Blog van medewerkers

WP_Query Object
(
    [query] => Array
        (
            [paged] => 5
            [news-type] => blog
        )

    [query_vars] => Array
        (
            [paged] => 5
            [news-type] => blog
            [error] => 
            [m] => 
            [p] => 0
            [post_parent] => 
            [subpost] => 
            [subpost_id] => 
            [attachment] => 
            [attachment_id] => 0
            [name] => 
            [pagename] => 
            [page_id] => 0
            [second] => 
            [minute] => 
            [hour] => 
            [day] => 0
            [monthnum] => 0
            [year] => 0
            [w] => 0
            [category_name] => 
            [tag] => 
            [cat] => 
            [tag_id] => 
            [author] => 
            [author_name] => 
            [feed] => 
            [tb] => 
            [meta_key] => 
            [meta_value] => 
            [preview] => 
            [s] => 
            [sentence] => 
            [title] => 
            [fields] => 
            [menu_order] => 
            [embed] => 
            [category__in] => Array
                (
                )

            [category__not_in] => Array
                (
                )

            [category__and] => Array
                (
                )

            [post__in] => Array
                (
                )

            [post__not_in] => Array
                (
                )

            [post_name__in] => Array
                (
                )

            [tag__in] => Array
                (
                )

            [tag__not_in] => Array
                (
                )

            [tag__and] => Array
                (
                )

            [tag_slug__in] => Array
                (
                )

            [tag_slug__and] => Array
                (
                )

            [post_parent__in] => Array
                (
                )

            [post_parent__not_in] => Array
                (
                )

            [author__in] => Array
                (
                )

            [author__not_in] => Array
                (
                )

            [ignore_sticky_posts] => 
            [suppress_filters] => 
            [cache_results] => 1
            [update_post_term_cache] => 1
            [lazy_load_term_meta] => 1
            [update_post_meta_cache] => 1
            [post_type] => 
            [posts_per_page] => 10
            [nopaging] => 
            [comments_per_page] => 50
            [no_found_rows] => 
            [taxonomy] => news-type
            [term] => blog
            [order] => DESC
        )

    [tax_query] => WP_Tax_Query Object
        (
            [queries] => Array
                (
                    [0] => Array
                        (
                            [taxonomy] => news-type
                            [terms] => Array
                                (
                                    [0] => blog
                                )

                            [field] => slug
                            [operator] => IN
                            [include_children] => 1
                        )

                )

            [relation] => AND
            [table_aliases:protected] => Array
                (
                    [0] => wp_term_relationships
                )

            [queried_terms] => Array
                (
                    [news-type] => Array
                        (
                            [terms] => Array
                                (
                                    [0] => blog
                                )

                            [field] => slug
                        )

                )

            [primary_table] => wp_posts
            [primary_id_column] => ID
        )

    [meta_query] => WP_Meta_Query Object
        (
            [queries] => Array
                (
                )

            [relation] => 
            [meta_table] => 
            [meta_id_column] => 
            [primary_table] => 
            [primary_id_column] => 
            [table_aliases:protected] => Array
                (
                )

            [clauses:protected] => Array
                (
                )

            [has_or_relation:protected] => 
        )

    [date_query] => 
    [queried_object] => WP_Term Object
        (
            [term_id] => 56
            [name] => Blog van medewerkers
            [slug] => blog
            [term_group] => 0
            [term_taxonomy_id] => 56
            [taxonomy] => news-type
            [description] => 
            [parent] => 0
            [count] => 823
            [filter] => raw
        )

    [queried_object_id] => 56
    [request] => SELECT SQL_CALC_FOUND_ROWS  wp_posts.ID FROM wp_posts  LEFT JOIN wp_term_relationships ON (wp_posts.ID = wp_term_relationships.object_id) LEFT  JOIN wp_icl_translations wpml_translations
							ON wp_posts.ID = wpml_translations.element_id
								AND wpml_translations.element_type = CONCAT('post_', wp_posts.post_type)  WHERE 1=1  AND ( 
  wp_term_relationships.term_taxonomy_id IN (56)
) AND wp_posts.post_type = 'post' AND (wp_posts.post_status = 'publish' OR wp_posts.post_status = 'acf-disabled' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-success' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-failed' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-schedule' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-pending' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-draft') AND ( ( ( wpml_translations.language_code = 'nl' OR 0 ) AND wp_posts.post_type  IN ('post','page','attachment','wp_block','acf-field-group','bwl_advanced_faq','tribe_venue','tribe_organizer','tribe_events','mc4wp-form','slider-data','actualiteiten','accordion','failissementens','advocaten','blogs','seminar','juridisch-medewerker' )  ) OR wp_posts.post_type  NOT  IN ('post','page','attachment','wp_block','acf-field-group','bwl_advanced_faq','tribe_venue','tribe_organizer','tribe_events','mc4wp-form','slider-data','actualiteiten','accordion','failissementens','advocaten','blogs','seminar','juridisch-medewerker' )  ) GROUP BY wp_posts.ID ORDER BY wp_posts.menu_order, wp_posts.post_date DESC LIMIT 40, 10
    [posts] => Array
        (
            [0] => WP_Post Object
                (
                    [ID] => 24837
                    [post_author] => 39
                    [post_date] => 2021-04-02 09:05:24
                    [post_date_gmt] => 2021-04-02 07:05:24
                    [post_content] => Sinds 1 april 2021 zijn er nieuwe geluidseisen gesteld aan airconditionings en warmtepompen die geplaatst worden bij woningen.  De geluidseisen zijn vastgelegd in de Regeling Bouwbesluit 2012, zoals hier te raadplegen.

Geluidseisen FactFriday

 

 

 

 

 

 

 

Kort gezegd is geregeld dat warmtepompen en airco’s niet meer geluid mogen veroorzaken dan 40 dB in de avonduren en 45 dB overdag. Dit geldt niet voor de installaties zelf, maar voor het geluid dat zij – vrij vertaald – veroorzaken bij de buren. Er is een rekentool ontwikkeld om het geluidsniveau van tevoren in te schatten. De aangescherpte eisen gelden niet voor vergunningsaanvragen die gedaan zijn vóór 1 april 2021.

Michael de Marco
                    [post_title] => Geluidseisen voor warmtepompen en airco’s zijn aangescherpt
                    [post_excerpt] => 
                    [post_status] => publish
                    [comment_status] => open
                    [ping_status] => open
                    [post_password] => 
                    [post_name] => geluidseisen-voor-warmtepompen-en-aircos-zijn-aangescherpt
                    [to_ping] => 
                    [pinged] => 
                    [post_modified] => 2021-04-02 09:05:24
                    [post_modified_gmt] => 2021-04-02 07:05:24
                    [post_content_filtered] => 
                    [post_parent] => 0
                    [guid] => https://bg.legal/?p=24837
                    [menu_order] => 0
                    [post_type] => post
                    [post_mime_type] => 
                    [comment_count] => 0
                    [filter] => raw
                )

            [1] => WP_Post Object
                (
                    [ID] => 24793
                    [post_author] => 19
                    [post_date] => 2021-04-01 08:45:08
                    [post_date_gmt] => 2021-04-01 06:45:08
                    [post_content] => Met afstudeerrichtingen in het civiel- en strafrecht had ik nooit gedacht uiteindelijk terecht te komen in het bestuursrecht. De praktijk blijkt verrassender dan gedacht! Inmiddels ben ik sinds 2010 advocaat bij BG.legal en gespecialiseerd in omgevingsrecht en vastgoed. Een gevarieerde praktijk waarin het accent ligt op allerlei vraagstukken binnen het publieke domein, met name ruimtelijke ordening. Een gebied dat constant verandert en daarom altijd boeit. Je moet wel uitdaging zien in de grote hoeveelheid wetten, regelingen en bijlagen. Maar juist die zoektocht is vaak boeiend en uitdagend.

bestuursrecht

 

 

 

 

 

Inmiddels heb ik mij mede toegelegd op allerlei aspecten rondom het huisvesten van arbeidsmigranten. Een dynamische ontwikkeling die momenteel veel aandacht heeft. Niet alleen in de praktijk maar ook in de politiek. Goede huisvesting van arbeidsmigranten is van belang. Vanuit planologisch oogpunt zijn er ook vaak mogelijkheden, maar vaak speelt de politieke (on)wil een belangrijke factor. Die combinatie is vaak uitdagend. Ook allerlei civielrechtelijke aspecten – veelal in het kader van huur – spelen een rol. Juist het snijvlak van het civiel- en bestuursrecht is boeiend omdat twee juridische werelden samenkomen en soms onverenigbaar lijken.

