Blog van medewerkers

WP_Query Object
(
    [query] => Array
        (
            [paged] => 5
            [news-type] => blog
        )

    [query_vars] => Array
        (
            [paged] => 5
            [news-type] => blog
            [error] => 
            [m] => 
            [p] => 0
            [post_parent] => 
            [subpost] => 
            [subpost_id] => 
            [attachment] => 
            [attachment_id] => 0
            [name] => 
            [pagename] => 
            [page_id] => 0
            [second] => 
            [minute] => 
            [hour] => 
            [day] => 0
            [monthnum] => 0
            [year] => 0
            [w] => 0
            [category_name] => 
            [tag] => 
            [cat] => 
            [tag_id] => 
            [author] => 
            [author_name] => 
            [feed] => 
            [tb] => 
            [meta_key] => 
            [meta_value] => 
            [preview] => 
            [s] => 
            [sentence] => 
            [title] => 
            [fields] => 
            [menu_order] => 
            [embed] => 
            [category__in] => Array
                (
                )

            [category__not_in] => Array
                (
                )

            [category__and] => Array
                (
                )

            [post__in] => Array
                (
                )

            [post__not_in] => Array
                (
                )

            [post_name__in] => Array
                (
                )

            [tag__in] => Array
                (
                )

            [tag__not_in] => Array
                (
                )

            [tag__and] => Array
                (
                )

            [tag_slug__in] => Array
                (
                )

            [tag_slug__and] => Array
                (
                )

            [post_parent__in] => Array
                (
                )

            [post_parent__not_in] => Array
                (
                )

            [author__in] => Array
                (
                    [0] => 73
                )

            [author__not_in] => Array
                (
                )

            [search_columns] => Array
                (
                )

            [ignore_sticky_posts] => 
            [suppress_filters] => 
            [cache_results] => 1
            [update_post_term_cache] => 1
            [update_menu_item_cache] => 
            [lazy_load_term_meta] => 1
            [update_post_meta_cache] => 1
            [post_type] => 
            [posts_per_page] => 10
            [nopaging] => 
            [comments_per_page] => 50
            [no_found_rows] => 
            [taxonomy] => news-type
            [term] => blog
            [order] => DESC
        )

    [tax_query] => WP_Tax_Query Object
        (
            [queries] => Array
                (
                    [0] => Array
                        (
                            [taxonomy] => news-type
                            [terms] => Array
                                (
                                    [0] => blog
                                )

                            [field] => slug
                            [operator] => IN
                            [include_children] => 1
                        )

                )

            [relation] => AND
            [table_aliases:protected] => Array
                (
                    [0] => wp_term_relationships
                )

            [queried_terms] => Array
                (
                    [news-type] => Array
                        (
                            [terms] => Array
                                (
                                    [0] => blog
                                )

                            [field] => slug
                        )

                )

            [primary_table] => wp_posts
            [primary_id_column] => ID
        )

    [meta_query] => WP_Meta_Query Object
        (
            [queries] => Array
                (
                )

            [relation] => 
            [meta_table] => 
            [meta_id_column] => 
            [primary_table] => 
            [primary_id_column] => 
            [table_aliases:protected] => Array
                (
                )

            [clauses:protected] => Array
                (
                )

            [has_or_relation:protected] => 
        )

    [date_query] => 
    [queried_object] => WP_Term Object
        (
            [term_id] => 56
            [name] => Blog van medewerkers
            [slug] => blog
            [term_group] => 0
            [term_taxonomy_id] => 56
            [taxonomy] => news-type
            [description] => 
            [parent] => 0
            [count] => 1441
            [filter] => raw
        )

    [queried_object_id] => 56
    [request] => SELECT SQL_CALC_FOUND_ROWS  wp_posts.ID
					 FROM wp_posts  LEFT JOIN wp_term_relationships ON (wp_posts.ID = wp_term_relationships.object_id) LEFT  JOIN wp_icl_translations wpml_translations
							ON wp_posts.ID = wpml_translations.element_id
								AND wpml_translations.element_type = CONCAT('post_', wp_posts.post_type) 
					 WHERE 1=1  AND ( 
  wp_term_relationships.term_taxonomy_id IN (56)
) AND wp_posts.post_author IN (73)  AND ((wp_posts.post_type = 'post' AND (wp_posts.post_status = 'publish' OR wp_posts.post_status = 'acf-disabled' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-success' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-failed' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-schedule' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-pending' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-draft'))) AND ( ( ( wpml_translations.language_code = 'nl' OR (
					wpml_translations.language_code = 'nl'
					AND wp_posts.post_type IN ( 'attachment' )
					AND ( ( 
			( SELECT COUNT(element_id)
			  FROM wp_icl_translations
			  WHERE trid = wpml_translations.trid
			  AND language_code = 'nl'
			) = 0
			 ) OR ( 
			( SELECT COUNT(element_id)
				FROM wp_icl_translations t2
				JOIN wp_posts p ON p.id = t2.element_id
				WHERE t2.trid = wpml_translations.trid
				AND t2.language_code = 'nl'
                AND (
                    p.post_status = 'publish' OR p.post_status = 'private' OR 
                    ( p.post_type='attachment' AND p.post_status = 'inherit' )
                )
			) = 0 ) ) 
				) ) AND wp_posts.post_type  IN ('post','page','attachment','wp_block','wp_template','wp_template_part','wp_navigation','our_sector','our_rechtsgebieden','acf-field-group','tribe_venue','tribe_organizer','tribe_events','mc4wp-form','slider-data','actualiteiten','accordion','failissementens','advocaten','blogs','seminar','juridisch-medewerker','backoffice','rechtsgebied-detail' )  ) OR wp_posts.post_type  NOT  IN ('post','page','attachment','wp_block','wp_template','wp_template_part','wp_navigation','our_sector','our_rechtsgebieden','acf-field-group','tribe_venue','tribe_organizer','tribe_events','mc4wp-form','slider-data','actualiteiten','accordion','failissementens','advocaten','blogs','seminar','juridisch-medewerker','backoffice','rechtsgebied-detail' )  )
					 GROUP BY wp_posts.ID
					 ORDER BY wp_posts.menu_order, wp_posts.post_date DESC
					 LIMIT 40, 10
    [posts] => Array
        (
            [0] => WP_Post Object
                (
                    [ID] => 38121
                    [post_author] => 73
                    [post_date] => 2023-08-23 13:24:39
                    [post_date_gmt] => 2023-08-23 11:24:39
                    [post_content] => Sinds 1 juli 2021 zijn rookruimtes niet meer toegestaan in (semi)-publieke en openbare gebouwen, inclusief de zorgsector. In het Nationaal Preventieakkoord zijn ook specifieke maatregelen afgesproken om in 2030 de zorg compleet rookvrij te maken. Maar mag dit ook voor privéruimtes?

Toepasselijke wet- en regelgeving

De Tabaks- en rookwarenwet reguleert het rookverbod, waarbij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) toezicht houdt op de naleving door ondernemers. Hoewel het rookverbod van kracht is voor werkplekken en openbare gebouwen, zijn er enkele uitzonderingen, waaronder privéruimtes in zorginstellingen.

Wat valt er onder privéruimte?

In de wet wordt niet exact gedefinieerd wat er onder een privéruimte valt. De Brancheorganisatie Zorg verstaat onder privéruimte een ruimte die exclusief door de cliënt gebruikt wordt en waar hij voor langere tijd verblijft. Op een kamer die wordt gedeeld met anderen cliënten of een tijdelijk kamer (bijvoorbeeld in een ziekenhuis) is het rookverbod dus van toepassing. De kamer van een cliënt is echter tevens de werkplek van de medewerkers van de zorginstelling. En op werkplekken is het wel verplicht om een rookverbod in stellen. Hoe zit dat dan?

Toch een rookverbod op de plaatsen waar dit niet verplicht is

Binnen de huisregels van zorginstellingen kan worden vastgelegd dat het rookverbod ook van toepassing is in de open lucht of privéruimtes. Hier gaat het om een belangenafweging door de zorgaanbieder. Werknemers hebben het recht op bescherming van hun gezondheid. Aan de andere kant hebben cliënten de vrijheid om hun leven naar eigen inzicht in te richten en moet hun persoonlijke levenssfeer worden beschermd. Huisregels die betrekking hebben op de huidige bewoners lijken een te grote inbreuk te zijn op de persoonlijke levenssfeer van de cliënten. Voor nieuwe cliënten is dit anders. Zij hebben vooraf de keuze om met het beleid in te stemmen of zich tot een andere zorginstelling te wenden. Voor de vooraf goed geïnformeerde cliënt wordt het lastig om zich achteraf te beroepen op zijn grondrechten indien hij/zij toch in de privéruimte wil roken. Op grond van de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen 2018 (WMCZ 2018) moet de cliëntenraad instemmen met huisregels die betrekking hebben op de kwaliteit, veiligheid en hygiëne. Tevens moet de ondernemingsraad instemmen met deze huisregels als deze de arbeidsomstandigheden van werknemers raken. Eerder schreven we al een artikel over het rookbeleid. Hierin beschreven we een zaak waar de rechter het rookbeleid van de zorginstelling niet kon beoordelen, omdat deze niet was opgenomen in de huisregels.

