat de vader het contact met zijn kinderen zou verliezen. In die tijd hadden we nog geen WhatsApp of facetime, zodat slechts per telefoon contact mogelijk was. Toch besliste de rechtbank destijds dat moeder met de kinderen mocht vertrekken. Een zware klap voor cliënt. Inmiddels zijn er heel wat jaren verstreken en is de rechtspraak op dit punt volop in beweging. Zo had ik jaren later een cliënt waarvan de ex-vrouw met 5 jarig kind was vertrokken naar haar nieuwe vriend in Emmen. De inzet van die procedure was dat het kind bij vader in de gewone woonplaats van het kind zou moeten verblijven en dus terugkeren uit Emmen. Daarin gaf de rechtbank mijn cliënt gelijk, met name omdat het in het belang van het kind is in de eigen thuissituatie op te groeien. LET OP! Als partijen gezamenlijk gezag hebben, heb je toestemming van de andere ouder nodig om te verhuizen. Ook al is dat maar een paar kilometer verderop. Wat nu als de ander geen toestemming geeft ? Dan kan er in een procedure vervangende toestemming worden gevraagd bij de rechtbank. De belangen van beide partijen en het kind worden afgewogen door de rechtbank en de uitslag daarvan is niet op voorhand te zeggen. Als je niet met een goed onderbouwd verhaal komt, is de kans groot dat de verhuisdozen weer uitgepakt kunnen worden. Verhuizen zonder toestemming kan een ouder duur komen te staan: de rechter kan dan beslissen dat een ouder moet terugverhuizen of dat de kinderen bij de andere ouder gaan wonen. Mochten partijen in een zodanige probleemsituatie zitten, kan je er ook voor kiezen om een mediationtraject te volgen. Aan de mediationtafel worden dan alle onderliggende belangen besproken en wellicht kan er dan alsnog een voor beide partijen draaglijke oplossing worden gevonden. Dat is zeker in het belang van de kinderen die het betreft, en uiteraard ook voor de ouders. De vfasadvocaten en mediators van Bogaerts en Groenen advocaten staan u graag bij. Zij leveren laagdrempelige en hoogwaardige kwaliteit. Elke donderdagochtend van 09.00 tot 10.30 u is er een gratis spreekuur in Villa Oldenburg te Vught. Ook in Oisterwijk, Tilburg, Boxtel en Son is er een gratis spreekuur. [post_title] => Na een echtscheiding verhuizen met je kinderen? Let op! [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => echtscheiding-verhuizen-kinderen-let-op [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2021-11-29 15:37:27 [post_modified_gmt] => 2021-11-29 14:37:27 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bgadvocaten.nl?p=11789 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [3] => WP_Post Object ( [ID] => 11780 [post_author] => 16 [post_date] => 2017-12-18 10:31:22 [post_date_gmt] => 2017-12-18 09:31:22 [post_content] =>   Het is weer volop in het nieuws. Met name aanrijdingen met wild. Op de Veluwe lopen momenteel een record aantal wilde zwijnen rond. Het aantal aanrijdingen met wilde zwijnen op de Veluwe is het afgelopen jaar dan ook flink gestegen, maar ook in andere natuurgebieden in Nederland. Als een aanrijding plaats vindt dekt de verzekering dan de schade? Wat als je remt voor een dier en de auto achter je rijdt achterop? Wie is er aansprakelijk? Aanrijding dier en verzekering In geval van botsing met een dier heb je alleen dekking voor de autoschade als je beperkt casco of volledig casco bent verzekerd. Dus bij alleen een WA dekking draai jezelf voor de schade op. Heb je onverhoopt letselschade opgelopen dan is deze letselschade gedekt als je een schade verzekering inzittende hebt afgesloten [SVI]. Heb je een aanrijding met een huisdier en ben je alleen WA verzekerd dan kan je de schade verhalen op de eigenaar [indien bekend] van het dier. Achterop aanrijding door remmen voorste partij voor dieren Twee rechtsregels zijn hierbij van belang:
  • Je mag niet remmen zonder verkeersnoodzaak
  • Je moet voldoende afstand houden om je voertuig tot stilstand te kunnen brengen
In het zgn ‘Eendjesarrest” wordt over een dergelijke zaak maar liefst 17 jaar geprocedeerd tot aan de Hoge Raad toe. Het Eendjesarrest Op een provinciale weg remt A omdat hij zag dat een eend vanaf de andere weghelft zijn weghelft opkwam. De achteropkomende B botste op de auto van A. A stelt B aansprakelijk nu B onvoldoende afstand zou hebben gehouden. De verzekeraar van B erkent geen aansprakelijkheid. B had overigens op zijn schadeaangifteformulier wel aangegeven dat hij te weinig afstand had gehouden. De zaak komt voor de rechter[s]. Tijdens de procedure heeft de verzekeraar van B nog gesteld dat A kort voor de aanrijding plotseling en onnodig hard heeft geremd, bewijs hiervoor is niet geleverd. De rechter gaat hier dus niet in mee. A heeft namelijk al eerder aangegeven dat zijn snelheid was gezakt naar 50 km en pas daarna is gaan remmen. Hij heeft hiermee rekening gehouden met andere wegebruikers. In deze situatie is achterop aanrijder B aansprakelijk; Het is immers van algemene bekendheid, met name op provinciale wegen, een aanrijding als deze kan gebeuren en dit is niet zo uitzonderlijk dat bestuurder A en B daar bij hun rijgedrag geen rekening hoefde te houden. Voor bestuurder A betekent dit dat hij wel mocht remmen maar rekening moest houden met zijn achterop aanrijder. Voor bestuurder B betekent dit dat hij een afstand tot voertuig A moest aanhouden dat hij in staat was zijn auto tot stilstand te brengen zonder deze te raken, ook in een geval als dit waarin bestuurder A voor de op de weg lopende eend remde. Het hangt dus geheel af van de situatie wie aansprakelijk is. Ook is van belang wie wat kan bewijzen. De achterop aanrijder is niet zo maar aansprakelijk maar ook de remmende partij niet. Het is dus noodzakelijk om gegevens te noteren van getuigen, als die er zijn. Aanrijding voorkomen Het is vaak moeilijk een aanrijding met wild te voorkomen. Enkele tips;
  • Pas je snelheid aan in bosrijk gebied
  • Let op wildsignaleringsborden
  • Hou de wegbermen in de gaten op aanwezigheid van dieren