Naast mijn werk als advocaat schrijf ik voor een tweetal juridische vakbladen en neem ik zitting in een drietal bezwaarschriftencommissies. Een leuke en waardevolle inhoudelijke aanvulling op de dagelijkse praktijk. De inhoudelijke interesse in het vakgebied is voor mij altijd de drive.

Gitaar

 

 

 

 

 

 

Als er naast mijn gezinsleven nog tijd over is, trap ik op de wielrenfiets wat kilometers weg of speel ik elektrisch gitaar. Stevige muziek heeft mijn interesse. Een goede stevige gitaarsolo is een mooie compensatie voor het ‘softe karakter’ van het bestuursrecht zoals dat in de praktijk wel eens wordt gezien.

Rutger Boogers
                    [post_title] => Nooit gedacht! Rutger Boogers
                    [post_excerpt] => 
                    [post_status] => publish
                    [comment_status] => open
                    [ping_status] => open
                    [post_password] => 
                    [post_name] => nooit-gedacht-rutger-boogers
                    [to_ping] => 
                    [pinged] => 
                    [post_modified] => 2021-04-01 10:42:35
                    [post_modified_gmt] => 2021-04-01 08:42:35
                    [post_content_filtered] => 
                    [post_parent] => 0
                    [guid] => https://bg.legal/?p=24793
                    [menu_order] => 0
                    [post_type] => post
                    [post_mime_type] => 
                    [comment_count] => 0
                    [filter] => raw
                )