Overwegingen voor de thuiszorg

Indien de woning van de cliënt zich buiten het gebouw van de zorginstelling bevind kan er geen rookverbod worden ingesteld. Werkgevers zijn echter nog steeds verantwoordelijk voor een veilige en gezonde werkplek voor werknemers. De juridische mogelijkheden lijken beperkt, maar de werkgever kan bijvoorbeeld wel afspraken met de cliënt maken dat de kamer gelucht moet worden voordat de hulpverlener op bezoek komt. Ook kan de werkgever kijken of de hulpverleners die rookvrij willen werken enkel bij niet-rokende cliënten geplaatst kunnen worden.

Conclusie

Hoewel een rookverbod in privéruimtes inbreuk kan maken op de persoonlijke levenssfeer, is het niet onmogelijk. Overweegt u een rookverbod in de privéruimtes in te stellen? Zorg er dan voor dat u dit duidelijk communiceert aan nieuwe cliënten. Indien huidige cliënten niet willen stoppen dienen goede afspraken gemaakt te worden tussen de zorginstelling en haar werknemers enerzijds en de cliënten anderzijds. Heeft u vragen over het rookverbod of de huisregels? Of heeft u een meer algemeen (zorg)vraagstuk? Neem dan gerust contact met ons op! Jody Esveldt 1 [post_title] => Rookverbod in privéruimtes: een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer? [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => rookverbod-in-priveruimtes-een-inbreuk-op-de-persoonlijke-levenssfeer [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2023-08-24 14:19:08 [post_modified_gmt] => 2023-08-24 12:19:08 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=38121 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [1] => WP_Post Object ( [ID] => 37913 [post_author] => 73 [post_date] => 2023-08-10 10:41:31 [post_date_gmt] => 2023-08-10 08:41:31 [post_content] => In het kader van de Jeugdwet kunnen aanbieders van jeugdhulp geconfronteerd worden met controles van de gemeente om de rechtmatigheid en doelmatigheid van geleverde jeugdhulp te waarborgen. Maar in hoeverre moet aanbieders meewerken aan deze controle? En wat zijn de verantwoordelijkheden van aanbieders als het gaat om privacygevoelige medische gegevens?

Het geschil

In een recent arrest van de Rechtbank Limburg stond de vraag centraal of een jeugdhulpverlener verplicht is tot medewerking aan een controle naar de rechtmatigheid en doelmatigheid van geleverde jeugdhulp. De aanbieder van jeugdhulp in casus wilde niet meewerken aan de gewenste detailcontrole. Deze controle zou volgens haar niet voldoen aan de eisen uit de AVG, Jeugdwet en Regeling Jeugdwet en deze werd door haar als disproportioneel beschouwd. De betreffende detailcontrole vroeg om inzage in 80 medische dossiers. De rechter moest beoordelen of de getrapte controlesystematiek zoals vastgesteld in de Jeugdwet was gevolgd. Alleen dan kan namelijk medewerking worden gevergd.

De controlesystematiek van de Jeugdwet

In het kader van de Jeugdwet zijn gemeenten verantwoordelijk voor de controle van de rechtmatigheid en doelmatigheid van geleverde jeugdhulp. Deze controles zijn verdeeld in een getrapte controlesystematiek:
  1. Formele controle: Het proces omvat allereerst een formele controle van de facturen. Voldoet de rekening aan de gemaakte afspraken? De benodigde gegevens voor het uitvoeren van de formele controle zijn vaak intern al aanwezig bij de gemeenten.
  2. Materiële controle: Signalen afkomstig uit de formele controle kunnen aanleiding zijn tot een materiële controle. Het doel van een materiële controle is een onderzoek naar de doel- en rechtmatigheid van de gedeclareerde hulp. Is de gedeclareerde zorg ook daadwerkelijk geleverd? De gemeente moet de stappen uit de Regeling Jeugdwet volgen, waaronder het bepalen van een controledoel, het uitvoeren van een risicoanalyse en het opstellen en uitvoeren van een algemeen controleplan.
  3. Detailcontrole: Pas na de materiële controle kan een detailcontrole een vervolgstap zijn, indien er nog onvoldoende zekerheid is verkregen over de rechtmatigheid en/of doelmatigheid van de verleende zorg. De detailcontrole bestaat uit een specifieke risicoanalyse, een specifiek controleplan en doel. Bij de detailcontrole mag de gemeente niet verder onderzoeken dan noodzakelijk is voor het doel.

Verwerking van persoonsgegevens

De Regeling Jeugdwet bepaalt welke type  persoonsgegevens, gewone en bijzondere, gemeenten mogen verwerken tijdens controles. Bijzondere persoonsgegevens krijgen extra bescherming omdat deze gegevens een grote impact hebben. Dit ziet bijvoorbeeld op persoonsgegevens waaruit iemands etnische afkomst blijkt of gegevens over iemands gezondheid. Deze bijzondere gegevens mogen niet verwerkt worden, tenzij er een wettelijke uitzondering is. Bij de uitvoering van de materiële controle worden bijzondere persoonsgegevens over iemands gezondheid gebruikt die al bekend zijn bij de gemeente vanuit hun eigen taken. Het medisch dossier van de jeugdhulpverlener is hierbij niet nodig. Indien inzage in het medisch dossier toch vereist is, zoals in de Limburgse casus, kan dit alleen door of onder verantwoordelijkheid van een persoon die is gebonden aan het medisch beroepsgeheim. De gemeente moet dan wel uit te leggen waarom het niet met een andere methode kan. Lees ook: Het beroepsgeheim in de zorg: alles wat zorgverleners moeten weten!

Het oordeel van de rechter

Volgens het oordeel van de rechter was het controleplan algemeen van aard en gold het niet alleen voor deze specifieke jeugdhulpaanbieder. Tevens is er niet voldaan aan de vereiste vier stappen voor een materiële controle. Door de getrapte systematiek kan er van de jeugdhulpaanbieder dan ook niet vereist worden om mee te werken aan de detailcontrole.

Wat betekent dit voor de praktijk?

Van een aanbieder van jeugdhulp kan alleen worden verplicht medewerking te leveren als aan alle wettelijke vereisten van de  controle is voldaan. Voor een jeugdhulpaanbieder is het daarom van belang om na te gaan of een materiële controle voldoet aan de vier wettelijke vereisten. Pas nadat een materiële controle is uitgevoerd kan een detailcontrole volgen. Het is in beginsel dus niet mogelijk om direct over te gaan op de controle van een dossier. Vraagt de gemeente direct persoonsgegevens op? Dan is het raadzaam om een toelichting te vragen aan de gemeente. Hierbij kunt u verwijzen naar de Regeling Jeugdwet. Voor jeugdhulpaanbieders die onderworpen zijn aan controles en vragen hebben over de rechtmatigheid ervan, met name betreffende inzage in medische dossiers van cliënten, staat ons team klaar om te helpen. Neem gerust contact op met een van onze medewerkers! ECLI:NL:RBLIM:2023:4475 Jody Esveldt [post_title] => Moet je meewerken aan een controle binnen de Jeugdwet? [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => moet-je-meewerken-aan-een-controle-binnen-de-jeugdwet [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2023-08-10 10:41:31 [post_modified_gmt] => 2023-08-10 08:41:31 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=37913 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [2] => WP_Post Object ( [ID] => 37482 [post_author] => 73 [post_date] => 2023-07-14 16:20:12 [post_date_gmt] => 2023-07-14 14:20:12 [post_content] => De Verordening voor medische hulpmiddelen (MDR) stelt strengere eisen aan medische hulpmiddelen, zoals uitgelegd in de eerdere artikelen van deze blogreeks. Maar vanaf wanneer moet een fabrikant aan deze eisen voldoen? In dit artikel geven we een antwoord op die vraag.

Verlenging van de overgangsperiode

In de MDR zijn overgangstermijnen neergelegd, die aangeven vanaf wanneer de medische hulpmiddelen aan de eisen van de nieuwe verordening moeten voldoen. De overgangsperiode van de verordening loopt af op 26 mei 2024. Afgelopen december werd echter een voorstel ingediend bij de Europese Commissie om de overgangsperiodes uit de MDR te verlengen. De reden daarvan is dat er een gebrek is aan aangemelde instanties (Notified Bodies). Hierdoor kan certificering niet (snel genoeg) worden uitgevoerd voor alle medische hulpmiddelen. Als fabrikanten er niet in slagen om hun producten tijdig gecertificeerd te krijgen, zal de beschikbaarheid van deze medische hulpmiddelen beperkt worden. Dit is uiteraard niet gunstig. Op 15 maart j.l. is de verlenging van de overgangsperiode definitief gemaakt, door de ondertekening van het wetgevingsvoorstel (Verordening EU 2023/607). Het besluit tot verlenging van de overgangsperiode treedt in werking op de dag van de bekendmaking van de verordening in het Publicatieblad. Het is nog niet bekend wanneer dit zal zijn.