Mocht je toch een aanrijding met dieren krijgen bel dan de politie. De meldkamer brengt het onder de aandacht van de faunabeheerder. Die zorgt voor het vervoer van het dode dier of behandeling van het gewonde dier. Zwaar gewonde dieren kunnen dan ook tijdig uit hun lijden worden verlost. Overigens is het meenemen van aangereden dieren verboden en het doorrijden na een aanrijding met dieren is ook strafbaar. Dit artikel is gepubliceerd in “De Uitstraling” December 2017. [post_title] => Aanrijding met overstekende dieren [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => aanrijding-overstekende-dieren [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2020-01-28 08:56:51 [post_modified_gmt] => 2020-01-28 07:56:51 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bgadvocaten.nl?p=11780 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [4] => WP_Post Object ( [ID] => 11755 [post_author] => 8 [post_date] => 2017-11-27 15:47:39 [post_date_gmt] => 2017-11-27 14:47:39 [post_content] =>   Het echtscheidingsrecht blijft in beweging. Het leek er even op dat bij eenvoudige scheidingen zonder kinderen de ambtenaar van de burgerlijke stand een scheiding zou mogen gaan afhandelen. Dit was een voorstel van het vorige kabinet. Inmiddels heeft het nieuwe kabinet besloten om dit wetsvoorstel in te trekken. Ook de Raad van State had zich eerder al kritisch uitgelaten over het wetsvoorstel. De idee achter het wetsvoorstel was dat echtscheidingen eenvoudiger en goedkoper moeten kunnen. De politiek vindt het nu een beter idee dat de rechter nodig blijft voor het uitspreken van een echtscheiding. Zeker als er kinderen bij betrokken zijn en als er onenigheid is over de verdeling van bezittingen. Maar hoe zit het nu met de kosten als er een rechter bij te pas komt ? Wij als vFAS- advocaten-mediators begrijpen natuurlijk als geen ander dat de kosten in de hand moeten worden gehouden. Daarom is een mediation een goed alternatief. Dan zit je met beide personen samen aan tafel om onder begeleiding van een mediator gezamenlijk tot oplossingen te komen. Ieder betaalt dan de helft van de kosten of je maakt daar afspraken over. Vaste prijs Bogaerts & Groenen advocaten biedt daarnaast ook nog familierecht aan voor een vaste prijs. Daarvoor wordt verwezen naar de website. Na het beantwoorden van 5 vragen weet je hoeveel de echtscheiding of mediation of wijziging partner/ kinderalimentatie kost. Uiteraard zal nader overleg moeten plaatsvinden om te zien of de zaak voor een vaste prijs kan worden gedaan. Er kunnen omstandigheden zijn die nader overleg noodzakelijk maken. Mediation In een mediation wordt getracht in onderling overleg tot overeenstemming te komen, waarna er een echtscheidingsconvenant kan worden opgesteld. Nadat dit is opgesteld, en iedereen het met de inhoud daarvan eens is, kan het convenant aan de rechtbank worden gezonden met een verzoekschrift echtscheiding. De rechter zal de onderlinge afspraken bevestigen en zal de eventuele kinderen uitnodigen voor een gesprek. De griffierechten om een echtscheidingsverzoek in te dienen bij de rechtbank zijn op dit moment € 287,= per verzoekschrift. Daarna zal de rechter tot afgifte van de beschikking overgaan. Zodra die beschikking met een door beide partijen ondertekende akte van berusting wordt ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand, ben je officieel gescheiden. De sectie Familierechtadvocaten van Bogaerts & Groenen advocaten leveren laagdrempelige en hoogwaardige kwaliteit. Onze vFas – mediators staan voor u klaar. Zo houden zij elke donderdagochtend van 09.00 tot 10.30u een gratis spreekuur in Villa Oldenburg te Vught. Ook in Oisterwijk, Tilburg, Boxtel en Son zijn de spreekuren gratis. Voor meer informatie: zie gratis spreekuur. Dit artikel is gepubliceerd in “073 Magazine” November 2017. [post_title] => Bij echtscheiding blijft de rechter nodig [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => echtscheiding-blijft-rechter-nodig [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2020-01-28 08:56:53 [post_modified_gmt] => 2020-01-28 07:56:53 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bgadvocaten.nl?p=11755 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [5] => WP_Post Object ( [ID] => 11676 [post_author] => 7 [post_date] => 2017-10-23 14:50:10 [post_date_gmt] => 2017-10-23 12:50:10 [post_content] =>
De term "burenrecht" roept onwillekeurig een associatie op met De Rijdende Rechter en elkaar om futiliteiten in het haar vliegende particulieren. Toch is die conclusie niet geheel terecht. Ook voor ondernemers kan hinder van buren serieuze proporties aannemen en tot hoge schade leiden. Het burenrecht staat dan ineens in een ander daglicht en naarmate de financiële belangen oplopen, neemt ook het besef toe dat deze osmose tussen zakenrecht en verbintenissenrecht serieus genomen moet worden. In deze bijdrage zal ik een recente uitspraak van de Hoge Raad centraal stellen, waarin is uitgemaakt dat het verkeren in een rechtmatige situatie, toch kan leiden tot het onrechtmatig toebrengen van hinder. Ik zal ter adstructie van de grote belangen twee voorbeelden van dergelijke situaties bespreken. Het onderwerp zal ik inbedden in een beschouwing over de jurisprudentie op dit gebied en de ontwikkelingen daarin. De conclusie zal zijn dat niet elke vorm van overlast als hinder aan te merken valt en dat niet elke vorm van hinder onrechtmatig is. De omstandigheden van elk concreet geval zijn bepalend voor deze afweging. Op 16 juni 2017 wees de Hoge Raad arrest in een kwestie waarin stankoverlast werd toegebracht door een pluimveebedrijf aan een nabij gelegen park met recreatiewoningen.1 In Groesbeek werd door appellanten een pluimveebedrijf geëxploiteerd tussen 2002 en 2008. De gemeente verleende bij herhaling vergunningen, die telkens werden vernietigd maar de gemeente gedoogde gedurende zeker periodes het bedrijf. In dezelfde periode lag in de buurt van het pluimveebedrijf het villapark "De Zeven Heuvelen". De eigenaren van de recreatiewoningen hadden al die jaren hinder ondervonden van de stank van het pluimveebedrijf en vorderden in een procedure een verklaring voor recht dat al die jaren de hinder onrechtmatig was en dat ze recht hebben op schadevergoeding, die bestond uit de verminderde huurwaarde van de recreatiewoningen tussen 2002 en 2008. De rechtbank wees de vorderingen grotendeels toe en ook het gerechtshof bekrachtigde grotendeels dat vonnis. Het hof moest voor zijn uitspraak wel aansluiting zoeken bij een rapport van de zijde van verweerders op basis van de Wet geurhinder en veehouderij (Wgv), die pas op 1 januari 2007 in werking was getreden. Op basis daarvan kon het hof de stankoverlast als "onaangenaam tot zeer onaangenaam" kwalificeren. Hier klaagden de exploitanten van het pluimveebedrijf natuurlijk over in cassatie, omdat ze meenden dat de onrechtmatige situatie op grond van de Wgv pas kon ingaan op 1 januari 2007, omdat anders impliciet terugwerkende kracht gegeven zou worden aan de wet. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van de exploitanten en betrekt in zijn oordeel de wettelijke regeling van artikel 5:37 BW en de daarover gewezen arresten. Volgens de Hoge Raad is voor de vraag of in deze situatie sprake was van onrechtmatige geurhinder niet zonder meer bepalend of werd voldaan aan de destijds geldende publiekrechtelijke regelgeving. Mede omdat de voordien geldende beleidsregels geen bruikbare milieutechnische inzichten boden voor de vaststelling van het geurhinderniveau, heeft het hof in dit geval 'inspiratie geput' uit de maatstaven van de Wgv. De Hoge Raad oordeelt dat het hof geen blijk heeft gegeven van een onjuiste rechtsopvatting door zijn op art. 5:37 BW gegronde oordeel te baseren op een rapport waarin het feitelijke geurhinderniveau was berekend naar objectieve maatstaven volgens recente inzichten. Eerder in 1972 maakte de Hoge Raad al uit dat het antwoord op de vraag of en in hoeverre een door de overheid verstrekte vergunning invloed heeft op de aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad van degene die overeenkomstig die vergunning handelt, maar daarbij schade of hinder toebrengt aan anderen, afhangt van de aard van de vergunning en het belang dat wordt nagestreefd met de regeling waarop de vergunning berust, alles in verband met de omstandigheden van het geval2. Daarbij geldt wel dat de vergunninghouder er in het algemeen van uit mag gaan dat hij de aan hem verleende vergunning mag gebruiken voor het doel waarvoor die is verstrekt.3 Het blijft dus uitkijken, zo veel maakt het arrest van de Hoge Raad van 16 juni 2017 wel duidelijk. Hoewel voldaan is aan publiekrechtelijke regelgeving in een bepaalde periode, kan latere wetgeving een zodanige invulling geven aan het begrip hinder, dat die hinder onrechtmatig is over een ruimere periode. Dit vraagt om een nadere beschouwing van de begrippen hinder en onrechtmatig. Daarvoor zal ik aanhaken bij twee voorbeelden uit de praktijk, die duidelijk maken welke omstandigheden tot hinder kunnen leiden en met welke enorme belangen dat gepaard kan gaan. De eerste situatie doet zich voor op een bedrijventerrein waar een modestylist al sinds 2006 een atelier heeft met een showroom voor zeer exclusieve avondkleding. Het bedrijfspand ligt in een rij van 10 gelijke panden. Dit pand is van het buurpand gescheiden door een muur van kalkzandsteen. Zo lang de styliste haar bedrijf voert, heeft ze geen last van haar buurman, die in het buurpand een bedrijf heeft voor de verwerking van groente. Als die buurman het pand verlaat, vestigt zich een bedrijf dat zich bezig houdt met de productie van voer voor katten en honden. Voor dit productieproces wordt een verhoogde vloer aangelegd met een put voor de afvoer van water, omdat de productieruimte elke dag schoon gespoten moet worden. Kort na de vestiging van het nieuwe bedrijf krijgt de styliste last van een erg vervelende geur van rottend vlees dat voortgebracht wordt door het vleesverwerkende bedrijf en dat in haar bedrijfsruimte door dringt. De stank is zo indringend, dat klanten die haar showroom bezoeken direct te kennen geven deze situatie zeer onaangenaam te vinden. Daar komt na korte tijd nog bij dat door de muur water de showroom binnen dringt dat ook naar rottend vlees stinkt. De styliste beklaagt zich hierover bij de buren, maar bij herhaling blijft het water door de muur heen dringen en ontstaan schimmelplekken en roest op de stalen delen. Hoe zeer de veroorzaker dit probleem ook probeert op te lossen met deskundigen, onderzoeken en diverse kleine ingrepen, de oorzaak wordt niet weggenomen. De situatie is uiteindelijk zodanig dat de styliste haar bedrijf niet meer kan uitoefenen zoals ze normaal gewend was en dus niet meer het vrije genot van haar bedrijfspand heeft. Zij derft zeer aanzienlijke inkomsten en vreest dat haar pand onverkoopbaar wordt. Uiteindelijk zal de voorzieningenrechter er aan te pas komen om een voorlopige voorziening te geven om verdere inbreuken te staken. In dat geding staat de vraag centraal of de overlast kwalificeert als hinder in de zin van artikel 5:37 BW, of die onrechtmatig is en of een voorziening gerechtvaardigd is. Een ander voorbeeld doet zich voor in de binnenstad van een grote gemeente. Daar woont een man op leeftijd al meer dan twintig jaar in een woning tegenover een parkeerterrein dat grenst aan de achterzijde van een kantoorgebouw. De auto's die van dat parkeerterrein gebruik maken rijden dat terrein op en af via een in-/uitrit die ongeveer dertig meter verderop gelegen is. Het parkeerterrein grenst ook aan de achterzijde van een gebouw dat aangekocht wordt door een ondernemer die daarin een centrum voor dagbesteding van gehandicapten wil vestigen. Deze ondernemer koopt tegelijk met het pand ook het parkeerterrein, en wil dat deels ten behoeve van de eigen bezoekers gaan gebruiken. Een ander deel van het terrein wordt afgesplitst en doorverkocht aan een bedrijf in de directe omgeving. De oude ingang blijft op het deel dat aan de nieuwe eigenaar verkocht is, en de koper van het bedrijfspand legt een nieuwe in-/uitrit aan op eigen terrein. Daarvoor heeft de ondernemer geen vergunning nodig, een melding bij de gemeente volstaat volgens de APV. Die melding wordt correct gedaan en de gemeente keurt de aanleg van de nieuwe in-/uitrit goed. Nadat die is aangelegd klaagt de eerder genoemde bewoner van het huis dat pal tegenover de nieuwe in-/uitrit ligt over lichthinder van auto's die met koplampen bij hem naar binnen schijnen bij het verlaten van het parkeerterrein. De man meent dat hij woongenot derft en vordert in een procedure dat de in-/uitrit verlegd wordt naar de andere zijde van het terrein op verbeurte van dwangsommen. De ondernemer verzet zich omdat de keuze voor de ligging van de in-/uitrit niet willekeurig was. Op termijn mag hij op het parkeerterrein namelijk woningen bouwen en dan heeft hij de in-/uitrit op deze plek nodig om via een strook toegang te kunnen blijven houden tot de achterkant van zijn bedrijfspand. Als de in-/uitrit verlegd zou moeten worden, zal de woningbouw in de toekomst niet door kunnen gaan en daarmee leidt de ondernemer een enorme schade. Ook in de procedure die hierover gevoerd wordt staat