            [2] => WP_Post Object
                (
                    [ID] => 24741
                    [post_author] => 6
                    [post_date] => 2021-03-31 10:48:59
                    [post_date_gmt] => 2021-03-31 08:48:59
                    [post_content] => U bent van plan corona zelftesten te verkopen aan de consument. Uiteraard wilt u hier reclame voor maken. Maar welke regels zijn er verbonden aan het maken van reclame voor zelftesten? Waar moet u op letten?
Medisch hulpmiddel
Een zelftest is een medisch hulpmiddel voor in vitro diagnostiek, omdat het een instrument is dat bedoeld is voor de diagnose van een ziekte. Het is een instrument dat “aan de hand van menselijk lichaamsmateriaal wordt gebruikt voor uitvoeren van diagnostische tests”.
Verkoop van zelftesten
Vanaf 4 maart is het mogelijk voor fabrikanten en leveranciers van een sneltest een tijdelijke ontheffing aan te vragen zodat hun product als zelftest op de Nederlandse markt mag worden gebracht. Meer informatie hierover kunt u lezen in deze blog.
Reclame maken voor medische hulpmiddelen
De Wet op de medische hulpmiddelen bepaalt dat degene die een product als een medisch hulpmiddel aanprijst of verkoopt, verantwoordelijk is voor de geclaimde werking. Het is een misdrijf om een medisch hulpmiddel te verkopen of aan te prijzen wanneer je weet of redelijkerwijs moest vermoeden, dat de aangeprezen geschiktheid ontbreekt of de werkelijke geschiktheid in ernstige mate bij de aangeprezen achterblijft[1]. Op reclame voor medische hulpmiddelen is de Code voor de Publieksreclame voor Medische Hulpmiddelen (‘CPMH’) van toepassing. Zo bepaalt deze code onder meer ‘Reclame voor een medisch hulpmiddel moet waarheidsgetrouw zijn en mag de eigenschappen ervan niet overdrijven’[2]. Daarnaast hebben de bedrijven die medische hulpmiddelen ontwikkelen en in de handel brengen, in het kader van zelfregulering, een Gedragscode Medische Hulpmiddelen (‘GMH’) opgesteld. Wanneer er reclame wordt gemaakt voor medische hulpmiddelen, dan moet er, volgens deze code, zijn voldaan aan vier vereisten[3]:
  1. Uitingen mogen in geen enkel opzicht misleidend zijn;
  2. Uitingen dienen accuraat, actueel en waarheidsgetrouw te zijn;
  3. Uitingen dienen juist en controleerbaar te zijn;
  4. Uitingen mogen geen afbreuk doen aan de geldende normen voor goede smaak en fatsoen en aan de reputatie van de bedrijfstak, zorgprofessionals en medische hulpmiddelen.
Beweringen (claims) dienen te worden onderbouwd met wetenschappelijk gepubliceerde artikelen. Op deze manier kan de juistheid en controleerbaarheid worden gewaarborgd. Daarnaast gelden de basisregels voor misleidende reclame[4].
Conclusie
In alle gevallen neemt de fabrikant/importeur/distributeur/verkoper de verantwoordelijkheid op zich dat een zelftest ook de geclaimde eigenschappen heeft en de eigenschappen bezit die het publiek van het medisch hulpmiddel mag verwachten. Het is dus van groot belang om bij het maken van reclame voor een corona zelftest, de vier bovengenoemde vereisten in de gaten te houden. Heeft u hier vragen over? Of wilt u door ons laten beoordelen of uw reclame-uitingen geoorloofd zijn? Neem vrijblijvend contact met ons op via wijst@bg.legal.
Bronnen
[1] Artikel 13 Wet op de medische hulpmiddelen. [2] Artikel 7 CPMH [3] Artikel 4 GMH [4] Artikel 6:194 BW Jos van der Wijst [post_title] => Reclame maken voor corona zelftesten [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => reclame-maken-voor-corona-zelftesten [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2021-03-31 11:02:09 [post_modified_gmt] => 2021-03-31 09:02:09 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=24741 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [3] => WP_Post Object ( [ID] => 24726 [post_author] => 39 [post_date] => 2021-03-29 11:09:31 [post_date_gmt] => 2021-03-29 09:09:31 [post_content] => Tiny houses: modern wonen vol kansen, maar let op de juridische uitdagingen!
Inleiding
Gevoed door een steeds groeiende ecologische bewustwording en met een gespannen woningmarkt die zijn weerga niet kent, zijn mensen logischerwijs op zoek naar goede alternatieven. Een van die alternatieven vormt de tiny house. Zeker wanneer we de traditionele manier van denken rondom wonen loslaten biedt deze manier van wonen veel kansen. Er zijn ook genoeg juridische uitdagingen. In dit blog houd ik er een aantal tegen het licht.
Wat is een Tiny house?
Een tiny house is, hoe kan het ook anders, een klein huis. Het is een trend die is komen overwaaien uit de Verenigde Staten en de gedachte er achter is dat tiny houses een goedkoper, eenvoudiger, milieubewuster en flexibeler alternatief bieden boven de bestaande woonvormen. Een tiny house is in veel gevallen maximaal 50 m2 in oppervlak, vaak eenvoudig te verplaatsen en in sommige gevallen ook volledig zelfvoorzienend. Hoewel we al decennia allerlei vormen van verplaatsbare wooneenheden kennen, zijn er juridisch genoeg zaken om rekening mee te houden. Dit geldt niet alleen voor potentiële kopers, maar zeker ook voor verkopers van tiny houses.
Koop of aanneming van werk?
Voordat partijen een overeenkomst aangaan is het allereerst goed om te realiseren wat voor type contract partijen willen aangaan. Gaat het om de koop van een roerende zaak (zoals bijvoorbeeld een caravan) of zien partijen het als aanneming van werk (net als bij de bouw van een reguliere woning)? Het onderscheid is van belang om te bepalen welk wettelijk regime op de overeenkomst van toepassing is. Kenmerkend bij aanneming van werk is de oplevering van het werk. Eventuele zichtbare gebreken dienen tijdens de oplevering te worden opgemerkt. Zo niet, dan is de aannemer voor deze gebreken niet aansprakelijk. Na oplevering gelden nog verschillende garantietermijnen voor onzichtbare gebreken (veelal tussen de 5 en 10 jaar).  Bij koop ligt dit anders en behoort de koper binnen bekwame tijd na ontdekking van een gebrek te klagen. Hoe lang de koper de verkoper kan aanspreken hangt af van de eigenschappen die de koper op grond van de koopovereenkomst mocht verwachten. Of er van aanneming van werk of koop sprake is hangt af van de omstandigheden van het geval en de wijze waarop de tiny house wordt geproduceerd. Een aantal aspecten om rekening mee te houden zijn bijvoorbeeld of dat de tiny house in de fabriek in zijn geheel gebouwd wordt of (deels) op de beoogde locatie. Het is in ieder geval van belang om alles goed contractueel vast te leggen.
Roerend of onroerend?
Veel eigenaars beschouwen een tiny house als roerende zaak (zoals bijvoorbeeld een caravan), nu tiny houses veelal eenvoudig zijn te verplaatsen. Het is echter maar de vraag of dat deze redenering zo eenvoudig opgaat. Uit de wet volgt dat zaken onroerend zijn indien zij duurzaam met de grond verenigd zijn. Uit het bekende Portacabin-arrest van de Hoge Raad volgt dat dit moet worden beoordeeld aan de hand de bedoeling van de bouwer. De enkele verplaatsbaarheid maakt niet dat er altijd sprake is van een roerende zaak. Aansluiting op de nutsvoorzieningen, het aanleggen van een tuin, het aanbrengen van een fundering (en het verankerd zijn met de grond) en het al dan niet  bezwaren met een recht van hypotheek, kunnen aanknopingspunten zijn om te spreken van een onroerende zaak. Dat de tiny house zelfvoorzienend is kan aanknoping bieden dat de tiny house roerend is, maar dit hoeft niet altijd zo te zijn. Tiny house                   Het onderscheid is voor de koper van een tiny house van wezenlijk belang. Wordt de tiny house aangemerkt als onroerend, dan dient de levering van de tiny house bij verkoop, net als bij een normale woning, plaats te vinden via de notaris. Bovendien is er mogelijk overdrachts- en onroerende zaakbelasting verschuldigd. Een ander belangrijk aspect is natrekking. Wordt de tiny house nagetrokken, dan betekent dit dat de eigenaar van de grond ook eigenaar wordt van de daarop geplaatste tiny house. Met name op plekken, zoals recreatieparken, waar de grond niet wordt gekocht, is het van belang om in dat geval een beperkt recht te vestigen om natrekking te voorkomen.
Vergunningen?
Een tiny house kan niet zomaar overal worden neergezet en gebruikt worden om, al dan niet, permanent te wonen. De reden hiervoor is dat niet iedere bestemming wonen toelaat. De beoogde koper van een tiny house dient in dat geval een omgevingsvergunning voor de bouw en het gebruik van de tiny house in afwijking van de geldende bestemming aan te vragen. Er is niet alleen medewerking van de gemeente nodig, maar er bestaat ook een risico dat belanghebbenden bezwaar maken tegen de plaatsing en het gebruik van een tiny house op de beoogde locatie. Flexibel wonen lijkt vooralsnog toekomstmuziek. Onder de nieuwe Omgevingswet is de gedachte dat burgers meer ruimte krijgen om te participeren, waaronder het aandragen van ideeën, en voor flexibelere regelgeving. Tot slot kan onder het huidige recht ook nog het Bouwbesluit 2012 en de daarin vervatte bruikbaarheidsvereisten allerlei problemen opleveren voor de compacte tiny houses. Met de invoering van de Omgevingswet zal het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) het Bouwbesluit 2012 vervangen. Onder het regime van het Bbl is er meer ruimte voor maatwerk.