De nieuwe overgangsperiodes

De verordening verlengt automatisch de certificaten van oudere medische hulpmiddelen die geldig waren op 26 mei 2021, de datum van inwerkingtreding van de verordening. De termijn waarbinnen fabrikanten deze producten in de handel mogen brengen, is ook verlengd. Voorheen was deze termijn dus vastgesteld op 26 mei 2024. Nu zijn de nieuwe overgangsperiodes als volgt:
  • Klasse III en IIb implantaten: nieuwe overgangsperiode tot 31 december 2027
  • Klasse IIb en lager: nieuwe overgangsperiode tot 31 december 2028
  • Klasse III op maat gemaakte producten: nieuwe overgangsperiode tot 31 december 2026
Voor een deel van de Klasse I-producten blijft de (oude) overgangsperiode tot 26 mei 2024 van kracht.

Voorwaarden voor de nieuwe overgangsperiodes

Er zijn voorwaarden van toepassing op deze verlenging, waaronder het voldoen aan de eisen uit de Medical Device Directie 93/42/EC, de voorganger van de MDR. Ook mogen er sinds 26 mei 2021 geen significante veranderingen in het ontwerp of het beoogde gebruik van het medisch hulpmiddel hebben plaatsgevonden. Het MDD-certificaat van het medisch hulpmiddel is nog steeds geldig op dit moment (zelfs indien het certificaat vóór 26 mei 2021 is verstreken). Voor een nieuw MDR-certificaat moet de fabrikant uiterlijk op 26 mei 2024 een kwaliteitsborgingssysteem hebben ingevoerd. Tevens moet voor 26 mei 2024 een formele aanvraag ingediend zijn voor een conformiteitsbeoordeling voor een hulpmiddel dat geen onaanvaardbaar risico is voor de gezondheid of de veiligheid van patiënten of gebruikers of voor andere aspecten van de volksgezondheid. De verlenging is niet van toepassing op hulpmiddelen waarvan het certificaat is verlopen en waarvoor de fabrikant vóór de vervaldatum geen schriftelijke overeenkomst met een aangemelde instantie heeft ondertekend. In dit geval moet de fabrikant een derogatie aanvragen. De derogatie wordt gebruikt om verdere vrijstellingen van de conformiteitsbeoordelingsprocedure mogelijk te maken, zodat uiteindelijk zo weinig mogelijk certificaten hun geldigheid verliezen. Hiervoor is een speciale leidraad gepubliceerd (MDCG 2022-18).

Conclusie

De verlenging biedt meer tijd voor fabrikanten om hun medische hulpmiddelen te laten certificeren, desondanks moeten zij proberen om hun certificaten zo snel mogelijk te krijgen vanwege de aanhoudende capaciteitsbeperkingen bij aangemelde instanties. Fabrikanten moeten in elk individueel geval zorgvuldig onderzoeken of de langere overgangsperioden kunnen worden toegepast op hun specifieke medische hulpmiddel. Heeft u vragen over de MDR of andere zaken omtrent medische hulpmiddelen? Neem gerust contact op met een van onze medewerkers.
Lees hier de artikelen uit de blogreeks: 

Intro: Navigeren door de MDR - flowchart 
Artikel 1: Wat is de MDR en waarom hebben we regels nodig? 
Artikel 2: De vereisten voor veiligheidsbeoordeling
Artikel 3: De verplichte traceerbaarheid 
Artikel 4: EUDAMED
Artikel 5: Verplichtingen voor de zorgverlener
Jody Esveldt [post_title] => MDR: de overgangsperiode [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => mdr-de-overgangsperiode [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2023-08-16 11:41:42 [post_modified_gmt] => 2023-08-16 09:41:42 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=37482 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [3] => WP_Post Object ( [ID] => 37331 [post_author] => 73 [post_date] => 2023-07-13 10:28:31 [post_date_gmt] => 2023-07-13 08:28:31 [post_content] => De ouderenzorg in Nederland kampt momenteel met diverse uitdagingen. Vorige week schreven we een blog over de ouderenzorg in crisis. De Nota van Inlichtingen, waar zorgkantoren antwoord geven op de vragen van zorginstellingen was, vanwege de tienduizenden vragen, een week vertraagd. In dit artikel bespreken we de recente ontwikkelingen in de sector. Inmiddels hebben zorgkantoren verschillende wijzigingen in het inkoopbeleid Wet langdurige zorg (Wlz) 2024-2026 doorgevoerd. Grote veranderingen zullen er niet plaatsvinden, het zal enkel om kleine tegemoetkomingen gaan.

Wijzigingen niet voldoende

De Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland heeft samen met 58 zorgorganisaties een kort geding aangespannen tegen het nieuwe inkoopbeleid. Zij zetten de procedure ook voort omdat de tarieven niet zo ver zijn opgehoogd als zij hadden gehoopt. Dit laat hun bezorgdheid zien over de financiële haalbaarheid van de zorgverlening. Verschillende brancheorganisaties hebben ook een oproep gedaan aan een volgend kabinet om de ouderenzorg prioriteit te geven. Zonder politieke daadkracht kunnen de aanhoudende problemen in de ouderenzorg niet aangepakt worden.

Aanhoudende problemen

De problemen in de ouderenzorg beperken zich echter niet alleen tot financiële aspecten. Zo groeien de wachtlijsten voor zorginstellingen, waardoor ouderen steeds langer moeten wachten op zorg. Deze situatie wordt verergerd door de vergrijzing die in een rap tempo doorzet. Een ander probleem dat directe gevolgen heeft op de kwaliteit van de zorg is de arbeidsmarktproblematiek. In de komende tien jaar gaat een heel groot deel van het huidige zorgpersoneel met pensioen. Hierdoor zal het al bestaande tekort aan gekwalificeerd personeel nog groter worden.

Conclusie

De ouderenzorg heeft dringende behoefte aan oplossingen. De wijzigingen die zijn doorgevoerd in het inkoopbeleid van de Wlz zullen deze problemen echter niet oplossen. Wilt u weten hoe wij u als zorginstelling kunnen ondersteunen? Neem gerust contact op met een van onze medewerkers! Jody Esveldt 1 [post_title] => Ouderenzorg in de crisis: een vervolg [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => ouderenzorg-in-de-crisis-een-vervolg [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2023-07-13 10:28:31 [post_modified_gmt] => 2023-07-13 08:28:31 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=37331 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [4] => WP_Post Object ( [ID] => 37194 [post_author] => 73 [post_date] => 2023-07-13 08:59:23 [post_date_gmt] => 2023-07-13 06:59:23 [post_content] => In een arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU, hierna: ‘het Hof’) van 4 juli 2023 wordt bevestigd dat een nationale mededingingsautoriteit mag nagaan of een onderneming in overeenstemming handelt met andere wetten en normen, zoals de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Het Hof heeft richtlijnen gegeven over onderwerpen zoals de bevoegdheid van mededingingsautoriteiten, de verwerking van bijzondere gegevens, verwerkingsgrondslagen en de keuzevrijheid van gebruikers. Lees meer over de uitspraak en de implicaties ervan in dit artikel.

Wat was er aan de hand?

Bij het aanmelden voor een Facebook-account, dienen gebruikers akkoord te gaan met de algemene voorwaarden én het cookie-/gegevensbeleid van Facebook. Dit biedt Meta Platforms Ireland (hierna: “Meta”) de mogelijkheid om gegevens over de activiteiten van Gebruikers te verzamelen, zowel binnen als buiten het online social media platform. De gegevens die afkomstig zijn van buiten het social media platform (off-Facebook-gegevens), kunnen betrekking hebben op de activiteiten van gebruikers op andere websites en apps van derden, maar ook op het gebruik van Instagram en WhatsApp, die tevens onder het Metaconcern vallen. Het bedrijfsmodel van Facebook is voornamelijk gebaseerd op het (aan)leveren van doelgerichte reclame. Deze advertenties zijn specifiek afgestemd op de persoonlijke voorkeuren van de gebruikers van het sociale netwerk. Dit toesnijden van de reclames op de smaak van de individuele gebruikers, wordt mogelijk gemaakt door de gegevens die Meta heeft verzameld. Facebook Het Duitse Bundeskartellamt is enige tijd geleden een procedure gestart tegen Meta, omdat zij van mening was dat het bedrijf misbruik maakte van haar machtspositie. Dit was onder meer gebaseerd op het feit dat Meta in haar algemene voorwaarden het gebruik van het Facebookplatform afhankelijk werd gesteld van het kunnen/mogen verwerken van de off-Facebook-gegevens van de desbetreffende gebruiker. In dat kader heeft het Bundeskartellamt Meta opgedragen om de algemene voorwaarden aan te passen, zodat duidelijk wordt dat de gegevens niet zonder toestemming van de betrokkene zullen worden verzameld, gekoppeld en gebruikt. Daarbij heeft het Bundeskartellamt benadrukt dat de huidige - in de algemene voorwaarden verwerkte - toestemming ongeldig is, wanneer het een voorwaarde is om het sociale netwerk te kunnen gebruiken. Volgens het Bundeskartellamt kan men de verwerkingsactiviteiten van Meta evenmin baseren op de verwerkingsgrondslag: noodzakelijk voor het uitvoeren van de overeenkomst (artikel 6 lid 1 sub b AVG). Daarbij is onder meer relevant dat de off-Facebook-gegevens in sommige gevallen eveneens kunnen worden gekwalificeerd als bijzondere persoonsgegevens, in de zin van artikel 9 lid 1 AVG.