dezelfde vraag centraal. Deze voorbeelden maken duidelijk dat ondernemers in een hachelijke situatie kunnen komen als zich, hoewel sprake is van een volstrekt legale situatie, toch onrechtmatige hinder voor doet, die tot schade leidt, waarvan de belangen behoorlijk kunnen oplopen. De juridische grondslag voor onrechtmatige hinder is te vinden in artikel 5:37 BW, waarin verwezen wordt naar artikel 6:162 BW. Hier vermengt het zakenrecht van boek 5 BW zich dus met het verbintenissenrecht van boek 6 BW. Artikel 5:37 BW luidt: "Een eigenaar van een erf mag niet in een mate of op een wijze die volgens artikel 162 van Boek 6 onrechtmatig is, aan eigenaars van andere erven hinder toebrengen zoals door het verspreiden van rumoer, trillingen, stank, rook of gassen, door het onthouden van licht of lucht of door het ontnemen van steun". De opsomming in dit artikel is niet limitatief, daar kan ook het veroorzaken van wateroverlast of lichthinder onder worden volstaan4. Onder "erf" moet worden verstaan iedere onroerende zaak, waaronder ook een gebouw zonder de grond moet worden begrepen5. Reeds om die reden is artikel 5:37 BW rechtstreeks van toepassing op de eigenaar van een gebouw. De aard en de inhoud van de rechten en verplichtingen die toekomen aan, dan wel rusten op een huurder/gebruiker, die op grond van een huurovereenkomst met de eigenaar bevoegd is tot het gebruik van het pand, kunnen in samenhang met de aard en de strekking van het burenrecht meebrengen dat bepalingen van burenrecht van overeenkomstige toepassing zijn op de gebruiker/niet-eigenaar6. Om die reden is artikel 5:37 ook van toepassing op de huurder/gebruiker. Dit geldt zowel voor het veroorzaken van hinder als voor het ondergaan van hinder. Door de Hoge Raad is in 1991 uitgemaakt: "De beantwoording van de vraag of het toebrengen van hinder onrechtmatig is, hangt - daargelaten de betekenis van ter zake geldende specifieke wettelijke regels - af van de aard, de ernst en de duur van de hinder en de daardoor aangebrachte schade in verband met de verdere omstandigheden van het geval, waaronder ook de plaatselijke omstandigheden"7, en dat is sindsdien vaste rechtspraak. Voorts is van belang of degene die hinder ervaart zich gevestigd heeft vóór dan wel ná het tijdstip waarop de hinder veroorzakende activiteiten een aanvang hebben genomen. In dat laatste geval zal hij "een zekere mate van hinder" eerder hebben te dulden, maar in het eerste geval zeker niet8. Degene met de "oudste rechten" gaat dus voor. Per geval moet bezien worden of sprake is van hinder. Daarvoor moeten de vier door de Hoge Raad geformuleerde aspecten nagelopen worden. De aard van de hinder kan gelegen zijn in geluid, stank, licht, maar ook in water, explosiegevaar, brandgevaar, overlast van dieren en overhangende takken. Hinder moet wel voldoende ernstig zijn om als onrechtmatig gekwalificeerd te kunnen worden. In het algemeen wordt aanvaard dat enige vorm van hinder wel geduld moet worden, in een tolerante omgang met elkaar. Als hinder zich eenmalig voordoet kan bezwaarlijk van onrechtmatig handelen gesproken worden. Als hinder gedurende een langere periode aanhoudt, wordt eerder een onrechtmatige daad aangenomen. Voorts moet sprake zijn van schade, omdat de gedraging net als onrechtmatige daad kan kwalificeren. Artikel 5:37 BW noemt niet voor niets artikel 6:162 BW in, zodat ook aan de eisen van dat artikel moet worden voldaan. Daarnaast spelen als sluitstuk in de beoordeling van hinder de omstandigheden van het geval een rol, waarmee een rechter doorgaans alle kanten uit kan. Bij de beoordeling van de geleden schade wordt primair gekeken naar de materiële schade, gelegen in de normale vermogensschade zoals beschadigde goederen, gederfde winst, maar ook doordat de benadeelde een advocaat in heeft moeten schakelen, om de problemen op te lossen. Hiermee is aan het conditio-sine-qua-non-vereiste voldaan. De kosten die gemaakt zijn, moeten redelijk en in redelijkheid gemaakt zijn en in een zodanig verband met de onrechtmatige gedragingen staan dat ze aan de veroorzaker kunnen worden toegerekend. Daarmee zijn de gemaakte advocaatkosten als schade toewijsbaar, los van de vraag of uiteindelijk de schade ten gronde komt vast te staan.9 Daarnaast kan onder omstandigheden ook gekeken worden naar immateriële schade bijvoorbeeld omdat een benadeelde continue in angst leeft dat de overlast zich op een onverwacht moment zal realiseren.10 Een rechtsingang die dicht tegen onrechtmatige hinder op grond van 5:37 BW aan ligt is misbruik van recht. Artikel 3:13 lid 2 BW regelt: "Een bevoegdheid kan onder meer worden misbruikt door haar uit te oefenen met geen ander doel dan een ander te schaden of met een ander doel dan waarvoor zij verleend is of in geval men, in aanmerking nemende de onevenredigheid tussen het belang bij de uitoefening en het belang dat daardoor wordt geschaad, naar redelijkheid niet tot die uitoefening had kunnen komen." Dit artikel regelt de belangenafweging die noodzakelijk is, wil gebruik van een recht niet als misbruik van recht (3:13 lid 1 BW) aangeduid kunnen worden. de eerste twee gronden voor misbruik zullen niet vaak voorkomen, de derde grond des te vaker. Het belang van de ondernemers in het eerder genoemde voorbeeld is er louter in gelegen het eigen bedrijf uit te kunnen oefenen. Beiden zijn daartoe bevoegd en hebben dat recht. Toch kan zich de situatie voordoen dat de uitoefening van het bedrijf van de een, misbruik van recht ten opzichte van de ander oplevert, indien de afweging van beider belangen doorwegen naar degene die hinder ervaart van de ander. Die belangen moeten gewogen worden en op redelijkheid worden getoetst. Komt vast te staan dat een rechthebbende dat recht in redelijkheid niet kan uitoefenen ten koste van een ander dan is misbruik van recht gegeven als die bevoegdheid toch wordt uitgeoefend. De conclusie is dat als iemand hinder toebrengt aan een ander, eerst vast moet komen staan of die hinder onrechtmatig is, voor dat er tegen opgetreden kan worden. Wat onder onrechtmatige hinder wordt verstaan is in de jurisprudentie uitgewerkt. Het hebben van een recht en het verkeren in een rechtmatige situatie is geen garantie dat het uitoefenen van dat recht geen misbruik oplevert. Als in die rechtmatige toestand onrechtmatige hinder wordt toegebracht, is de weg naar de rechter geopend. In alle gevallen blijft het dus oppassen.
