Uber-chauffeurs nu ook werknemers

27 sep 2021

Eerder schreven Marlies Hol en Robin Verhoef al over het conflict tussen Deliveroo en FNV, waarin de rechter uiteindelijk besloot dat Deliveroo bezorgers werknemers waren. Interessant aan deze uitspraak is dat de bezorgers worden aangestuurd door een app in plaats van een persoon. Na Deliveroo is nu de volgende platformgigant aan de beurt. FNV heeft namelijk een rechtzaak aangespannen tegen Uber. FNV stelt dat alle taxichauffeurs van Uber werknemers zijn. Uber beweert dat de taxichauffeurs , zelfstandige ondernemers zijn. Uber claimt dat ze slechts een softwarebedrijf is dat bemiddelt tussen chauffeurs en passagiers. In dit artikel bespreken wij wat de rechter daarover oordeelt.

Verschil werknemer en zelfstandig ondernemer

Over het algemeen heeft een werknemer meer aanspraken en bescherming dan een zelfstandig ondernemer. Hoewel het zelfstandig ondernemerschap voordelen heeft, worden zij niet beschermd tegen te lange werktijden en onderbetaling. Voor FNV reden voor een zaak.

Als de chauffeurs van Uber werknemers zijn, dan is er sprake van een arbeidsovereenkomst en moet Uber zich aan de cao Taxivervoer houden bij de behandeling van haar werknemers.

Wanneer is sprake van een arbeidsovereenkomst of een overeenkomst van opdracht?

Om te beoordelen of er sprake is van een arbeidsovereenkomst tussen Uber en haar chauffeurs, zijn drie kenmerken van belang. Ten eerste moet beoordeeld worden of de chauffeurs persoonlijke arbeid verrichten voor Uber, ten tweede of Uber loon betaalt voor de verrichte arbeid en ten derde of sprake is van een gezagsverhouding tussen Uber en de chauffeurs. Als er aan deze drie voorwaarden is voldaan, dan is er sprake van een arbeidsovereenkomst.

Het verrichten van arbeid

De chauffeurs vervoeren via de Uberapp passagiers voor Uber. Uber verdient geld aan iedere rit doordat 25% van iedere rit wordt ingehouden als servicekosten. Het verweer van Uber dat zij slechts een technologiebedrijf is, wordt door de rechter verworpen. De hele organisatie van Uber erop gericht om zo veel mogelijk ritten te leveren en voldoende chauffeurs beschikbaar te hebben. Het verdienmodel van Uber is het verkopen van ritten en de chauffeurs van Uber verrichten het vervoeren van personen dus voor Uber. De chauffeurs moeten deze ritten ook persoonlijk uitvoeren, omdat de vereiste vergunningen persoonsgebonden zijn.

Loon

Loon is een tegenprestatie voor de verrichte arbeid. De chauffeurs krijgen een vergoeding voor hun ritten van Uber, maar Uber bepaalt welke chauffeurs voor welke ritprijs ritten aangeboden krijgen. Dit proces is geautomatiseerd. Uber ontvangt de betaling voor de rit van de passagier en betaalt, na inhouding van de servicekosten, de chauffeur uit. Deze wijze van betaling wordt door de rechter als loon gezien.

Een (moderne) gezagsverhouding

Bij het beoordelen van de gezagsverhouding moet worden gekeken naar de zelfstandigheid van de werknemer of ondernemer. In deze zaak oordeelt de rechter dat er sprake is van een moderne gezagsverhouding tussen Uber en de chauffeurs. Ten eerste moeten alle chauffeurs de voorwaarden van Uber accepteren voordat ze de Uberapp kunnen gebruiken. Deze voorwaarden worden door Uber eenzijdig veranderd en chauffeurs moeten akkoord gaan met de nieuwe voorwaarden voordat ze de Uberapp weer kunnen gebruiken. Chauffeurs kunnen niet onderhandelen over deze voorwaarden. Ten tweede geeft Uber bewust een beperkte hoeveelheid informatie aan haar chauffeurs zodat deze niet alleen de meest winstgevende ritten accepteren. Ook bepaalt Uber de ritprijs op basis van de kortste route waardoor de chauffeur weinig keuze heeft in hoe de rit uitgevoerd wordt. Daarnaast worden de eerdere prestaties van chauffeurs ook meegenomen bij het toewijzen van nieuwe ritten waardoor chauffeurs geforceerd worden om zich te gedragen zoals de Uberapp dat wil.

Samenvattend oordeelt de rechter dat de Uberapp en de achterliggende algoritmen van Uber een financiële stimulans en een disciplinerende werking hebben. Hoewel de chauffeurs wel een bepaalde keuzevrijheid hebben bij het accepteren van ritten, zijn ze onderworpen aan het algoritme van Uber. Daardoor is sprake van gezag en dus van modern werkgeverschap.

Conclusie

Net als in de Deliveroo-zaak, accepteert de rechter het verweer van het platform – ‘’we zijn een technologiebedrijf’’ – niet. Deliveroo en Uber verdienen geld per verrichte dienst en beide bedrijven sturen hun chauffeurs/bezorgers aan zo efficiënt mogelijk te werken. Deze aansturing vindt plaats via een online systeem, maar dat past binnen de criteria voor modern werkgeversgezag. Verder hanteren beide bedrijven eenzijdige voorwaarden en hebben de ‘ondernemers’ die de diensten uitvoeren nauwelijks onderhandelingsmacht.

De rechter oordeelt in deze zaak dat alle chauffeurs een arbeidsovereenkomst hebben of hadden met Uber. De Uber medewerkers vallen daardoor onder de cao Taxivervoer. Voor sommige Uber medewerkers, die als zelfstandige willen werken, is dit mogelijk geen gewenste uitkomst. Voor Uber-chauffeurs die meer arbeidsrechtelijke bescherming zochten, biedt deze uitspraak houvast.

Bent u geïnteresseerd in de combinatie van technologie en werkgeverschap? Neem dan contact op met de sectie IE en arbeidsrecht van BG.legal.

Marlies Hol