De prejudiciële vragen en beantwoording

Het Oberlandesgericht Düsseldorff (de hoogste rechterlijke instantie van de deelstaat Noordrijn-Westfalen Duitsland, waarbij beroep is ingesteld tegen dit verbod) heeft twijfels over een aantal aspecten van deze casus. Meer in het bijzonder over de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan de verplichtingen uit de AVG door exploitanten van grote social media netwerken, zoals Meta. Daarom heeft zij een aantal prejudiciële vragen aan het HvJEU gesteld. Het antwoord van het HvJEU, zal hierna per (deel)onderwerp worden uitgewerkt.

De bevoegdheid van een nationale mededingingsautoriteit

Het Hof oordeelt dat de mededingingsautoriteit bij een onderzoek naar misbruik van de machtspositie, ook kan beoordelen of het gedrag van die onderneming in overeenstemming is met andere normen, zoals de AVG. Wanneer de mededingingsautoriteit de naleving van de AVG beoordeelt, doet zij dat namelijk alleen om te bepalen of er sprake is van misbruik van een machtspositie en om maatregelen op te leggen om dit misbruik te beëindigen, een en ander in overeenstemming met de regels van het mededingingsrecht. Het is essentieel dat mededingingsautoriteiten rekening houden met de bescherming van persoonsgegevens om een evenwichtige handhaving van het mededingingsrecht te waarborgen in de digitale economie. Het kan voorkomen dat de nationale mededingingsautoriteit moet samenwerken en overleggen met de nationale toezichthoudende autoriteit in de zin van de AVG. Een nationale mededingingsautoriteit moet controleren of de bevoegde nationale toezichthoudende autoriteit, de leidende toezichthoudende autoriteit of het Hof al een besluit of een uitspraak hebben gedaan met betrekking tot een vergelijkbare gedraging van een andere partij (e.g. ander social media platform). Indien dit het geval is, mag de mededingingsautoriteit niet afwijken van die beslissing, maar kan zij wel haar eigen conclusies trekken wat betreft de toepassing van het mededingingsrecht.

De verwerking van bijzondere gegevens, artikel 9 AVG.

De tweede vraag die centraal stond is of een gebruiker, door het enkele feit dat een gebruiker websites of apps bezoekt waaruit bijzondere gegevens kunnen voortvloeien, ook betekent dat zij deze gegevens ook kennelijk openbaar maakt in de zin van de AVG. Bijzondere gegevens zijn gegevens over bijvoorbeeld etniciteit, politieke opvattingen, gegevens over gezondheid of gegevens met betrekking tot seksuele gerichtheid. De verwerking van deze bijzondere gegevens is in beginsel verboden. Een uitzondering is als de betrokkene deze kennelijk openbaar heeft gemaakt (artikel 9, lid, sub e AVG). Volgens het Hof kan het erop lijken dat Meta gevoelige gegevens verwerkt. De nationale rechter van Duitsland moet beoordelen in hoeverre deze verwerkingen zijn toegestaan. Het Hof legt tevens uit dat door het enkele bezoek aan een website of een app, de gebruiker diens bijzondere (persoons)gegevens niet kennelijk openbaar maakt. Dit is ook niet het geval wanneer een gebruiker op websites of apps gegevens invoert of kenbaar maakt middels een selectieknop, tenzij de gebruiker vooraf uitdrukkelijk zijn keuze kenbaar heeft gemaakt om de gegevens openbaar te maken voor een onbeperkt aantal personen. Dat is niet het geval bij de werkwijze van Meta, waardoor zij geen beroep kan doen op deze uitzondering.

Uitvoering van de overeenkomst als verwerkingsgrondslag

De derde vraag die centraal stond was of de verwerkingsgrondslag: ‘noodzakelijk voor de uitvoering van een overeenkomst’ kan worden gebruikt voor de verwerkingsactiviteiten van Meta. Het Hof legt uit dat dit alleen mogelijk is indien het doel van de overeenkomst anders niet kan worden bereikt. In de casus van Meta betwijfelt het Hof of aan die voorwaarden is voldaan, maar dat is aan de nationale rechter om na te gaan. Het is aan de verwerkingsverantwoordelijke om aan te tonen in welk opzicht het doel van de overeenkomst zonder die verwerking niet zou kunnen worden bereikt.

Gerechtvaardigd belang als een verwerkingsgrondslag

De verwerking kan slechts noodzakelijk worden geacht voor de behartiging van gerechtvaardigde belangen van de verwerkingsverantwoordelijke (i.e. Meta), indien die exploitant de gebruikers bij wie de gegevens zijn verzameld: 1) heeft meegedeeld dat er met de verwerking een gerechtvaardigd belang wordt behartigd; 2) indien deze verwerking binnen de grenzen blijft van hetgeen voor de behartiging van dat belang strikt noodzakelijk is; en 3) indien uit een afweging van tegengestelde belangen blijkt dat de belangen of grondrechten en fundamentele vrijheden van die gebruikers niet zwaarder wegen dan het gerechtvaardigde belang van de verwerkingsverantwoordelijke of van een derde. Indien de gebruiker een kind is, moet bij de afweging bijzondere aandacht worden besteed aan de grondrechten en vrijheden van het kind. Kinderen zijn zich namelijk minder bewust van de risico’s en gevolgen, waardoor zij extra beschermd moeten worden. Volgens het Hof heeft Meta geen gerechtvaardigd belang bij het verwerken van persoonsgegevens zonder toestemming. Meta had aangevoerd dat zij met name via de personalisatie van reclame de dienst kunnen verbeteren. Hier ging het Hof echter niet in mee.

De keuzevrijheid van gebruikers

Tot slot werd de vraag gesteld of hier wel sprake was van rechtsgeldig verleende toestemming, mede gelet op het feit dat gebruikers zonder het verlenen van toestemming geen toegang konden krijgen tot het sociale media netwerk. Volgens het Hof sluit een machtspositie op zichzelf niet dat gebruikers rechtsgeldig toestemming kunnen geven voor de verwerking van hun persoonsgegevens. De omstandigheid dat de exploitant een machtspositie heeft is echter wel een belangrijk element om te bepalen of de toestemming daadwerkelijk vrijelijk is gegeven. Dit moet de exploitant bewijzen.

Conclusie

Het HvJEU heeft geoordeeld dat nationale mededingingsautoriteiten mogen controleren of het gedrag van ondernemingen in overeenstemming is met de AVG. Daarnaast heeft het Hof bepaald dat het bezoeken van websites of apps niet automatisch betekent dat gebruikers hun gegevens openbaar maken, tenzij ze daar expliciet toestemming voor hebben gegeven. Verder is opnieuw bevestigd dat het uitvoeren van een overeenkomst alleen als verwerkingsgrondslag kan dienen, wanneer dit noodzakelijk is voor het verwezenlijken van het doel van de overeenkomst. Het Hof benadrukte ook dat het hebben van een machtspositie niet automatisch betekent dat gebruikers geen vrije keuze hebben, maar dat de verwerkingsverantwoordelijke in dergelijke gevallen moet bewijzen dat de toestemming vrijwillig is gegeven. Heeft u vragen over de AVG en/of de verwerkingsgrondslagen waarop u bepaalde activiteiten kunt baseren? Neem dan gerust contact op met een van onze medewerkers HvJEU 4 juli 2023, ECLI:EU:C:2023:537 (Meta) Jody Esveldt 1 [post_title] => Hof van Justitie geeft antwoord op prejudiciële vragen in Meta/Facebook-zaak [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => hof-van-justitie-geeft-antwoord-op-prejudiciele-vragen-in-meta-facebook-zaak [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2023-07-13 08:59:23 [post_modified_gmt] => 2023-07-13 06:59:23 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=37194 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [5] => WP_Post Object ( [ID] => 37183 [post_author] => 73 [post_date] => 2023-07-12 10:02:34 [post_date_gmt] => 2023-07-12 08:02:34 [post_content] => In de zorg wordt steeds meer gebruik gemaakt van kunstmatige intelligentie (ook wel AI genoemd). Als zorgverlener ben je wellicht benieuwd naar de mogelijkheden van AI, zoals ChatGPT, voor je dagelijkse praktijk. In dit artikel (update ChatGPT artikel) gaan we dieper in op de juridische kaders waarmee je rekening moet houden bij het gebruik van ChatGPT als zorgverlener.