Noten
  1. ECLI:NL:HR:2017:1106.
  2. HR 10 maart 1972, NJ 1972/278: Vermeulen/Lekkerkerker.
  3. HR 21 oktober 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT8823: Ludlage/Van Paradijs.
  4. Zie bijvoorbeeld de uitspraak van Rechtbank Amsterdam van 22 september 2011. [ECLI:NL:RBAMS:2011:BT2463] waarin de rechtbank bij de toepassing van artikel 5:37 BW onrechtmatige hinder als gevolg van wateroverlast aangenomen heeft. Maar ook: Hof Den Bosch 28 maart 2017, ECLI:NL:GHSHE:2017:1534, r.o. 5.6.3.: Speelkooi Terneuzen.
  5. MvA II, parl. Gesch. Inv.w. 5, P. 1031.
  6. Hoge Raad 24 januari 1992, NJ 1992/280/1:Van Beek/Jansen en ook Hof Den Bosch 28 maart 2017, ECLI:NL:GHSHE:2017:1534, r.o. 5.6.3.: Speelkooi Terneuzen.
  7. HR 3 mei 1991, ECLI:NL:HR:191:ZC0235, Overwaaiende zaden, net als: HR 15 februari 1991, NJ 1992, 639: Aalscholvers.
  8. Hoge Raad 18 september 1998, NJ 1999/69: Bijenspat.
  9. HR 13 maart 2015, ECLI:NL:HR:2015:586: Mark Four/Apotex, in navolging van HR 11 juli 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF7423: B/London Verzekeringen N.V.
  10. Hoge Raad 16 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1106 en Rechtbank Zeeland- West-Brabant 21 september 2016: ECLI:NL:RBZWB:2016:5915.
                Marc Heuvelmans Dit artikel is gepubliceerd in Juridisch up to Date 2017-0114, 22-09-2017. [post_title] => Onrechtmatige hinder [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => onrechtmatige-hinder [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2020-01-28 08:56:57 [post_modified_gmt] => 2020-01-28 07:56:57 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bgadvocaten.nl?p=11676 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [6] => WP_Post Object ( [ID] => 11590 [post_author] => 8 [post_date] => 2017-09-05 13:13:54 [post_date_gmt] => 2017-09-05 11:13:54 [post_content] => Op 8 september a.s. vindt de Dag van de Scheiding plaats. Deze wordt georganiseerd door de Vereniging familierechtadvocaten en scheidingsmediators, de VFas. Veel advocatenkantoren stellen hun deuren open zodat u hen kunt bezoeken en vragen kunt stellen. Deze dag is er niet om het scheiden te stimuleren, maar om er aandacht voor te vragen dat Scheiden een zorgvuldig proces is waarbij oog moet zijn voor alle aspecten van de echtscheiding, zowel de emotionele als de zakelijke. Het geeft een mogelijkheid om geheel vrijblijvend vragen te stellen aan deskundigen. Op 8 september gaan ook al onze deuren in Vught, Boxtel, Oisterwijk, Tilburg en Son van 09.00uur tot 14.00 uur  open om u te ontvangen. Dit kost niets. Omdat wij advocaten zijn, hebben wij ons te houden aan de regels van de Orde van Advocaten. Wij voldoen aan de gestelde opleidingseisen en handelen conform de normen en gedragsregels van de Orde van advocaten. Daarom zal onze secretaresse eerst uw naam willen weten, zodat er gecheckt kan worden op tegenstrijdig belang. Ook geeft de Dag van de Scheiding de mogelijkheid om kennis te maken met één van onze vfas-mediators. Indien u van plan bent om te komen, adviseren wij u wel om samen te komen. Het is een mediator niet toegestaan om eerst inhoudelijk met de een te spreken en dan inhoudelijk met de ander. Mediation is een open proces waar iedereen moet weten wat de anderen te zeggen hebben. Ook op andere dagen kunt u ons kantoor bellen voor een afspraak. Wij staan voor u klaar. Kijk ook eens bij familierecht voor een vaste prijs. Geen verrassingen achteraf, snel en deskundig, zodat je weet waar je aan toe bent. Wij heten u van harte welkom op 8 september 2017! Vught: Sint Michielsgestelseweg 8, 5261 NH, tel ;088-1410800 Boxtel: Parkweg 12, 5282SM, tel: 088-1410800 Tilburg: Ellen Pankhurststraat 1 N, 5032MD, tel: 088-1410899 Oisterwijk: Leerfabriek KVL aan de Almystraat 14, 5061 PA , tel:088-1410899 Son & Breugel: Ekkersrijt 1412, 5692 AK, tel:088-1410800 De  Familierechtadvocaten van Bogaerts en Groenen advocaten leveren laagdrempelige en  hoogwaardige kwaliteit.  Elke donderdagochtend van 09.00 tot 10.30 u is er een gratis spreekuur in Villa Oldenburg te Vught. Ook in Oisterwijk, Tilburg,  Boxtel en Son zijn de spreekuren gratis. Voor meer informatie; zie de website: www.bg.legal of neem contact op met Liedeke Floris (088-1410800) Deze column is gepubliceerd in 073 Magazine, september 2017. Lees hier het hele artikel [post_title] => Dag van de Scheiding, wat is dat nu weer? [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => dag-scheiding-is-nu-weer-2 [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2020-01-28 08:57:01 [post_modified_gmt] => 2020-01-28 07:57:01 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bgadvocaten.nl/?p=11590 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [7] => WP_Post Object ( [ID] => 11422 [post_author] => 8 [post_date] => 2017-07-18 12:24:42 [post_date_gmt] => 2017-07-18 10:24:42 [post_content] =>   Laatst kwam een vriend van mij uit Frankrijk vliegen. Hij had een half uur vertraging. Op mijn vraag waarom dat was, antwoordde hij: er zat een vader met kind in het vliegtuig en de papieren waren niet in orde. De Franse autoriteiten waren zeer streng en het kind mocht eigenlijk niet mee vliegen. Pas nadat naar de moeder was gebeld en er expliciet toestemming was verleend, kon het vliegtuig vertrekken. Geldt dat bij ons ook? Ja ook bij ons heb je toestemming van de andere ouder nodig als je gezamenlijk gezag hebt over de kinderen en je alleen met de kinderen reist. Ook in de situatie dat je alleen het gezag hebt over de (minderjarige) kinderen geldt dit. Als de andere ouder dan op vakantie wil, zal ook toestemming nodig zijn van