Ten slotte
Aanleiding voor dit blog is de recente bekendmaking van de nieuwste zonneauto van het Solar Team Eindhoven. Om bewustwording van ons energieverbruik verder aan het licht te brengen heeft het Solar Team Eindhoven dit jaar een self-sustaining house on wheels, een mobiel huis waarin je kunt wonen, werken en leven, ontwikkeld. BG.legal is trotse partner van het Solar Team Eindhoven en wij volgen de ontwikkelingen van het Solar Team dan ook op de voet. Het initiatief van het Solar Team Eindhoven laat in mijn ogen echt zien dat compact en zelfvoorzienend wonen op de radar staat en dé stap is naar groener wonen. Hoewel het misschien lijkt alsof er nog veel juridische beren op de weg zijn, biedt het wonen in een tiny house vooral ook veel kansen. De vele projecten in veel gemeenten over heel Nederland laten dit wel zien. Het is voor verkopers en (beoogd) kopers van tiny houses goed om zich van tevoren juridisch goed te laten adviseren. Heeft u vragen over de juridische mogelijkheden van tiny houses, neem dan gerust vrijblijvend contact op. Michael de Marco [post_title] => Tiny houses: kansvol wonen, let op juridische uitdagingen! [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => tiny-houses-kansvol-wonen-let-op-juridische-uitdagingen [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2021-03-29 11:33:50 [post_modified_gmt] => 2021-03-29 09:33:50 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=24726 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [4] => WP_Post Object ( [ID] => 24706 [post_author] => 16 [post_date] => 2021-03-26 12:28:56 [post_date_gmt] => 2021-03-26 11:28:56 [post_content] => Kan de huisarts een patiënt definitief naar de deur verwijzen? Een huisarts heeft de geneeskundige behandeling die hij had met zijn [ex] patiënte opgezegd. Kan dat zomaar? De [ex] patiënte heeft zich eerst beklaagd bij de tuchtrechter, tot 2x toe. De [ex]patiënte is vervolgens een kort gedingprocedure gestart waarin het ging om de vraag of de overeenkomst van geneeskundige behandeling die tussen de huisartsen maatschap en patiënte heeft bestaan en is opgezegd door de huisarts moet worden hersteld.
Tuchtcollege
De [ex] patiënte dient een klacht in bij het tuchtcollege. Onder meer heeft zij gesteld dat de behandelingsovereenkomst ten onrechte is opgezegd en dat de huisarts ten onrechte niet heeft meegewerkt aan correctie van het medisch dossier. Het tuchtcollege heeft de opzegging getoetst aan de KNMG richtlijn [Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering van de Geneeskunst]en overweegt: “Als een arts – zoals in dit geval verweerder – constateert dat de relatie met de patiënt – klaagster – moeizaam is, dat de patiënt haar eigen gang gaat (bijvoorbeeld met betrekking tot de medicatie en het zelf injecteren van pijnstilling) en de adviezen negeert, kan dat voor de arts aanleiding zijn aan te dringen op verandering. De afspraken die daartoe worden gemaakt moeten schriftelijk worden vastgelegd (en hiervan moet aantekening worden gemaakt in het dossier). De arts dient de patiënt – schriftelijk – te waarschuwen dat als het gedrag niet verandert of de plichten niet worden nageleefd, de behandelovereenkomst wordt beëindigd. Als de patiënt het gedrag niet verandert en de arts gaat tot opzegging over dan moet hij daarvoor een redelijke termijn in acht nemen. Het college stelt vast dat van een herhaaldelijk aandringen of waarschuwen door verweerder niet is gebleken; er is vanuit het niets op 28 november 2017 opgezegd. Een opzegging waar klaagster zich niet op heeft kunnen instellen of voorbereiden en met een opzegtermijn van drie weken (28 november tot 21 november 2017) is een termijn die onder voornoemde omstandigheden niet redelijk te beschouwen is. Nu verweerder niet aan de in richtlijn genoemde voorwaarden heeft voldaan is dit klachtonderdeel gegrond.’ De klacht over het niet aanpassen van het medisch dossier is door het tuchtcollege ongegrond verklaard. De huisarts heeft vervolgens nog eenmalig een herhaalmedicatie voorgeschreven  en  diverse malen aan [ex]patiënte aangegeven om een andere huisarts te zoeken. Opnieuw gaat de [ex]patiënte naar de tuchtrechter en verwijt de huisarts dat er sprake is van zorgweigering omdat de huisarts zijn [voortgezette] zorgplicht jegens haar niet is nagekomen. Het tuchtcollege maakt hier korte metten mee. De huisarts heeft nl. de opzegtermijn verlengd en heeft zich voldoende ingespannen voor continuering van de medisch noodzakelijke hulp voor klaagster.
medisch dossier
Kort geding 
De [ex]patiënte spant vervolgens een kort geding aan. Zij vordert herstel van de behandelingsovereenkomst en hervatten/voorschrijven van de medicatie. De kort gedingrechter heeft de vorderingen afgewezen. De kort gedingrechter verwijst naar de uitspraak van de tuchtrechter, die blijkbaar verkeerd is gelezen door de [ex]patiënte. Uit de uitspraak van de tuchtrechter blijkt alleen dat de opzegtermijn niet in acht was genomen door de huisarts.
De kort gedingrechter oordeelt:
- De behandelingsovereenkomst is door de huisarts opgezegd vanwege een vertrouwensbreuk. - Sinds de opzegging van de behandelingsovereenkomst is een jaar verstreken. In dat jaar heeft de [ex]patiënte ruimschoots de gelegenheid gehad een andere huisarts te zoeken. De [ex]patiënte heeft dat desondanks niet gedaan. - In deze periode is de relatie tussen partijen verder verslechterd. Er is sprake van een aanzienlijk verstoorde relatie en een gebrek aan wederzijds vertrouwen. - Herstel van de behandelingsovereenkomst is daarom niet in het belang van partijen. - Verder heeft [ex]patiënte ter mondelinge behandeling gesteld dat ‘de huisarts van haar af kan zijn’ door het inwilligen van haar verzoek om het medisch dossier aan te passen. Daaruit kan worden afgeleid dat het de [ex]patiënte ook niet daadwerkelijk te doen is om herstel van de behandelingsovereenkomst. Ook in hoger beroep van het kort geding worden de vorderingen niet toegekend.
Conclusie
Een hulpverlener [i.c. de huisarts] kan, behoudens gewichtige redenen, de behandelingsovereenkomst niet opzeggen [ art. 7:460 BW]. Gewichtige redenen zijn o.a. de verstoring van de vertrouwensband als gevolg van ernstige meningsverschillen over de behandeling. Ook het feit dat de patiënt regelmatig over de arts zijn klachten uit kan een reden zijn voor de arts om de behandelingsovereenkomst te beëindigen.
De zorgvuldigheidseisen moeten hierbij in acht worden genomen:
- Tijdig aandringen op ander gedrag en waarschuwen dat anders een opzegging  van de behandelingsovereenkomst mogelijk is; - Het stellen van een redelijke termijn  voor de beëindiging en het nog voortzetten van noodzakelijke hulp; - Zo nodig de patiënt helpen bij het zoeken naar een andere hulpverlener. Het is dus mogelijk om de behandelingsovereenkomst onder omstandigheden op te zeggen echter de huisarts zal de zorgvuldigheidseisen in acht moeten nemen en ook ter bewijs hiervan een dossier moeten aanleggen. Volledige uitspraak, klik hier. Edith de Koning [post_title] => Kan de huisarts een patiënt definitief naar de deur verwijzen? [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => kan-de-huisarts-een-patient-definitief-naar-de-deur-verwijzen [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2021-03-26 12:28:56 [post_modified_gmt] => 2021-03-26 11:28:56 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=24706 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [5] => WP_Post Object ( [ID] => 24691 [post_author] => 45 [post_date] => 2021-03-26 08:49:04 [post_date_gmt] => 2021-03-26 07:49:04 [post_content] => Bent u van plan een nieuwe onderneming te starten of een nieuw product op de markt te zetten? En heeft u hier al een goede naam voor bedacht? Let dan goed op het volgende. Met het merkenrecht is het mogelijk deze naam tegen inbreukmakers te beschermen. Deze vorm van intellectuele eigendom geeft u de mogelijkheid om hier tegen op te treden.
Wat moet u hiervoor doen?
Voordat u start met het inschrijven van uw merk, raden wij altijd aan om een merkonderzoek te doen. Door middel van een merkonderzoek komt u erachter of de door u verzonnen naam nog “vrij” is. Wij zoeken naar identieke en soortgelijke merknamen en handelsnamen. Onze bevindingen vatten wij samen in een advies, waarmee wij u overzichtelijk informeren over uw mogelijkheden.
Kosten
De kosten voor een compleet verzorgd merkonderzoek bedragen € 300,= ex BTW. Dit pakket bevat:
  • Onderzoek naar identiek én vergelijkbare woordmerken
  • Onderbouwd advies op basis van uitgebreid onderzoek
  • Duidelijke conclusie en advies over de mogelijkheden