Hoe kan ChatGPT gebruikt worden?

ChatGPT heeft eindeloze mogelijkheden, zo ook voor de zorg. Hier zijn een aantal voorbeelden:
  • (Her)schrijven van bijvoorbeeld e-mails;
  • Uitleggen van complexe (gezondheid gerelateerde) onderwerpen;
  • Analyseren van sentiment en toon;
  • Genereren van vragen en/of antwoorden bij een casus (van bijvoorbeeld een patiënt);
  • Aanbevelen van medische hulpmiddelen.

Maar hoe zit dit juridisch?

Als zorgverlener moet je continu met verschillende wetgeving rekening houden. Zo ook als je gebruik wilt maken van ChatGPT in je dagelijkse praktijk. Er bestaat (nog) geen specifieke wetgeving voor de toepassing van AI, daarom zullen we teruggrijpen op het algemene civiele recht voor een uitleg van het juridische kader.

Privacyrecht

Voor een optimale werking heeft ChatGPT gigantische hoeveelheden data nodig. Medisch relevante data zal voornamelijk afkomstig zijn uit medische dossiers van patiënten. Veel gegevens die uit deze medische dossiers komen, kunnen mogelijk worden aangemerkt als ‘persoonsgegevens’. Gegevens die iets over de gezondheid van de patiënt zeggen, vallen zelfs onder de categorie ‘bijzondere persoonsgegevens’. Op de verwerking van de persoonsgegevens is de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en de Uitvoeringswet AVG (UAVG) van toepassing. Daarnaast geldt voor zorgverleners het medische beroepsgeheim uit de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO). Het is belangrijk om bij het gebruik van ChatGPT geen informatie over patiënten vrij te geven. Als je dit wel doet, zonder expliciete toestemming van je patiënt, doorbreek je het medische beroepsgeheim. Indien je persoonsgegevens verstrekt aan het AI-model, wederom zonder toestemming, maak je tevens een inbreuk op de AVG. Lees ook: AI & Privacy in de zorg, een gelukkig huwelijk?

De Verordening Medische hulpmiddelen (MDR)

Medische hulpmiddelen worden gebruikt om patiënten te behandelen en te verzorgen. Als ChatGPT wordt gebruikt voor het stellen van een diagnose of behandeling, zou het beschouwd kunnen worden als een medisch hulpmiddel, wat betekent dat de MDR van toepassing kan zijn. Dit zou verstrekkende gevolgen kunnen hebben voor de vereisten van de chatbot. ChatGPT zegt hier zelf het volgende over: “Als AI-model ben ik geen medisch hulpmiddel in de zin van de Medical Device Regulation (MDR). Ik ben een tekstgenererend AI-model dat ontworpen is om algemene informatie en suggesties te geven. Hoewel ik kan assisteren bij het verstrekken van informatie, ben ik niet bedoeld als vervanging voor professioneel medisch advies, diagnose of behandeling.” Vooralsnog concludeer ik dat er geen sprake is van een medisch hulpmiddel zoals bedoeld in de MDR. De ontwikkelaars van ChatGPT zullen namelijk niet de bedoeling hebben gehad om medisch hulpmiddel gebruikt te worden.

Nadelen en risico’s

Hoewel ChatGPT vele voordelen biedt, zijn er ook uitdagingen, nadelen en risico’s. Het begrijpen van de beperkingen en risico's is essentieel om verantwoord en effectief gebruik te maken van AI-modellen zoals ChatGPT. Hieronder leggen we een aantal van deze risico’s uit:
  • Hallucinatie: ChatGPT verzint soms antwoorden en de referenties naar de bronnen die de chatbot gebruikt zou hebben, bestaan niet (altijd);
  • Vooroordelen: ChatGPT lijkt vooroordelen te bevatten. Dit komt door verschillende factoren, zoals de lage kwaliteit van de gegevens of de ongeschiktheid van de chatbot voor het voorgeschotelde probleem;
  • Desinformatie: Gebruikers kunnen (bewust) valse informatie invoeren in het model, ChatGPT kan deze informatie vervolgens onterecht zonder een kritisch oordeel weergeven aan de volgende gebruiker;
  • Gebrek aan contextueel begrip: AI-modellen zoals ChatGPT begrijpen niet altijd de volledige context van de informatie die ze ontvangen, waardoor antwoorden onjuist of niet specifiek (genoeg) zijn.

Wat zegt ChatGPT er zelf van?

Mag ik als zorgverlener ChatGPT gebruiken?” ChatGPT gaf daar het volgende antwoord op: “Ja, als zorgverlener kun je ChatGPT gebruiken als een hulpmiddel bij het verlenen van zorg. ChatGPT is ontworpen om mensachtige interacties te simuleren en kan worden gebruikt om vragen te beantwoorden, informatie te verstrekken en algemene ondersteuning te bieden aan patiënten of andere zorgverleners. Het kan helpen bij het bieden van snelle antwoorden op veelvoorkomende vragen, het bieden van educatieve materialen of het assisteren bij het plannen van afspraken. Het is belangrijk op te merken dat ChatGPT een AI-model is en geen vervanging kan zijn voor een persoonlijke, professionele medische beoordeling. ChatGPT kan dienen als een aanvullend hulpmiddel, maar de uiteindelijke verantwoordelijkheid en het oordeel liggen bij de zorgverlener. Daarnaast is het belangrijk om de privacy en veiligheid van de patiëntgegevens te waarborgen. Zorg ervoor dat je voldoet aan de relevante wet- en regelgeving met betrekking tot gegevensbescherming en dat je de nodige maatregelen neemt om de vertrouwelijkheid van de informatie te waarborgen wanneer je ChatGPT gebruikt.”

Conclusie

Hoewel ChatGPT nuttig kan zijn als ondersteuning voor zorgverleners, is het belangrijk op te merken dat het geen vervanging is van diagnostische beslissingen van een zorgverlener. Menselijke betrokkenheid is van cruciaal belang om de kwaliteit van de zorg te waarborgen. Heeft u vragen over het gebruik van AI in de zorg of heeft u andere vragen? Neem gerust contact op met een van onze medewerkers. Jody Esveldt 1 [post_title] => Het gebruik van ChatGPT in de zorg [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => het-gebruik-van-chatgpt-in-de-zorg [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2024-02-28 13:53:38 [post_modified_gmt] => 2024-02-28 12:53:38 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=37183 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [6] => WP_Post Object ( [ID] => 37067 [post_author] => 73 [post_date] => 2023-07-06 10:58:36 [post_date_gmt] => 2023-07-06 08:58:36 [post_content] => De ouderenzorg staat voor aanzienlijke uitdagingen om te kunnen voldoen aan de groeiende vraag naar zorg van een steeds groter wordende groep ouderen. De zorg voor ouderen dreigt namelijk onbetaalbaar te worden. In dit artikel bespreek ik de recente ontwikkelingen in de ouderenzorg, waarbij verpleeghuizen hebben gereageerd op het nieuwe inkoopbeleid en de geconstateerde belemmeringen. Bovendien zal ik ook de voorgestelde oplossingen belichten die zijn voorgesteld door verschillende belanghebbenden.

Massaal protest tegen nieuw inkoopkader

Het nieuwe inkoopbeleid binnen de Wlz heeft geleid tot een massaal protest van verpleeghuizen in alle zorgkantoorregio's. Deze zorgorganisaties hebben vragen gesteld en bezwaar gemaakt, omdat ze het inkoopkader zien als een bedreiging voor toekomstbestendige ouderenzorg. Ze zijn van mening dat de voorgestelde maatregelen onvoldoende rekening houden met de complexe zorgbehoeften van ouderen en de werkelijke kosten van het leveren van kwalitatieve zorg. Een belangrijk punt van zorg is het richttariefpercentage, dat door veel zorgorganisaties als ontoereikend wordt beschouwd. Dit percentage wordt gebruikt als leidraad bij het bepalen van prijzen en tarieven. De zorgorganisaties vrezen dat dit tariefpercentage niet kostendekkend is voor een groot deel van de sector, wat kan leiden tot financiële tekorten. ActiZ, de branchevereniging van zorgorganisaties, heeft herhaaldelijk gewezen op de onverantwoorde aard van het nieuwe Wlz-inkoopbeleid. Ze benadrukt dat de stapeling van financiële maatregelen zo groot is dat het de continuïteit en kwaliteit van de zorg in gevaar brengt. Het is duidelijk dat de voorgestelde bezuinigingen en besparingen een te grote last vormen voor zorgorganisaties, vooral in deze periode van transformatie waarin de zorg voor ouderen moet worden veranderd en verbeterd. Ouderenzorg

Advies van de Raad van Ouderen

De zorgen en frustraties van zorgorganisaties worden breed gedragen, en ook de Raad van Ouderen heeft gewaarschuwd dat een groeiende groep ouderen tussen wal en schip dreigt te vallen. In hun rapport adviseert zij structurele investeringen in de langdurige zorg door middel van hogere tarieven. Ze benadrukt de urgentie van deze investeringen, gezien de vergrijzing en de naderende pensionering van een groot aantal zorgmedewerkers in de komende tien jaar.