degene die het gezag heeft over het kind. Neem je de kinderen mee naar het buitenland zonder toestemming van de andere ouder, dan noemen we dat: een minderjarige onttrekken aan het ouderlijk gezag. Om internationale kinderontvoering te voorkomen gaan de autoriteiten meer controles uitvoeren. Als je het dan niet goed geregeld hebt, kan dit voor een onaangename verrassing zorgen. Hoe geven ouders toestemming? Om de toestemming aan te tonen, hebben ouders een speciaal toestemmingsformulier nodig. Dit kan worden gedownload op www.rijksoverheid.nl. Ouders moeten dit per kind invullen en allebei ondertekenen. Wat als u geen toestemming van de andere ouder krijgt? Heeft u wel samen het gezag, maar weigert de andere ouder zijn of haar toestemming, dan is het mogelijk om via de rechter alsnog toestemming voor een vakantie naar het buitenland met de kinderen te krijgen. Hiervoor dient u een procedure tot ‘vervangende toestemming’ te voeren. Sommige landen hebben aanvullende voorwaarden gesteld voor het reizen met minderjarigen. Voor advies kunnen mensen contact opnemen met de ambassade of het consulaat van het land van bestemming. Het is aan te raden om u goed voor te bereiden wanneer u als ouder alleen met uw kinderen reist. De sectie Familierechtadvocaten van Bogaerts & Groenen advocaten leveren laagdrempelige en hoogwaardige kwaliteit. Onze vFas – mediators staan voor u klaar. Zo houden zij elke donderdagochtend van 09.00 tot 10.30u een gratis spreekuur in Villa Oldenburg te Vught. Ook in Oisterwijk, Tilburg, Boxtel en Son zijn de spreekuren gratis. Voor meer informatie: zie gratis spreekuur. Dit artikel is gepubliceerd in “073 Magazine” Juli 2017. [post_title] => Toestemming nodig om op reis te gaan met je kinderen? [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => toestemming-nodig-om-op-reis-gaan-kinderen [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2017-07-24 15:32:10 [post_modified_gmt] => 2017-07-24 13:32:10 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bgadvocaten.nl/?p=11422 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [8] => WP_Post Object ( [ID] => 11062 [post_author] => 16 [post_date] => 2017-04-24 10:53:23 [post_date_gmt] => 2017-04-24 08:53:23 [post_content] =>   Verkeersongeval met aansprakelijke verzekeraar Een slachtoffer is betrokken geraakt bij een verkeersongeval en claimt daarom letselschade. De klachten die het slachtoffer aangaf werden medisch niet onderbouwd. Letsel als whiplash en rugklachten kunnen vaak ook niet medisch geobjectiveerd worden. In deze zaak was er echter een extreme klachtenpresentatie. De medisch adviseurs van de verzekeringsmaatschappij bestempelden het als opvallend en niet passend. De verzekeraar besluit dan ook te gaan observeren. Mag er geobserveerd worden? Volgens de rechtbank heeft de verzekeraar voldaan aan de gedragscode die aangeeft wanneer er geobserveerd mag worden en hoe. Er is hier geen sprake van een redelijk vermoeden van fraude maar jarenlang feitenonderzoek door de verzekeraar gaf onvoldoende uitsluitsel voor het nemen van een beslissing inzake de schadeclaim. Daarnaast is het financieel belang zeer groot. Er is maar liefst € 248.000,00 uitgekeerd. Observatie
  • Betrokkene stelde dat hij steeds doodmoe, misselijk en duizelig was
  • Betrokkene stelde dat hij door een lampje in te draaien ‘drie dagen van de kaart was’
  • Betrokkene zou geen auto kunnen rijden
  • Betrokkene zou een draaglast van 0,0 hebben
Etc. etc. De betrokkene is geobserveerd gedurende 90 dagen verspreid over een periode van ongeveer zes weken. Na observatie blijkt dat hij zelfs zonder onderbreken ruim 200 km kon rijden, veelvuldig winkelt en de boodschappen draagt, waaronder six-pack grote flessen met frisdrank. Vele zaken die betrokkene claimde niet te kunnen heeft hij in die periode wel gedaan. Oordeel rechtbank Uit het persoonlijk onderzoek blijkt dus dat de betrokkene heeft gefraudeerd. De rechtbank oordeelt dat het persoonlijk onderzoek en de wijze waarop het onderzoek is uitgevoerd niet onrechtmatig zijn. De rechtbank wijst de vordering van de verzekeraar tot betaling van al hetgeen aan of voor de betrokkene is betaald toe. De rechtbank concludeert dat de klachten en beperkingen die betrokkene tegenover diverse behandelende en expertiserende medici heeft geuit niet zijn te verenigen met zijn gedrag. Met name zoals dat is waargenomen tijdens de observaties, in momenten waarin hij zich onbespied waande, en dat het geobserveerde gedrag ook niet te rijmen is met de uitslagen van diverse onderzoeken. De rechtbank wijst de vordering van de verzekeraar toe. De gedaagde moet € 248.000,00 terugbetalen. Conclusie Verzekeraars krijgen steeds vaker te maken met fraude. Wanneer de verzekeraar vermoedt dat er sprake is van fraude zal zij aan persoonlijk onderzoek instellen. Uit het GPO [Gedragscode Persoonlijk Onderzoek] blijkt wanneer dit kan worden verricht. De rechter is doorgaans milder in haar oordeel dan de verzekeraar. In deze zaak echter niet. De eis van de verzekeraar, terugbetaling van alle uitkeringen [ook die van regresnemers zoals de ziektekostenverzekeraar] vanaf het ongeval in 2004, wordt toegewezen. Het is zeer de vraag of dit juist is. Mogelijk volgt hoger beroep. Dit artikel is gepubliceerd in "De Uitstraling" April 2017. [post_title] => Gevolgd worden door de verzekeraar in verband met vermeende fraude. Verzekeraar eist uitgekeerde schadevergoeding van € 248.000,00 terug. [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => gevolgd-worden-verzekeraar-verband-vermeende-fraude-verzekeraar-eist-uitgekeerde-schadevergoeding-e-248-00000-terug [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2017-05-08 15:53:06 [post_modified_gmt] => 2017-05-08 13:53:06 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bgadvocaten.nl/?p=11062 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [9] => WP_Post Object ( [ID] => 10818 [post_author] => 16 [post_date] => 2017-03-24 16:14:08 [post_date_gmt] => 2017-03-24 15:14:08 [post_content] =>   Op 1 maart heeft Rechtbank Noord Nederland geoordeeld dat de inwoners van het Groningenveld in Groningen die zijn getroffen door de aardbevingen recht hebben op smartengeld van de NAM [Nederlandse Aardolie Maatschappij]. Eindelijk gerechtigheid of toch ook weer een tekortschieten in het schadevergoedingsrecht? Smartengeld Smartengeld wordt ook wel een vergoeding voor immateriële schade genoemd. Het is een vergoeding voor de geleden pijn, verdriet en het missen van levensvreugde door een ongeval, medische fout of andere gebeurtenis waarvoor een ander aansprakelijk is. De hoogte van het smartengeld hangt af van de geleden pijn, verdriet, eventueel blijvende klachten en beperkingen en de gevolgen. Psychische schade De aanspraak op smartengeld geldt zowel voor fysieke als psychische schade. In beide gevallen zal medisch bewijs moeten worden geleverd. In het geval van psychische klachten is alleen psychisch onbehagen niet voldoende. Er zal behandeling bij een psycholoog of psychiater moeten zijn of zijn geweest. Immateriële schade door aardbevingen in Groningen In deze zaak is het woongenot van de getroffen Groningers ernstig aangetast. Gestutte huizen die telkens maar weer schade oplopen. De voortdurende angst voor instorting, bang voor hun veiligheid. Dagelijks geconfronteerd worden met de gevolgen van de aardbevingen. Gevangen zijn in een onverkoopbaar huis. Het levert hevige stress op die psychische klachten veroorzaakt en ook kan uitmonden in fysieke klachten. Terecht heeft de Rechtbank dan ook geoordeeld dat er recht is op smartengeld. Oordeel Rechtbank Noord Nederland ‘Deze overlast, overschrijdt gezien de aard, ernst en de duur daarvan de grenzen van hetgeen eisers in het maatschappelijk verkeer als ‘gewone’ hinder te hebben accepteren en vormt een inbreuk op hun eigendomsrecht, namelijk het recht op ongestoord woongenot.’ Hoogte smartengeld Er bestaat een smartengeldbundel [van de ANWB] waarin uitspraken van rechters zijn opgenomen over de hoogte van het smartengeld in bepaalde gevallen. De rechter hanteert deze bundel om de hoogte van het smartengeld vast te stellen. Helaas zijn deze bedragen niet hoog. Wat voorbeelden over gederfd woongenot uit de smartengeldgids:
  • man ruim 5 jaar door buren belaagd, ernstige overlast: o.a. structureel hondenpoep en etenswaren over de schutting, geluidsoverlast, constant bespied worden; man kreeg € 5.000,00 smartengeld
  • gedurende 20 jaar hevige stankoverlast, ramen niet open kunnen doen, niet buiten kunnen zitten etc.; smartengeld € 12.837,00
  • ten gevolge van [nachtelijk] hanengekraai heeft buurman ernstige psychische en fysieke schade opgelopen en is hierdoor arbeidsongeschikt geworden, smartengeld € 6.858,00.
In deze zaak worden smartengeldbedragen genoemd van tussen de € 3.000,00 en € 30.000,00. Voor toekenning van het laatste bedrag moet er [helaas] heel wat aan de hand zijn, gelet op de uitspraken in de smartengeldgids. De getroffen Groningers komen extra smartengeld toe vanwege de vertraging en onzorgvuldige behandeling door de NAM [en Staat]. Ook een onzorgvuldige afwikkeling en onnodige vertraging kan psychische klachten opleveren naast de inbreuk op ongestoord woongenot. Er is ook sprake van psychisch lijden door de lange duur van de procedures. Hopelijk neemt de rechter dit ook mee in de beoordeling van de hoogte van het smartengeld en kijkt de rechter niet alleen naar de smartengeldgids. Het schadevergoedingsrecht schiet dan nl. tekort op de toekenning van smartengelden. Thans dus wel erkenning voor de slachtoffers maar nu nog een redelijke smartengeldvergoeding. Zolang de smartengeldgids wordt gehanteerd zal er nooit verandering optreden in de hoogte van de smartengeldbedragen. Maar wellicht oordeelt de Rechter in deze zaak wat ruimhartiger. Dit artikel is gepubliceerd in "De Uitstraling" Maart 2017 [post_title] => Smartengeld voor de Groningers, gerechtigheid? [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => smartengeld-groningers-gerechtigheid [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2017-04-24 10:46:07 [post_modified_gmt] => 2017-04-24 08:46:07 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bgadvocaten.nl/?p=10818 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) ) [post_count] => 10 [current_post] => -1 [in_the_loop] => [post] => WP_Post Object ( [ID] => 11905 [post_author] => 8 [post_date] => 2018-03-18 10:44:06 [post_date_gmt] => 2018-03-18 09:44:06 [post_content] => Het einde van een huwelijk kan erg pijnlijk zijn. Een echtscheidingsprocedure kan dat verergeren. Je kunt je partner als vijand gaan beschouwen en de echtscheiding zien als een strijd, je kunt je verward of boos voelen en verscheurd worden door gevoelens van verlies en onmacht, je kunt je dan niet voorstellen dat er een einde aan de echtscheiding komt en hoe je na de scheiding aan een toekomst kunt bouwen. Maar het kan anders, een aantal deskundigen op het gebied van echtscheiding heeft gezocht naar een beter alternatief. Dat heeft geleid tot de ontwikkeling van het Collaborative Divorce Model, de Overlegscheiding. Met meerdere deskundigen aan tafel en zonder ruzie met respect voor elkaar je echtscheiding regelen. Een mooi alternatief!