Uiteraard is het mogelijk om een merkonderzoek uit te voeren voor meerdere merken. Mocht u hier interesse in hebben, dan informeren wij u graag over de extra kosten.
Vragen?
Heeft u hier vragen over? Neem dan contact met ons op via hovens@bg.legal of kuiper@bg.legal. [post_title] => Wilt u weten of uw merk nog vrij is? [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => wilt-u-weten-of-uw-merk-nog-vrij-is [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2021-04-01 15:47:45 [post_modified_gmt] => 2021-04-01 13:47:45 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=24691 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [6] => WP_Post Object ( [ID] => 24654 [post_author] => 18 [post_date] => 2021-03-23 08:52:50 [post_date_gmt] => 2021-03-23 07:52:50 [post_content] => Recent heb ik een blog geschreven over de vraag of een bank de schade van WhatsApp-fraude op een particuliere bankrekening moet vergoeden. Het antwoord op deze vraag luidt in beginsel ‘nee’. Is dit anders wanneer er sprake is van WhatsApp-fraude op een zakelijke bankrekening? De Geschillencommissie Financiële Dienstverlening van Kifid (hierna “Kifid”) heeft hier op 10 maart 2021 uitspraak over gedaan. De uitspraak is hier te vinden.
De feiten
De consument heeft de beschikking over een betaalrekening bij Aegon Bank N.V. h.o.d.n. Knab (hierna “Knab”) op naam van haar eenmanszaak. De consument gebruikt de betaalrekening zowel voor zakelijke transacties als voor privé transacties. Op 18 mei 2020 om 15.14 uur is de consument benaderd door een persoon die zich voordeed als haar dochter. De ‘dochter’ verklaarde dat zij een nieuw telefoonnummer had omdat haar telefoon in de wasmachine was beland. Zij moet drie rekeningen betalen die diezelfde dag vóór 21.00 verwerkt zouden moeten zijn. Omdat de consument haar ‘dochter’ wilde helpen, heeft zij om 20.40 uur een bedrag van € 2.600,50 overgemaakt van haar betaalrekening bij Knab naar de betaalrekening van een derde. Al snel kwam de consument erachter niet haar dochter dit verzoek om geld had gedaan, maar een oplichter. Vanaf 20.57 uur heeft de consument diverse pogingen gedaan om Knab telefonisch te bereiken om te melden dat zij slachtoffer was geworden van WhatsApp-fraude. Om 21.09 uur heeft de consument telefonisch melding gedaan bij helpdesk van Knab. De medewerker van Knab adviseerde de consument om zelf onmiddellijk contact op te nemen met de bank waar zij de betaling naar had verricht. Dat heeft zij gedaan. Om 21.14 uur is de bankrekening van de derde geblokkeerd. Dezelfde dag nog heeft de consument aangifte gedaan bij de politie van oplichting. Op 25 mei 2020 heeft de consument een klacht ingediend bij Knab.
De klacht en vordering
De consument heeft schade geleden van € 2600,50 en stelt dat Knab deze schade moet vergoeden. De consument stelt daarbij dat Knab niet heeft gehandeld volgens het juiste protocol bij ‘social engineering’. Social engineering betreft situaties waarin menselijke eigenschappen worden misbruikt. Knab zou te laat actie hebben genomen na de melding van de consument. Daardoor kon het overgemaakte bedrag niet meer veilig gesteld worden. Dit terwijl het bedrag nog wel aanwezig zou zijn geweest op de bankrekening van de derde, aldus de mededeling van de medewerker van die bank. Daarnaast is de consument van mening dat Knab haar onvoldoende adequaat heeft begeleid. Knab heeft de consument in de steek gelaten door haar zelf contact te laten opnemen met de bank waar zij het geld naar heeft overgemaakt. Knab had zelf contact op moeten nemen met deze bank. De consument stelt na het voorval zich niet professioneel behandeld te hebben gevoeld door Knab. De consument heeft veel stress ervaren door deze zaak. Zij vordert van Knab betaling van een bedrag van € 2.600,50.
Juridische beoordeling
Knab voert verweer tegen de vordering van de consument. Dit verweer en de beoordeling door Kifid komt samengevat op het volgende neer.
Klacht niet behandelbaar
Het meest verstrekkende verweer van Knab luidt dat Kifid de klacht niet in behandeling kan nemen. Aangezien het gaat om een zakelijke betaalrekening, is Knab van mening dat de consument daarom geen ‘consument’ is in de zin van het Reglement van de Geschillencommissie Financiële Dienstverlening. Kifid komt echter tot de conclusie dat er in dit geval sprake is van een zogenaamde gemengde overeenkomst waarbij de beroepsactiviteit slechts een onbetekenende rol speelt. De consument toont namelijk aan dat circa 95% van het betaalverkeer dat via de zakelijke rekening, particuliere transacties betreffen. Hoewel in de voorwaarden van Knab is opgenomen dat het geld op de bankrekening juridisch en economisch eigendom van het bedrijf moet zijn, heeft Knab de consument daar niet op aangesproken. Kifid kan de klacht dus in behandeling nemen.
Is er sprake van een niet-toegestane betalingstransactie?
Het toetsingskader voor een zakelijke bankrekening is gelijk aan het toetsingskader voor een particuliere bankrekening. Uit artikel 7:529 lid 1 en lid 2 van het Burgerlijk Wetboek (“BW”) volgt dat de verliezen, die voortvloeien uit niet-toegestane betalingstransacties, voor rekening van de bank komen, tenzij sprake is fraude, opzettelijk handelen of grove nalatigheid aan de zijde van de consument. Van niet-toegestane betalingstransacties kan alleen pas worden gesproken als deze zijn uitgevoerd zonder instemming van de consument (artikel 7:522 lid 2 BW). In het onderhavige geval is geen sprake geweest van een niet-toegestane betalingstransactie van de rekening van de consument. De consument heeft zelf op 18 mei 2020 om 20:40 uur de betaling van haar betaalrekening verricht, omdat zij in de veronderstelling was dat zij het geld overboekte naar haar dochter. Niet is gebleken dat de persoon die zich voordeed als de dochter van de consument op enige wijze betrokken was bij de overboeking dan wel dat de betaalpas en/of pincode van de consument daarbij afhandig zijn gemaakt. Om die reden is er geen (wettelijke) grond die ertoe leidt dat Knab verplicht is om de schade van de consument te vergoeden. De verliezen dienen daarom voor rekening van de consument te komen.
Heeft Knab voldoende adequaat gehandeld?
Kifid is van mening dat Knab ook voldoende adequaat heeft gehandeld. Uit het dossier blijkt dat de consument vanaf op 18 mei 2020 20:57 uur een aantal pogingen heeft gedaan om Knab telefonisch te bereiken vanwege de lange wachttijd bij het bellen. Diezelfde avond om 21:09 uur heeft de consument bij de helpdesk van Knab de melding gedaan van de Whatsapp-fraude. Uit de transcriptie van het gesprek blijkt dat medewerker van de bank de consument heeft aangeraden om zelf snel contact op te nemen met de begunstigde bank, omdat de kans dan groter zou zijn dat het geld nog op de begunstigde rekening zou staan. Vijf minuten later, namelijk om 21:14 uur, is de begunstigde betaalrekening geblokkeerd. Kifid kan uit deze gang van zaken niet de conclusie trekken dat Knab inadequaat heeft gehandeld tegenover de consument. Kifid merkt nog op dat zij begrijpt dat de consument het frustrerend vond dat zij niet direct een medewerker van Knab te spreken kreeg toen zij melding wilde maken van de fraude. De bank heeft hierover verklaard dat haar helpdesk medewerkers op dat moment vanwege de Covid19-maatregelen thuis werkten, waardoor het extra druk was bij de klantenservice. Dit had een langere wachttijd als gevolg. Dit is naar het oordeel van Kifid een begrijpelijke verklaring. Dat de consument niet direct een medewerker van de bank kon spreken kan de bank in dit geval dus niet verweten worden.
Conclusie
Gelet op het voorgaande wijst Kifid de vorderingen van de consument af.
Les
Uit deze uitspraak volgt dat ook in geval van een zakelijke bankrekening de schade van WhatsApp-fraude in beginsel niet wordt vergoed. Het blijft dus opletten. Zoals ik ook in mijn eerdere blog al schreef, is het toch zonde van je geld. Dit artikel is geschreven door Lisan Vermeer, advocaat ondernemingsrecht bij BG.legal. Lisan Vermeer   [post_title] => Moet een bank schade van WhatsApp-fraude op een zakelijke rekening wel vergoeden? [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => moet-een-bank-schade-van-whatsapp-fraude-op-een-zakelijke-rekening-wel-vergoeden [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2021-03-23 08:52:50 [post_modified_gmt] => 2021-03-23 07:52:50 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=24654 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [7] => WP_Post Object ( [ID] => 24531 [post_author] => 59 [post_date] => 2021-03-22 13:33:06 [post_date_gmt] => 2021-03-22 12:33:06 [post_content] => In het kader van mijn persoonlijke blog vertel ik graag meer over waarom ik advocaat in het intellectuele eigendomsrecht en reclamerecht ben geworden. Toen ik jong(er) was mocht ik vaak mee met mijn ouders om boodschappen te doen. Soms was dit de bij Albert Heijn, soms de Aldi of de Lidl. Wat ik mij kan herinneren is dat ik het toen al vreemd vond dat sommige producten die ik bij de Albert Heijn in de schappen zag liggen (doorgaans zogenoemde A-producten) ook bij de Aldi of Lidl zag liggen, maar dan in een nét iets andere verpakking. Vreemd, maar ja wat doe je er als kind aan?