Mogelijke oplossingen

Het massale protest tegen het nieuwe inkoopkader binnen de Wlz illustreert de dringende behoefte aan oplossingen die de geconstateerde belemmeringen in de ouderenzorg aanpakken. Verschillende belanghebbenden hebben suggesties gedaan om de situatie te verbeteren en de continuïteit en kwaliteit van zorg te waarborgen.
  • Structurele investeringen in de langdurige zorg: De Raad van Ouderen heeft in haar rapport geadviseerd om structureel meer te investeren in de langdurige zorg door middel van hogere tarieven. Deze investeringen zijn nodig om te kunnen voldoen aan de groeiende vraag naar zorg, met name gezien de vergrijzing en het feit dat een aanzienlijk deel van de zorgmedewerkers de komende jaren met pensioen zal gaan. Door middel van hogere tarieven kan er meer financiële ruimte gecreëerd worden voor zorgorganisaties, zodat zij het benodigde personeel kunnen aantrekken en behouden en de meest kwetsbare ouderen de zorg kunnen blijven bieden die zij nodig hebben.
  • Verbetering van samenwerking en afstemming: Een andere mogelijke oplossing is het bevorderen van een betere samenwerking en afstemming tussen zorginstellingen, beleidsmakers, zorgverzekeraars en andere belanghebbenden. Door gezamenlijk te werken aan de ontwikkeling van een beleid dat rekening houdt met de complexe zorgbehoeften van ouderen en de werkelijke kosten van zorg, kunnen er betere resultaten worden behaald. Het is belangrijk dat alle betrokken partijen hun expertise en ervaring bundelen om tot doordachte oplossingen te komen die de kwaliteit en toegankelijkheid van de zorg verbeteren.
  • Investeren in ondersteuning en perspectief voor zorgmedewerkers: Om te kunnen blijven voldoen aan de zorgbehoeften van ouderen, is het essentieel om te investeren in ondersteuning en perspectief voor zorgmedewerkers. Dit kan onder meer worden bereikt door het bieden van opleidingsmogelijkheden, het verbeteren van arbeidsvoorwaarden en het stimuleren van loopbaanontwikkeling. Door te zorgen voor goede arbeidsomstandigheden en carrièremogelijkheden, kan de sector aantrekkelijk blijven voor zorgprofessionals en kunnen zij gemotiveerd worden om zich in te zetten voor de zorg van ouderen.
Alleen door samen te werken en naar elkaar te luisteren, kunnen de uitdagingen in de ouderenzorg aangepakt worden en streven naar een toekomst waarin hoogwaardige zorg voor ouderen gegarandeerd is.

Hoe kunnen wij u helpen?

Wij kunnen zorginstellingen adviseren over de juridische aspecten van het nieuwe inkoopbeleid en de mogelijke gevolgen ervan. Wij kunnen u als zorgorganisatie informeren over uw rechten en plichten en helpen bij het begrijpen van de complexe regelgeving en contractuele verplichtingen. U kunt ons betrekken bij contractonderhandelingen tussen zorginstellingen en zorgverzekeraars of andere partijen. Wij kunnen ervoor zorgen dat de belangen van de zorginstellingen adequaat worden vertegenwoordigd en dat er evenwichtige contractvoorwaarden worden opgesteld die rekening houden met de financiële en operationele uitdagingen waarmee zorginstellingen te maken hebben. Ook kunnen wij u ondersteunen bij het waarborgen van compliance met relevante wet- en regelgeving in de ouderenzorg. Wij kunnen helpen bij het identificeren en beheersen van juridische risico's, het opstellen van interne beleidslijnen en procedures, en het zorgen voor naleving van kwaliteits- en veiligheidsnormen.

Conclusie:

Het massale protest tegen het nieuwe inkoopbeleid binnen de Wlz en de gedeelde zorgen van zorgorganisaties onderstrepen de dringende behoefte aan oplossingen. Alleen door gezamenlijke inspanningen kunnen we streven naar een toekomstbestendige ouderenzorg die kwalitatieve zorg blijft bieden aan onze vergrijzende samenleving. Wij kunnen uw belangen behartigen en ervoor zorgen dat uw stem gehoord wordt. Heeft u vragen over het inkoopbeleid van de Wlz? Of heeft u een andere vraag? Neem gerust contact op met een van onze medewerkers! Jody Esveldt 1 [post_title] => De ouderenzorg in crisis: uitdagingen en mogelijke oplossingen [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => de-ouderenzorg-in-crisis-uitdagingen-en-mogelijk-oplossingen [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2023-07-12 11:15:38 [post_modified_gmt] => 2023-07-12 09:15:38 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=37067 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [7] => WP_Post Object ( [ID] => 37481 [post_author] => 73 [post_date] => 2023-07-05 16:15:51 [post_date_gmt] => 2023-07-05 14:15:51 [post_content] => De EU Medical Device Regulation (MDR) stelt strenge eisen aan fabrikanten van medische hulpmiddelen. Maar ook zorgverleners hebben belangrijke verplichtingen. Vooral zorgverleners die medische hulpmiddelen voorschrijven, aanpassen of gebruiken, spelen een cruciale rol in het waarborgen van de veiligheid van patiënten. In dit artikel bespreken we wat de MDR betekent voor zorgverleners en hoe zij kunnen bijdragen aan betere patiëntenzorg.

Op de hoogte blijven: Ken de classificatie van hulpmiddelen

Om aan de MDR te voldoen, moeten zorgverleners op de hoogte zijn van de classificatie van de medische hulpmiddelen die zij gebruiken of voorschrijven. Deze informatie is te vinden in de EUDAMED-database, een essentieel hulpmiddel voor iedereen die met medische hulpmiddelen werkt. Via EUDAMED kunnen zorgverleners:
  • Controleren of een hulpmiddel voldoet aan de MDR-eisen.
  • De bijbehorende regels en procedures vinden.
  • Hulpmiddelen identificeren en problemen aanpakken.

Vigilantie: Het melden van incidenten

Een van de belangrijkste verplichtingen onder de MDR is vigilantie. Dit omvat het opsporen, beoordelen, begrijpen en voorkomen van schadelijke bijwerkingen van medische hulpmiddelen. Als zorgverlener ben je verplicht om:
  1. Incidenten te melden: Elk voorval dat mogelijk te wijten is aan een medisch hulpmiddel, zoals storingen of onverwachte bijwerkingen, moet worden gerapporteerd.
  2. Voorkomen te documenteren: Ook incidenten die zijn voorkomen dankzij jouw alertheid moeten worden gemeld.
Deze meldingen dragen bij aan de post-market surveillance en helpen fabrikanten en autoriteiten om risico’s te beperken. Praktijktip: Zorg dat je op de hoogte bent van de meldprocedures binnen jouw organisatie en weet hoe je deze snel en correct kunt uitvoeren.

Samenwerken met fabrikanten

Als zorgverlener werk je vaak nauw samen met fabrikanten. Dit is niet alleen noodzakelijk, maar ook wettelijk verplicht. Alleen hulpmiddelen die voldoen aan de MDR-eisen mogen worden gebruikt. Samenwerking biedt daarnaast voordelen:
  • Feedback geven: Deel ervaringen en meld problemen aan de fabrikant om hulpmiddelen te verbeteren.
  • Kwaliteitscontrole: Controleer of de hulpmiddelen daadwerkelijk veilig en effectief zijn.
Dit draagt niet alleen bij aan betere hulpmiddelen, maar ook aan de algehele kwaliteit van zorg.

Praktische checklist voor zorgverleners

Om aan de MDR-verplichtingen te voldoen, kun je deze checklist gebruiken:
  • Controleer hulpmiddelen in de EUDAMED-database.
  • Meld incidenten of bijna-incidenten direct via de juiste kanalen.
  • Werk samen met fabrikanten en blijf op de hoogte van updates.
  • Houd je kennis up-to-date met MDR-trainingen en interne richtlijnen.
  • Informeer je team over vigilantie en meldprocedures.

Conclusie: Zorgverleners zijn onmisbaar in de MDR-keten

Hoewel de MDR vooral gericht is op fabrikanten, speelt de zorgverlener een sleutelrol in de praktijk. Het opsporen, melden en voorkomen van incidenten is essentieel om de veiligheid van medische hulpmiddelen te waarborgen. Door goed samen te werken met fabrikanten en gebruik te maken van tools zoals EUDAMED, kun je bijdragen aan een hogere kwaliteit van zorg en betere patiëntveiligheid.
Lees hier de artikelen uit de blogreeks: 

Intro: Navigeren door de MDR - flowchart 
Artikel 1: Wat is de MDR en waarom hebben we regels nodig? 
Artikel 2: De vereisten voor veiligheidsbeoordeling
Artikel 3: De verplichte traceerbaarheid 
Artikel 4: EUDAMED 
Artikel 6: Overgangsperioden
Jody Esveldt   [post_title] => Wat betekent de MDR voor zorgverleners? [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => wat-betekent-de-mdr-voor-zorgverleners [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2024-12-13 15:45:21 [post_modified_gmt] => 2024-12-13 14:45:21 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=37481 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [8] => WP_Post Object ( [ID] => 36988 [post_author] => 73 [post_date] => 2023-06-28 09:26:54 [post_date_gmt] => 2023-06-28 07:26:54 [post_content] => De Nederlandse Zorgautoriteit (hierna: NZa) heeft recentelijk aangekondigd dat de zorgtarieven voor het jaar 2024 opnieuw zullen worden berekend en bijgesteld. Deze beslissing volgt op de ontdekking van een fout in het prijsindexcijfer voor materiële kosten, dat werd verstrekt door het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (hierna: VWS).