Voordeel van overlegscheiden
Overlegscheiden kent veel voordelen. Het belangrijkste kenmerk van overlegscheiden (collaborative divorce) is, dat de scheiding in overleg geregeld wordt, dus zonder rechtszaak. Zo is het veel sneller afgerond dan een echtscheidingsprocedure die kan ontaarden in een ‘vechtscheiding’. Het is per saldo ook voordeliger. Overlegscheiden gebeurt in alle rust en openheid, met respect voor elkaar. Dat leidt tot duurzame oplossingen waar je allebei achter staat en waar meer ruimte is voor persoonlijke wensen en belangen.
Meer dan mediation; Ieder een eigen advocaat
Anders dan bij mediation hebben beide partners een eigen advocaat. Iemand die er voor jouw belangen is, maar niet tegen de vader of de moeder van je kinderen strijdt. Er is een derde persoon, een coach die het proces leidt en om ruimte te geven aan de emoties die uiteraard meespelen en eventueel een vierde persoon, een financieel expert voor de zakelijke kant van het geheel. Zo nodig kan er een kindercoach aan het team worden toegevoegd. Op deze manier wordt alle expertise bij elkaar gebracht om een scheiding respectvol, efficiënt en duurzaam af te sluiten.
Hoe werkt het?
Met het team van beide ex-partners, advocaten en deskundigen worden vergaderingen gehouden waarin informatie wordt uitgewisseld en waarin je behoeften en verwachtingen kunt uitspreken. Transparant en in alle redelijkheid. Het is belangrijk dat alle communicatielijnen open blijven. Alleen als alle knelpunten worden besproken, kunnen ze ook worden aangepakt.
Overlegscheiden is interessant voor:
  • mensen die een scheiding overwegen en kinderen hebben;
  • ondernemers die een scheiding overwegen;
  • mensen die uit elkaar willen, maar waarbij tussen hen grote verschillen bestaan in balans, kennis en/of verwerking.
De sectie Familierechtadvocaten van Bogaerts & Groenen advocaten leveren laagdrempelige en hoogwaardige kwaliteit. Nu ook voor uw overlegscheiding. Meer weten? Elke donderdagochtend van 09.00 tot 10.30u is er een gratis spreekuur in Villa Oldenburg te Vught. Ook in Oisterwijk, Tilburg, Boxtel en Son zijn de spreekuren gratis. U kunt natuurlijk ook voor een mediation kiezen. Wat geschikt voor u is bespreken wij graag met u. Voor meer informatie; neem contact op met Liedeke Floris (088 – 1410814). Dit artikel is gepubliceerd in 073Magazine, maart 2018. [post_title] => Scheiden kan ook anders: de overlegscheiding [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => scheiden-ook-anders-overlegscheiding [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2020-01-28 08:56:46 [post_modified_gmt] => 2020-01-28 07:56:46 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bgadvocaten.nl?p=11905 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [comment_count] => 0 [current_comment] => -1 [found_posts] => 132 [max_num_pages] => 14 [max_num_comment_pages] => 0 [is_single] => [is_preview] => [is_page] => [is_archive] => 1 [is_date] => [is_year] => [is_month] => [is_day] => [is_time] => [is_author] => [is_category] => [is_tag] => [is_tax] => 1 [is_search] => [is_feed] => [is_comment_feed] => [is_trackback] => [is_home] => [is_privacy_policy] => [is_404] => [is_embed] => [is_paged] => 1 [is_admin] => [is_attachment] => [is_singular] => [is_robots] => [is_favicon] => [is_posts_page] => [is_post_type_archive] => [query_vars_hash:WP_Query:private] => b45224200570093b6a12e850920b3ebc [query_vars_changed:WP_Query:private] => [thumbnails_cached] => [allow_query_attachment_by_filename:protected] => [stopwords:WP_Query:private] => [compat_fields:WP_Query:private] => Array ( [0] => query_vars_hash [1] => query_vars_changed ) [compat_methods:WP_Query:private] => Array ( [0] => init_query_flags [1] => parse_tax_query ) [tribe_controller] => Tribe\Events\Views\V2\Query\Event_Query_Controller Object ( [filtering_query:Tribe\Events\Views\V2\Query\Event_Query_Controller:private] => WP_Query Object *RECURSION* ) )
Het einde van een huwelijk kan erg pijnlijk zijn. Een echtscheidingsprocedure kan dat verergeren. Je kunt je partner als vijand gaan beschouwen en de echtscheiding zien als een strijd, je...
Lees meer
De pleger van de onrechtmatige daad is gehouden de schade te vergoeden die de ander als gevolg van deze daad heeft geleden. Deze schade bestaat uit vermogensschade en ander nadeel,...
Lees meer
Jaren geleden heb ik mij zeer druk gemaakt als advocaat voor een vader met twee kinderen waarvan de moeder naar Amerika wilde verhuizen. De vader zag de kinderen twee dagen...
Lees meer
  Het is weer volop in het nieuws. Met name aanrijdingen met wild. Op de Veluwe lopen momenteel een record aantal wilde zwijnen rond. Het aantal aanrijdingen met wilde zwijnen...
Lees meer
  Het echtscheidingsrecht blijft in beweging. Het leek er even op dat bij eenvoudige scheidingen zonder kinderen de ambtenaar van de burgerlijke stand een scheiding zou mogen gaan afhandelen. Dit...
Lees meer
De term "burenrecht" roept onwillekeurig een associatie op met De Rijdende Rechter en elkaar om futiliteiten in het haar vliegende particulieren. Toch is die conclusie niet geheel terecht. Ook voor...
Lees meer
Op 8 september a.s. vindt de Dag van de Scheiding plaats. Deze wordt georganiseerd door de Vereniging familierechtadvocaten en scheidingsmediators, de VFas. Veel advocatenkantoren stellen hun deuren open zodat u...
Lees meer
  Laatst kwam een vriend van mij uit Frankrijk vliegen. Hij had een half uur vertraging. Op mijn vraag waarom dat was, antwoordde hij: er zat een vader met kind...
Lees meer
  Verkeersongeval met aansprakelijke verzekeraar Een slachtoffer is betrokken geraakt bij een verkeersongeval en claimt daarom letselschade. De klachten die het slachtoffer aangaf werden medisch niet onderbouwd. Letsel als whiplash...
Lees meer
  Op 1 maart heeft Rechtbank Noord Nederland geoordeeld dat de inwoners van het Groningenveld in Groningen die zijn getroffen door de aardbevingen recht hebben op smartengeld van de NAM...
Lees meer