Mode en recht
Toen ik tijdens mijn rechtenstudie een bijbaantje kreeg in een kledingwinkel wist ik dat ik zowel mode als rechten interessant vond. Het was een feestje om bezig te zijn met het aankleden van de paspoppen (en mijzelf, aangezien je iedere keer een andere outfit uit de winkel aan mocht trekken) en het stijlen van de winkel. En dat juridische, dat lag me toch ook wel er goed. Maar hoe kon ik deze werelden met elkaar combineren? Geen idee.
Kinderen met koptelefoons en diamanten
In 2015 (dit was tegen einde van de bachelor van mijn rechtenstudie) heb ik het geluk gehad dat een summer school heb mogen volgen aan de Universiteit van Kaapstad, in Zuid-Afrika. Wij kregen daar verschillende vakken gedoceerd, waaronder het vak Intellectual Property Law. Tijdens een van de cursusdagen vertelde een Braziliaanse docente (advocaat en gespecialiseerd in Fashion Law) dat zij een Colombiaanse kunstenares (genaamd Adriana Duque) had bijgestaan die fotografische portretten maakte van kinderen met koptelefoons op hun hoofd. Deze koptelefoons waren versierd met diamanten. Deze koptelefoons had de kunstenares ook zelf ontworpen. [gallery ids="24541,24543,24545"]         © Adriana Duque Deze schilderijen bracht Adriana op de markt vanaf 2011. Het wekte dan ook haar verbazing toen zij in 2015 bijna identieke exemplaar van de koptelefoons in een modeshow van het modehuis Dolce & Gabbana voorbij zag komen. [gallery ids="24547,24549"]         Bron: zie link Adriana verzocht mijn docente dan ook om Dolce & Gabana hier op aan te spreken. Adriana zou (in haar optiek) namelijk als (eerste) maker auteursrechthebbende zijn van het ontwerp van deze koptelefoons. Dolce & Gabbana zou deze koptelefoons niet mogen maken en verkopen zonder haar toestemming.
Auteursrecht(inbreuk) naar Nederlands recht
Naar Nederlands recht zou ze hier mogelijk een sterke zaak hebben gehad. Want (1) de koptelefoons zijn in mijn optiek zeer creatief en uniek en dragen daardoor het persoonlijk stempel van Adriana (dus heeft zij een auteursrecht) en (2) de totaalindrukken van de koptelefoons van Adriana en Dolce & Gabbana zijn in mijn optiek zeer overeenstemmend (hetgeen auteursrechtinbreuk door Dolce & Gabbana oplevert). Maar goed, dat is mijn (zeer korte) analyse naar Nederlands recht.
Nederlands recht vs. realiteit
In de realiteit verweerde Dolce & Gabbana zich met het argument dat zij nog nooit van Adriana had gehoord en niet bekend was met haar portretten. De koptelefoons konden dus ook niet zijn ‘nageaapt’, aldus Dolce & Gabbana. De koptelefoons zouden los van elkaar zijn bedacht. Dat ze zoveel op elkaar leken zou puur toeval zijn geweest. In principe een prima verweer en naar Nederlands recht was dit ook een legitiem verweer geweest. Dit verweer was echter een leugen. Waar Dolce & Gabbana namelijk niet op voorbereid was, was dat mijn docente al vooronderzoek had gedaan en had ontdekt dat de hoofdontwerper van Dolce & Gabbana een foto op Instagram had geplaatst waarop te zien was dat hij een door Adriana gemaakte foto in de woonkamer had hangen. Deze foto was uiteraard verwijderd op het moment dat Dolce & Gabbana werd aangeschreven door mijn docente. Maar goed, het bewijs van de leugen was er. So far, so good zou je denken. Toch liep de kwestie met een sisser af. Het andere verweer van Dolce & Gabbana was namelijk dat zij zich beriep op de ‘fair use’ regel. Dit betekent dat het ontwerp van de Koptelefoons van Adriana niet bedoeld was om te verkopen als een mode-object. Dolce & Gabbana was dus vrij om de soortgelijke koptelefoons voor haar modecollectie te gebruiken (die zij voor maar liefst 4.600 pond verkocht). Helaas voor Adriana had zij in dit geval de slechtere hand. Helemaal jammer, omdat deze fair use regel lang niet in alle landen ter wereld bestaat, zoals in Nederland. Naar Nederlands recht had Adriana mogelijk meer kans gehad. Helaas had Adriana niet financiële middelen om de ‘grote’ Dolce & Gabbana verder aan te pakken.
Ik word IE-advocaat
Ondanks het ietwat onbevredigende einde van dit verhaal was ik toch onder de indruk. Ten eerste vanwege het onrecht achter dit verhaal, waarbij deze David helaas niet was opgewassen tegen de Goliat. De ideeën konden straffeloos van de creatieveling worden gestolen. Het tegengaan van dat onrecht, daar wilde ik mijn steentje aan kunnen bijdragen. Ten tweede vanwege detectivewerk dat komt kijken bij dit specifieke rechtsgebied. Ik had niet gedacht dat dat zou spannend was.  Sterker nog, dit hele rechtsgebied kende ik voor deze cursus nog niet. Tijdens die cursusdag kwam ik dan ook tot de ontdekking hoe ik de twee werelden met elkaar kon combineren en startte mijn missie. Ik zou advocaat op het gebied van het Intellectuele Eigendomsrecht worden. Ik heb mij tijdens die cursusdag dan ook meteen aangemeld voor de master Law & Technology aan Tilburg University. Een Masteropleiding met een focus op het Intellectuele Eigendomsrecht. En nu, ongeveer 6 jaar, later houd ik mij in de dagelijkse praktijk bezig met dit spannende rechtsgebied. Ik sta niet alleen cliënten bij in procedures over het auteursrecht, merken- en modellenrecht en reclamerecht. Ook adviseer ik cliënten met veel plezier hoe zij hun ontwerpen, producten en/of merknamen het beste kunnen beschermen.
Vragen?
Wil je weten of en hoe ik jou kan helpen? Neem vrijblijvend contact op! Of kijk het webinar Fashion & Law dat mijn collega Moos Hovens en ik op 4 maart 2021 hebben gegeven hier terug. Er volgen meerdere delen in deze gratis webinar reeks, dus houd onze Website, LinkedIn en Instagram in de gaten!   [post_title] => Later als ik groot ben.. [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => later-als-ik-groot-ben [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2021-03-22 13:33:44 [post_modified_gmt] => 2021-03-22 12:33:44 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=24531 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [8] => WP_Post Object ( [ID] => 24640 [post_author] => 43 [post_date] => 2021-03-22 13:25:44 [post_date_gmt] => 2021-03-22 12:25:44 [post_content] => Begin maart 2021 heeft het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een factsheet gepubliceerd over de (vaak) vereiste toestemming voor het uitwisselen van medische (persoons)gegevens tussen zorgverleners. In het factsheet benoemt het ministerie onder andere de hoofdregel, namelijk dat de patiënt uitdrukkelijke toestemming dient te verlenen voor het uitwisselen van zijn of haar medische persoonsgegevens tussen zorgverleners. Deze toestemming dient vrijelijk gegeven, ondubbelzinnig, geïnformeerd en specifiek te zijn. De toestemming kan worden gegeven middels een schriftelijke, digitale of mondelinge verklaring. Schriftelijk of digitaal heeft daarbij de expliciete voorkeur. Mocht er discussie ontstaan over de vraag of er wel of geen uitdrukkelijke toestemming is verleend, dan staat de zorginstelling in geval van een mondelinge toestemming qua bewijslevering met 1-0 achter. Het factsheet gaat tevens in op enkele situaties waarin er geen toestemming is vereist voor de uitwisseling (in geval van een wettelijke plicht/taak of een vitaal belang). In de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst is er tevens een uitzondering opgenomen voor partijen die rechtstreeks bij de behandeling betrokken zijn. In sommige gevallen mag de toestemming ook worden verondersteld. Ten slotte wordt ingegaan op de uitwisseling van medische persoonsgegevens middels een elektronisch uitwisselingssysteem (zoals een elektronisch patiëntendossier). U vindt het factsheet hier. Tom Oerlemans [post_title] => Factsheet uitwisseling medische gegevens gepubliceerd [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => factsheet-toestemming-voor-uitwisseling-medische-gegevens-tussen-zorgverleners-gepubliceerd [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2021-03-22 13:32:30 [post_modified_gmt] => 2021-03-22 12:32:30 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=24640 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [9] => WP_Post Object ( [ID] => 24628 [post_author] => 39 [post_date] => 2021-03-22 11:25:51 [post_date_gmt] => 2021-03-22 10:25:51 [post_content] =>
Inleiding
Het coronavirus heeft een enorme impact op veel ondernemers in Nederland. Sinds de uitbraak zijn er de nodige uitspraken gepubliceerd, waarin de kantonrechter een tijdelijke huurkorting toepast. In de rechtspraak is tot op heden bij de berekening van de huurkorting geen rekening gehouden met ontvangen overheidssteun, zoals de TVL-regeling. De kantonrechter van de Rechtbank Amsterdam brengt hier in zijn uitspraak van 9 maart 2021 verandering in.
Wat was er aan de hand?