Fout bij de prijsindexering

De fout in het prijsindexcijfer heeft invloed op alle gereguleerde tarieven, budgetten, beschikbaarheidbijdragen en beleidsregelwaarden die door de NZa worden vastgesteld voor het komende jaar. De tarieven en beleidsregelwaarden zullen nu op basis van het nieuwe, correcte percentage worden gecorrigeerd en naar beneden bijgesteld. Het effect van deze correctie zal per zorgsector verschillen omdat de materiële kosten per sector verschillen. Onderdelen zoals loon, prijs en kapitaal wegen verschillend mee in het tarief. De NZa zal de betreffende sectoren op de gebruikelijke wijze informeren over deze veranderingen. Daarnaast zal de NZa de vergoedingsbedragen van de beschikbaarheidbijdragen voor het jaar 2023 herberekenen en naar beneden bijstellen. Jaarlijks worden de beschikbaarheidbijdragen op basis van het definitieve indexpercentage berekend. Aangezien het indexpercentage voor 2023 is aangepast, zullen ook de vergoedingsbedragen worden herzien.

De taak van de NZa

De NZa heeft als taak om de marktwerking, kwaliteit en toegankelijkheid in de zorg te bevorderen en te bewaken. Dit omvat het controleren van concurrentieverhoudingen, het voorkomen van marktmisbruik en het bevorderen van eerlijke concurrentie. De NZa kan maximumtarieven stellen met de doelstelling om de kosten in de zorg te beheersen en te voorkomen dat er buitensporig hoge tarieven worden gevraagd door zorginstellingen. Om de tarieven in de zorg te uniformeren en transparant te maken stelt de NZa prestatiebeschrijvingen op. Deze bevatten de omschrijving van de geleverde zorg en de bijbehorende tarieven. Tot slot houdt de NZa ook rekening met kosteninflatie en marktontwikkelingen door middel van prijsindexering. Aan de hand van deze indexering worden de tarieven jaarlijks aangepast. De aangepaste indexering zal voor 1 juli worden aangepast en ook rond die tijd worden bekendgemaakt.

Tariefonderhandelingen

In sommige gevallen kunnen zorgaanbieders en zorgverzekeraars gezamenlijk tariefafspraken maken. Dit gebeurt vaak in de vorm van contractonderhandelingen, waarbij beide partijen proberen overeenstemming te bereiken over de vergoedingen voor geleverde zorg. Over de problemen rondom de zorginkoop hebben we al eerder een artikel geschreven.

Conclusie

Het is van essentieel belang voor zorginstellingen om op de hoogte te zijn van de correctie van zorgtarieven voor 2024 door de NZa. Het kan nodig zijn om de tarieven in uw financiële planning en contractuele afspraken met leveranciers aan te passen. Wees erop voorbereid dat de tarieven naar verwachting naar beneden worden bijgesteld, met variaties afhankelijk van de betreffende zorgsector. Heeft u vragen over de zorginkoop? Of heeft u een andere juridische kwestie? Neem gerust contact op met een van onze medewerkers. Jody Esveldt 1 [post_title] => Correctie zorgtarieven voor 2024 door NZa na fout in prijsindexcijfer [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => correctie-zorgtarieven-voor-2024-door-nza-na-fout-in-prijsindexcijfer [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2023-06-28 09:26:54 [post_modified_gmt] => 2023-06-28 07:26:54 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=36988 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [9] => WP_Post Object ( [ID] => 37480 [post_author] => 73 [post_date] => 2023-06-26 16:12:03 [post_date_gmt] => 2023-06-26 14:12:03 [post_content] => In het vorige artikel uit deze blogreeks werd de verplichte traceerbaarheid van de medische hulpmiddelen en uiteengezet. In dit artikel wordt verder ingegaan op het registreren van deze informatie in de EUDAMED-database. EUDAMED, de Europese databank voor medische hulpmiddelen, speelt een cruciale rol in het bevorderen van de veiligheid, traceerbaarheid en transparantie van medische hulpmiddelen binnen de Europese Unie. In dit artikel zullen we de impact van EUDAMED verkennen.

EUDAMED

In de MDR is bepaald dat de Commissie een elektronisch systeem opzet, de EUDAMED. Dit is de European Databank on Medical Devices. Deze databank bevat informatie over bijvoorbeeld klinisch onderzoek, de CE-markering en de gebruiksaanwijzing van een product. Fabrikanten zijn verplicht om een UDI-nummer op hun producten aan te brengen en deze informatie te registreren in de EUDAMED. Via dit platform kunnen verschillende instanties die betrokken zijn bij de toelating, het markttoezicht en het gebruik van medische hulpmiddelen in de EU toegang krijgen tot belangrijke informatie. Lidstaten en de Europese Commissie kunnen via dit platform ook informatie uitwisselen over de conformiteitsbeoordeling van hulpmiddelen en over meldingen van incidenten en bijwerkingen.

Verplichtingen voor fabrikanten

Naast dat fabrikanten UDI’s moeten toewijzen en registreren op EUDAMED zijn er nog een aantal andere verplichtingen voor fabrikanten. De informatie die de fabrikant moet invoeren bestaat uit basisinformatie over het medische hulpmiddel zoals de naam, het type en de classificatie. Tevens moet er informatie over de fabrikant zelf, de importeur en van de aangemelde instantie die de conformiteitsbeoordeling heeft uitgevoerd worden verstrekt. Daarnaast moet informatie over de klinische evaluaties, post-market surveillance en informatie over incidenten en bijwerkingen die verband houden met het hulpmiddel worden verstrekt. Beperkingen over het gebruik van het medisch hulpmiddel kan daarbij niet ontbreken. Fabrikanten moeten alle bovenstaande vereiste informatie over hun medische hulpmiddelen verstrekken. Deze informatie moet ten alle tijden up-to-date zijn, dus hier ligt ook de verplichting om de informatie regelmatig bij te werken. Fabrikanten zijn verantwoordelijk voor de kwaliteit en juistheid van de gegevens die zij verstrekken.

Voor wie is EUDAMED relevant?

EUDAMED is voornamelijk relevant voor fabrikanten en toezichthouders. Echter kan het voor zorgverleners ook nuttig zijn. Het stelt hen namelijk in staat om specifieke informatie over medische hulpmiddelen op te zoeken, zoals indicaties voor gebruik en waarschuwingen. Met deze informatie kunnen zorgverleners een weloverwogen keuze maken voor het medisch hulpmiddel dat zij willen gebruiken voor hun patiënten. Het is echter voor zorgverleners niet verplicht om EUDAMED te gebruiken, zij kunnen relevante informatie ook halen uit bijvoorbeeld een bijsluiter of de website van de fabrikant.

Wat is het verschil tussen EUDAMED en het UDI-systeem?

In het vorige artikel stond het UDI-systeem centraal. Tussen dit systeem en EUDAMED lijkt veel overlag te zitten. Het verschil is dat EUDAMED de centrale database is waarin informatie over medische hulpmiddelen wordt opgeslagen, terwijl het UDI-systeem de unieke identificatiecodes biedt die worden gebruikt om individuele hulpmiddelen te identificeren en te traceren. Beide systemen spelen een belangrijke rol bij het waarborgen van de veiligheid, traceerbaarheid en effectiviteit van medische hulpmiddelen binnen de Europese Unie.

Conclusie

EUDAMED is dus een centrale database die door de Europese Unie is opgezet. EUDAMED is een belangrijk instrument voor het toezicht op medische hulpmiddelen en het waarborgen van de veiligheid en kwaliteit van deze producten op de Europese markt. EUDAMED brengt daarom verantwoordelijkheden en verplichtingen voor de fabrikant met zich mee. Heeft u vragen over de informatie die u moet verstrekken aan EUDAMED? Of heeft u een andere vraag over de MDR? Neem gerust contact op met een van onze werknemers!
Lees hier de artikelen uit de blogreeks: 

Intro: Navigeren door de MDR - flowchart 
Artikel 1: Wat is de MDR en waarom hebben we regels nodig? 
Artikel 2: De vereisten voor veiligheidsbeoordeling
Artikel 3: De verplichte traceerbaarheid 
Artikel 5: Verplichtingen voor de zorgverlener 
Artikel 6: Overgangsperioden
Jody Esveldt [post_title] => EUDAMED [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => eudamed [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2023-08-16 11:26:59 [post_modified_gmt] => 2023-08-16 09:26:59 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=37480 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) ) [post_count] => 10 [current_post] => -1 [before_loop] => 1 [in_the_loop] => [post] => WP_Post Object ( [ID] => 38121 [post_author] => 73 [post_date] => 2023-08-23 13:24:39 [post_date_gmt] => 2023-08-23 11:24:39 [post_content] => Sinds 1 juli 2021 zijn rookruimtes niet meer toegestaan in (semi)-publieke en openbare gebouwen, inclusief de zorgsector. In het Nationaal Preventieakkoord zijn ook specifieke maatregelen afgesproken om in 2030 de zorg compleet rookvrij te maken. Maar mag dit ook voor privéruimtes?

