Licentieovereenkomsten

Het uitgangspunt is dat de eigenaar of rechthebbende het exclusieve recht heeft om van zijn recht gebruik te maken. In de meeste gevallen gaat het om het gebruik van intellectuele eigendomsrechten, zoals bijvoorbeeld een octrooi, een merk, een domeinnaam of software. Als een andere partij zonder toestemming gebruik maakt van dit recht, dan loopt hij het risico inbreuk te plegen en de schade van de rechthebbende te moeten vergoeden. In veel gevallen is het echter de bedoeling dat anderen gebruik maken van het recht, met name vanuit commercieel oogpunt.

Een andere mogelijkheid is dat verschillende vennootschappen binnen één concern gebruik maken van hetzelfde recht. De ondernemer doet er in beide gevallen verstandig aan om dit gebruik met een licentieovereenkomst (of gebruiksovereenkomst) te regelen.

Inhoud licentieovereenkomst

De licentieovereenkomst regelt de voorwaarden waaronder één partij (licentienemer) gebruik mag maken van rechten van de andere partij (licentiegever). Op deze manier heeft de licentiegever de zekerheid dat hij geen inbreuk maakt en kan hij dit ook aantonen. Het voordeel voor de licentiegever is dat hij de licentienemer aan zijn verplichtingen houden.

De licentieovereenkomst geeft een zo nauwkeurig mogelijke beschrijving van de omvang van de licentie. Hierbij zijn in ieder geval de volgende vragen van belang:

  1. Wat mag de licentienemer exact gebruiken?
  2. Zijn er territoriale of andere specifieke beperkingen?
  3. Wanneer mag de licentienemer het recht niet gebruiken?
  4. Wanneer verloopt het recht tot gebruik?
  5. Is de licentienemer de enige partij die het gebruik krijgt (exclusiviteit) of zijn er meerdere licentienemer?
  6. Kan de licentienemer de licentie overdragen en mag hij sublicenties afgegeven?

Naast de omschrijving van de omvang gaat de licentieovereenkomst ook in op de vergoeding voor het gebruik en de beëindiging. De licentiegever heeft er immers belang bij dat er betaling voor het gebruik plaatsvindt en dat het recht tot gebruik zo spoedig mogelijk gestaakt wordt als de licentienemer de betalingsverplichtingen niet meer kan nakomen. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer de licentienemer failliet gaat.