Hotel V huurt van verhuurder IJboulevard een hotel op twee locaties in Amsterdam. Sinds de uitbraak van het coronavirus kampt het hotel met een enorme omzetdaling. Hotel V meent dat zij recht heeft op een aanpassing van de huurprijs. Dit nu de coronacrisis een onvoorziene omstandigheid vormt en vordert met terugwerkende kracht aanpassing van de oorspronkelijke huurprijs. De verhuurder verweert zich tegen deze vordering. De verhuurder stelt onder meer dat rekening behoort te worden gehouden met de ontvangen overheidssteun.
Wat oordeelt de rechter?
De kantonrechter stelt vast dat de toeristenstroom het afgelopen jaar vrijwel volledig is opgedroogd. Dit als gevolg van de wereldwijde pandemie. De kantonrechter komt om die reden tot de conclusie dat de coronacrisis een onvoorziene omstandigheid vormt, waardoor een ongewijzigde instandhouding van de huurovereenkomst niet mag worden verwacht. Kortom, de huurprijs wordt tijdelijk gekort. Tot zover is deze uitspraak in lijn met de huidige koers in de rechtspraak. Hotel V heeft – met haar omzetcijfers over 2019 – onderbouwd dat haar omzet door de crisis met 75% is gedaald. In tegenstelling tot bijvoorbeeld het eerdere vonnis van de Rechtbank Den Haag van 21 januari 2021. Hierin betrekt de kantonrechter in deze uitspraak de ontvangen TVL (tegemoetkoming vaste lasten) wél in de verlaging van de huurprijs. De kantonrechter telt de ontvangen tegemoetkoming op bij de behaalde omzet en berekent op die wijze te verstrekken huurkorting. De kantonrechter berekent de gewijzigde huurprijs als volgt:
Oorspronkelijke huurprijs – (percentage omzetderving ÷ 2)
De gedachte hierachter is dat de wijziging van de oorspronkelijke huurprijs met een omzetdaling van 100% in beginsel 50% is. Dit is in lijn met de huidige opvattingen in de rechtspraak. Een lagere omzetdaling moet dus in beginsel leiden tot een lagere huurprijskorting. In het geval van een omzetdaling van 75% is de huurprijsvermindering derhalve 37,5%.
Een redelijke uitkomst?
In een eerdere blog heb ik besproken dat het verweer van verhuurders, dat de ontvangen overheidssteun moet worden verwerkt in de huurkorting, veelvuldig wordt gepasseerd. Het is goed om te zien dat de kantonrechter van de Rechtbank Amsterdam de ontvangen TVL wél meeneemt in de huurprijskorting. Door alleen met de omzetcijfers van 2019 rekening te houden kan dit in de gegeven omstandigheden leiden tot een vertekend beeld. Wat nu als 2019 een topjaar was en het daardoor lijkt alsof de omzet over 2020 met een gigantisch percentage is gedaald, terwijl dit een stuk genuanceerder is als men naar de afgelopen vijf jaren kijkt? De kantonrechter beschouwt het jaar 2019 als ‘normaal jaar’ nu het hotel dit ter zitting heeft aangevoerd en door de verhuurder onvoldoende is weersproken. Een les voor de praktijk om hier kritisch op te zijn. Het is verder de vraag of dat de ontvangen TVL wel dient te worden opgeteld bij de omzetcijfers van de betreffende periode. Het lijkt mij zuiverder om de ontvangen tegemoetkoming – die uitdrukkelijk bedoeld is voor de ondersteuning bij de betaling van de vaste lasten – af te trekken van de oorspronkelijke huurprijs en over het restant een huurkorting los te laten. Of de rechtspraak hier ook zo over denkt zal de toekomst uitwijzen. Tot slot merk ik op dat de rechter oordeelt dat de eventuele boetes, wettelijke rente of incassokosten niet verschuldigd zijn, nu de huurprijs met terugwerkende kracht gewijzigd is. Zoals ook in dit blog opgemerkt vraag ik mij af of dit wel zo redelijk is. In veel gevallen is het namelijk de huurder die – eenzijdig – bepaalt om de volledige huurprijs in te houden. Als achteraf blijkt dat zij in veel gevallen 50% of meer dient te betalen en zij dit niet heeft gedaan, dan lijkt mij het toewijzen van een gematigde boete meer dan redelijk. Heeft u meer vragen over de gevolgen van de coronacrisis voor uw huurovereenkomst? Neem dan gerust vrijblijvend contact op. Michael de Marco       [post_title] => Huurkorting vanwege coronacrisis: overheidssteun (TVL) relevant! [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => huurkorting-vanwege-coronacrisis-overheidssteun-tvl-relevant [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2021-03-22 11:25:51 [post_modified_gmt] => 2021-03-22 10:25:51 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=24628 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) ) [post_count] => 10 [current_post] => -1 [in_the_loop] => [post] => WP_Post Object ( [ID] => 24837 [post_author] => 39 [post_date] => 2021-04-02 09:05:24 [post_date_gmt] => 2021-04-02 07:05:24 [post_content] => Sinds 1 april 2021 zijn er nieuwe geluidseisen gesteld aan airconditionings en warmtepompen die geplaatst worden bij woningen.  De geluidseisen zijn vastgelegd in de Regeling Bouwbesluit 2012, zoals hier te raadplegen. Geluidseisen FactFriday               Kort gezegd is geregeld dat warmtepompen en airco’s niet meer geluid mogen veroorzaken dan 40 dB in de avonduren en 45 dB overdag. Dit geldt niet voor de installaties zelf, maar voor het geluid dat zij – vrij vertaald – veroorzaken bij de buren. Er is een rekentool ontwikkeld om het geluidsniveau van tevoren in te schatten. De aangescherpte eisen gelden niet voor vergunningsaanvragen die gedaan zijn vóór 1 april 2021. Michael de Marco [post_title] => Geluidseisen voor warmtepompen en airco’s zijn aangescherpt [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => geluidseisen-voor-warmtepompen-en-aircos-zijn-aangescherpt [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2021-04-02 09:05:24 [post_modified_gmt] => 2021-04-02 07:05:24 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=24837 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [comment_count] => 0 [current_comment] => -1 [found_posts] => 823 [max_num_pages] => 83 [max_num_comment_pages] => 0 [is_single] => [is_preview] => [is_page] => [is_archive] => 1 [is_date] => [is_year] => [is_month] => [is_day] => [is_time] => [is_author] => [is_category] => [is_tag] => [is_tax] => 1 [is_search] => [is_feed] => [is_comment_feed] => [is_trackback] => [is_home] => [is_privacy_policy] => [is_404] => [is_embed] => [is_paged] => 1 [is_admin] => [is_attachment] => [is_singular] => [is_robots] => [is_favicon] => [is_posts_page] => [is_post_type_archive] => [query_vars_hash:WP_Query:private] => 030d21fe9288709c2f4054764d100ef2 [query_vars_changed:WP_Query:private] => [thumbnails_cached] => [stopwords:WP_Query:private] => [compat_fields:WP_Query:private] => Array ( [0] => query_vars_hash [1] => query_vars_changed ) [compat_methods:WP_Query:private] => Array ( [0] => init_query_flags [1] => parse_tax_query ) [tribe_is_event] => [tribe_is_multi_posttype] => [tribe_is_event_category] => [tribe_is_event_venue] => [tribe_is_event_organizer] => [tribe_is_event_query] => [tribe_is_past] => )
Sinds 1 april 2021 zijn er nieuwe geluidseisen gesteld aan airconditionings en warmtepompen die geplaatst worden bij woningen.  De geluidseisen zijn vastgelegd in de Regeling Bouwbesluit 2012, zoals hier te...
Lees meer
Met afstudeerrichtingen in het civiel- en strafrecht had ik nooit gedacht uiteindelijk terecht te komen in het bestuursrecht. De praktijk blijkt verrassender dan gedacht! Inmiddels ben ik sinds 2010 advocaat...
Lees meer
U bent van plan corona zelftesten te verkopen aan de consument. Uiteraard wilt u hier reclame voor maken. Maar welke regels zijn er verbonden aan het maken van reclame voor...
Lees meer
Tiny houses: modern wonen vol kansen, maar let op de juridische uitdagingen! Inleiding Gevoed door een steeds groeiende ecologische bewustwording en met een gespannen woningmarkt die zijn weerga niet kent,...
Lees meer
Kan de huisarts een patiënt definitief naar de deur verwijzen? Een huisarts heeft de geneeskundige behandeling die hij had met zijn [ex] patiënte opgezegd. Kan dat zomaar? De [ex] patiënte...
Lees meer
Bent u van plan een nieuwe onderneming te starten of een nieuw product op de markt te zetten? En heeft u hier al een goede naam voor bedacht? Let dan...
Lees meer
Recent heb ik een blog geschreven over de vraag of een bank de schade van WhatsApp-fraude op een particuliere bankrekening moet vergoeden. Het antwoord op deze vraag luidt in beginsel...
Lees meer
In het kader van mijn persoonlijke blog vertel ik graag meer over waarom ik advocaat in het intellectuele eigendomsrecht en reclamerecht ben geworden. Toen ik jong(er) was mocht ik vaak...
Lees meer
Begin maart 2021 heeft het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een factsheet gepubliceerd over de (vaak) vereiste toestemming voor het uitwisselen van medische (persoons)gegevens tussen zorgverleners. In het factsheet...
Lees meer
Inleiding Het coronavirus heeft een enorme impact op veel ondernemers in Nederland. Sinds de uitbraak zijn er de nodige uitspraken gepubliceerd, waarin de kantonrechter een tijdelijke huurkorting toepast. In de...
Lees meer