Toepasselijke wet- en regelgeving

De Tabaks- en rookwarenwet reguleert het rookverbod, waarbij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) toezicht houdt op de naleving door ondernemers. Hoewel het rookverbod van kracht is voor werkplekken en openbare gebouwen, zijn er enkele uitzonderingen, waaronder privéruimtes in zorginstellingen.

Wat valt er onder privéruimte?

In de wet wordt niet exact gedefinieerd wat er onder een privéruimte valt. De Brancheorganisatie Zorg verstaat onder privéruimte een ruimte die exclusief door de cliënt gebruikt wordt en waar hij voor langere tijd verblijft. Op een kamer die wordt gedeeld met anderen cliënten of een tijdelijk kamer (bijvoorbeeld in een ziekenhuis) is het rookverbod dus van toepassing. De kamer van een cliënt is echter tevens de werkplek van de medewerkers van de zorginstelling. En op werkplekken is het wel verplicht om een rookverbod in stellen. Hoe zit dat dan?

Toch een rookverbod op de plaatsen waar dit niet verplicht is

Binnen de huisregels van zorginstellingen kan worden vastgelegd dat het rookverbod ook van toepassing is in de open lucht of privéruimtes. Hier gaat het om een belangenafweging door de zorgaanbieder. Werknemers hebben het recht op bescherming van hun gezondheid. Aan de andere kant hebben cliënten de vrijheid om hun leven naar eigen inzicht in te richten en moet hun persoonlijke levenssfeer worden beschermd. Huisregels die betrekking hebben op de huidige bewoners lijken een te grote inbreuk te zijn op de persoonlijke levenssfeer van de cliënten. Voor nieuwe cliënten is dit anders. Zij hebben vooraf de keuze om met het beleid in te stemmen of zich tot een andere zorginstelling te wenden. Voor de vooraf goed geïnformeerde cliënt wordt het lastig om zich achteraf te beroepen op zijn grondrechten indien hij/zij toch in de privéruimte wil roken. Op grond van de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen 2018 (WMCZ 2018) moet de cliëntenraad instemmen met huisregels die betrekking hebben op de kwaliteit, veiligheid en hygiëne. Tevens moet de ondernemingsraad instemmen met deze huisregels als deze de arbeidsomstandigheden van werknemers raken. Eerder schreven we al een artikel over het rookbeleid. Hierin beschreven we een zaak waar de rechter het rookbeleid van de zorginstelling niet kon beoordelen, omdat deze niet was opgenomen in de huisregels.

Overwegingen voor de thuiszorg

Indien de woning van de cliënt zich buiten het gebouw van de zorginstelling bevind kan er geen rookverbod worden ingesteld. Werkgevers zijn echter nog steeds verantwoordelijk voor een veilige en gezonde werkplek voor werknemers. De juridische mogelijkheden lijken beperkt, maar de werkgever kan bijvoorbeeld wel afspraken met de cliënt maken dat de kamer gelucht moet worden voordat de hulpverlener op bezoek komt. Ook kan de werkgever kijken of de hulpverleners die rookvrij willen werken enkel bij niet-rokende cliënten geplaatst kunnen worden.

Conclusie

Hoewel een rookverbod in privéruimtes inbreuk kan maken op de persoonlijke levenssfeer, is het niet onmogelijk. Overweegt u een rookverbod in de privéruimtes in te stellen? Zorg er dan voor dat u dit duidelijk communiceert aan nieuwe cliënten. Indien huidige cliënten niet willen stoppen dienen goede afspraken gemaakt te worden tussen de zorginstelling en haar werknemers enerzijds en de cliënten anderzijds. Heeft u vragen over het rookverbod of de huisregels? Of heeft u een meer algemeen (zorg)vraagstuk? Neem dan gerust contact met ons op! Jody Esveldt 1 [post_title] => Rookverbod in privéruimtes: een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer? [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => rookverbod-in-priveruimtes-een-inbreuk-op-de-persoonlijke-levenssfeer [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2023-08-24 14:19:08 [post_modified_gmt] => 2023-08-24 12:19:08 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=38121 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [comment_count] => 0 [current_comment] => -1 [found_posts] => 67 [max_num_pages] => 7 [max_num_comment_pages] => 0 [is_single] => [is_preview] => [is_page] => [is_archive] => 1 [is_date] => [is_year] => [is_month] => [is_day] => [is_time] => [is_author] => [is_category] => [is_tag] => [is_tax] => 1 [is_search] => [is_feed] => [is_comment_feed] => [is_trackback] => [is_home] => [is_privacy_policy] => [is_404] => [is_embed] => [is_paged] => 1 [is_admin] => [is_attachment] => [is_singular] => [is_robots] => [is_favicon] => [is_posts_page] => [is_post_type_archive] => [query_vars_hash:WP_Query:private] => 65b569cccdee6947d76c3f5de0101f10 [query_vars_changed:WP_Query:private] => 1 [thumbnails_cached] => [allow_query_attachment_by_filename:protected] => [stopwords:WP_Query:private] => [compat_fields:WP_Query:private] => Array ( [0] => query_vars_hash [1] => query_vars_changed ) [compat_methods:WP_Query:private] => Array ( [0] => init_query_flags [1] => parse_tax_query ) [tribe_is_event] => [tribe_is_multi_posttype] => [tribe_is_event_category] => [tribe_is_event_venue] => [tribe_is_event_organizer] => [tribe_is_event_query] => [tribe_is_past] => [tribe_controller] => Tribe\Events\Views\V2\Query\Event_Query_Controller Object ( [filtering_query:Tribe\Events\Views\V2\Query\Event_Query_Controller:private] => WP_Query Object *RECURSION* ) )
Sinds 1 juli 2021 zijn rookruimtes niet meer toegestaan in (semi)-publieke en openbare gebouwen, inclusief de zorgsector. In het Nationaal Preventieakkoord zijn ook specifieke maatregelen afgesproken om in 2030 de...
Lees meer
In het kader van de Jeugdwet kunnen aanbieders van jeugdhulp geconfronteerd worden met controles van de gemeente om de rechtmatigheid en doelmatigheid van geleverde jeugdhulp te waarborgen. Maar in hoeverre...
Lees meer
De Verordening voor medische hulpmiddelen (MDR) stelt strengere eisen aan medische hulpmiddelen, zoals uitgelegd in de eerdere artikelen van deze blogreeks. Maar vanaf wanneer moet een fabrikant aan deze eisen...
Lees meer
De ouderenzorg in Nederland kampt momenteel met diverse uitdagingen. Vorige week schreven we een blog over de ouderenzorg in crisis. De Nota van Inlichtingen, waar zorgkantoren antwoord geven op de...
Lees meer
In een arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU, hierna: ‘het Hof’) van 4 juli 2023 wordt bevestigd dat een nationale mededingingsautoriteit mag nagaan of een...
Lees meer
In de zorg wordt steeds meer gebruik gemaakt van kunstmatige intelligentie (ook wel AI genoemd). Als zorgverlener ben je wellicht benieuwd naar de mogelijkheden van AI, zoals ChatGPT, voor je...
Lees meer
De ouderenzorg staat voor aanzienlijke uitdagingen om te kunnen voldoen aan de groeiende vraag naar zorg van een steeds groter wordende groep ouderen. De zorg voor ouderen dreigt namelijk onbetaalbaar...
Lees meer
De EU Medical Device Regulation (MDR) stelt strenge eisen aan fabrikanten van medische hulpmiddelen. Maar ook zorgverleners hebben belangrijke verplichtingen. Vooral zorgverleners die medische hulpmiddelen voorschrijven, aanpassen of gebruiken, spelen...
Lees meer
De Nederlandse Zorgautoriteit (hierna: NZa) heeft recentelijk aangekondigd dat de zorgtarieven voor het jaar 2024 opnieuw zullen worden berekend en bijgesteld. Deze beslissing volgt op de ontdekking van een fout...
Lees meer
26 jun 2023
In het vorige artikel uit deze blogreeks werd de verplichte traceerbaarheid van de medische hulpmiddelen en uiteengezet. In dit artikel wordt verder ingegaan op het registreren van deze informatie in...
Lees meer