Contact

    Arbeidsmigranten huisvesten? Wat zijn de mogelijkheden?
    Lees meer
    Gevolgen “paraplubestemmingsplan” bij huisvesting arbeidsmigranten
    Lees meer
    Legal Department as-a-Service
    Lees meer
    Warmtewet 2014 sluit toepassing correctiefactoren niet uit
    Lees meer
    Transformatie van kantoren naar woningen
    Lees meer
    Meer ruimte voor beroep van niet-belanghebbenden bij bestuursrechter?
    Lees meer
    Bestemmingsplannen: zijn alternatieve locaties relevant?
    Lees meer
    De overeenkomst bepaalt niet (alleen) welk huurregime van toepassing is
    Lees meer
    Verplichte taxatie tegen marktwaarde van zorgvastgoed
    Lees meer
    Geluidseisen voor warmtepompen en airco’s zijn aangescherpt
    Lees meer
    Tiny houses: kansvol wonen, let op juridische uitdagingen!
    Lees meer
    Verschil opschortende termijn en contractuele vervaltermijn
    Lees meer
    Ingrijpende verandering van bouwtoezicht onder nieuwe Wet Kwaliteitsborging
    Lees meer
    Ontruiming van een woning na overlijden?
    Lees meer
    Arbeidsmigranten op vakantiepark, recreatief verblijf of niet?
    Lees meer
    Splitsing woning voor arbeidsmigranten in strijd met bestemmingsplan?
    Lees meer
    Huurkorting vanwege corona toegewezen!
    Lees meer
    Weet bij nieuwbouw van de BENG!
    Lees meer
    Maximaal aantal arbeidsmigranten in een straat in strijd met Europees Recht?
    Lees meer
    Biedt Airbnb de kans om extra inkomsten te verdienen?
    Lees meer
    Kunt u gemeentelijk beleid laten toetsen door de rechter?
    Lees meer
    Bestemmingsplanregels en het huisvesten van arbeidsmigranten
    Lees meer
    Onrechtmatige staatssteun leidt tot algehele nietige grondtransactie
    Lees meer
    Samenwerking tussen een projectontwikkelaar en de gemeente
    Lees meer
    Analyse kwaliteitsvraag in vervoersaanbestedingen
    Lees meer
    Huisvesting arbeidsmigranten
    Lees meer
    Huurachterstanden door de coronacrisis: ook na heropening?
    Lees meer
    Aanbesteden in het Sociaal Domein zonder gunningscriteria!
    Lees meer
    Arbeidsmigranten huisvesten na toezegging door de gemeente?
    Lees meer
    Verlenging huurovereenkomst onder Leegstandwet nodig?
    Lees meer
    Is verhuurder verplicht verlenging van de vergunning aan huurder mede te delen?
    Lees meer
    Handhaving bewoning arbeidsmigranten: inschrijving BRP van belang?
    Lees meer
    Toegestane onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande aankondiging
    Lees meer
    Boete in huurcontract wegens hennepkwekerij: oneerlijk beding?
    Lees meer
    Kosten aanvraag omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit
    Lees meer
    Een kadastraal perceel verkocht, of toch niet?
    Lees meer
    Corona en huurprijs: het blijft een lastige combinatie
    Lees meer
    Eerste corona uitspraken: welke lessen kunnen huurders en verhuurders trekken?
    Lees meer
    De renovatieversneller: Versnelling subsidiëring duurzame renovatie huurwoningen
    Lees meer
    Update: Spoedwet tijdelijke huurovereenkomsten en akkoord woningcorporaties        
    Lees meer
    Lees meer
    Overmacht in de bouw door corona
    Lees meer
    Akkoord vastgoedeigenaars en retailers vanwege de coronacrisis
    Lees meer
    Ontwerpverantwoordelijkheid aannemer projectmatige nieuwbouw
    Lees meer
    De gevolgen van het coronavirus voor de huurovereenkomst
    Lees meer
    Steeds meer regels voor het huisvesten van arbeidsmigranten
    Lees meer
    Beroep op ‘dringend eigen gebruik’ door woningbouwcorporatie Vestia slaagt niet
    Lees meer
    Kamerverhuur in Eindhoven op de schop
    Lees meer
    Handhaving gemeente bewoning door arbeidsmigranten: wat kunt u doen?
    Lees meer
    Ontbinding huurovereenkomst na huurachterstand: geen garantie op succes
    Lees meer
    Gemeenten vrezen dat maatregelen stikstof tekortschieten
    Lees meer
    Exoneratiebeding vernietigbaar?
    Lees meer
    Samenvoegen van panden als ‘kruimelgeval’
    Lees meer
    Legale belastingontwijking kan reden zijn voor bank om klantrelatie te beëindigen
    Lees meer
    Gemeente aansprakelijk voor onjuist principebesluit?
    Lees meer
    Een beroep op het vertrouwensbeginsel: koerswijziging in de jurisprudentie
    Lees meer
    Handhaving van het verbod om dubbele bemiddelingskosten bij verhuur in rekening te brengen
    Lees meer
    De taalkundige uitleg van de Earn-Out
    Lees meer
    Handelsregisterwet wordt gewijzigd
    Lees meer
    BG.vastgoed
    Lees meer
    Vastgoed
    Lees meer
    Huurrecht
    Lees meer
    Project- en gebiedsontwikkeling
    Lees meer
    Omgevingsrecht
    Lees meer
    Bouwrecht
    Lees meer
    Appartementsrecht
    Lees meer
    Pandrecht
    Lees meer
    Hypotheekrecht
    Lees meer
    • Vooraankondiging webinar/seminar arbeidsrecht

      Lees meer