Blog van medewerkers

WP_Query Object
(
    [query] => Array
        (
            [paged] => 5
            [news-type] => blog
        )

    [query_vars] => Array
        (
            [paged] => 5
            [news-type] => blog
            [error] => 
            [m] => 
            [p] => 0
            [post_parent] => 
            [subpost] => 
            [subpost_id] => 
            [attachment] => 
            [attachment_id] => 0
            [name] => 
            [pagename] => 
            [page_id] => 0
            [second] => 
            [minute] => 
            [hour] => 
            [day] => 0
            [monthnum] => 0
            [year] => 0
            [w] => 0
            [category_name] => 
            [tag] => 
            [cat] => 
            [tag_id] => 
            [author] => 
            [author_name] => 
            [feed] => 
            [tb] => 
            [meta_key] => 
            [meta_value] => 
            [preview] => 
            [s] => 
            [sentence] => 
            [title] => 
            [fields] => 
            [menu_order] => 
            [embed] => 
            [category__in] => Array
                (
                )

            [category__not_in] => Array
                (
                )

            [category__and] => Array
                (
                )

            [post__in] => Array
                (
                )

            [post__not_in] => Array
                (
                )

            [post_name__in] => Array
                (
                )

            [tag__in] => Array
                (
                )

            [tag__not_in] => Array
                (
                )

            [tag__and] => Array
                (
                )

            [tag_slug__in] => Array
                (
                )

            [tag_slug__and] => Array
                (
                )

            [post_parent__in] => Array
                (
                )

            [post_parent__not_in] => Array
                (
                )

            [author__in] => Array
                (
                    [0] => 6
                )

            [author__not_in] => Array
                (
                )

            [search_columns] => Array
                (
                )

            [ignore_sticky_posts] => 
            [suppress_filters] => 
            [cache_results] => 1
            [update_post_term_cache] => 1
            [update_menu_item_cache] => 
            [lazy_load_term_meta] => 1
            [update_post_meta_cache] => 1
            [post_type] => 
            [posts_per_page] => 10
            [nopaging] => 
            [comments_per_page] => 50
            [no_found_rows] => 
            [taxonomy] => news-type
            [term] => blog
            [order] => DESC
        )

    [tax_query] => WP_Tax_Query Object
        (
            [queries] => Array
                (
                    [0] => Array
                        (
                            [taxonomy] => news-type
                            [terms] => Array
                                (
                                    [0] => blog
                                )

                            [field] => slug
                            [operator] => IN
                            [include_children] => 1
                        )

                )

            [relation] => AND
            [table_aliases:protected] => Array
                (
                    [0] => wp_term_relationships
                )

            [queried_terms] => Array
                (
                    [news-type] => Array
                        (
                            [terms] => Array
                                (
                                    [0] => blog
                                )

                            [field] => slug
                        )

                )

            [primary_table] => wp_posts
            [primary_id_column] => ID
        )

    [meta_query] => WP_Meta_Query Object
        (
            [queries] => Array
                (
                )

            [relation] => 
            [meta_table] => 
            [meta_id_column] => 
            [primary_table] => 
            [primary_id_column] => 
            [table_aliases:protected] => Array
                (
                )

            [clauses:protected] => Array
                (
                )

            [has_or_relation:protected] => 
        )

    [date_query] => 
    [queried_object] => WP_Term Object
        (
            [term_id] => 56
            [name] => Blog van medewerkers
            [slug] => blog
            [term_group] => 0
            [term_taxonomy_id] => 56
            [taxonomy] => news-type
            [description] => 
            [parent] => 0
            [count] => 1441
            [filter] => raw
        )

    [queried_object_id] => 56
    [request] => SELECT SQL_CALC_FOUND_ROWS  wp_posts.ID
					 FROM wp_posts  LEFT JOIN wp_term_relationships ON (wp_posts.ID = wp_term_relationships.object_id) LEFT  JOIN wp_icl_translations wpml_translations
							ON wp_posts.ID = wpml_translations.element_id
								AND wpml_translations.element_type = CONCAT('post_', wp_posts.post_type) 
					 WHERE 1=1  AND ( 
  wp_term_relationships.term_taxonomy_id IN (56)
) AND wp_posts.post_author IN (6)  AND ((wp_posts.post_type = 'post' AND (wp_posts.post_status = 'publish' OR wp_posts.post_status = 'acf-disabled' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-success' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-failed' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-schedule' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-pending' OR wp_posts.post_status = 'tribe-ea-draft'))) AND ( ( ( wpml_translations.language_code = 'nl' OR (
					wpml_translations.language_code = 'nl'
					AND wp_posts.post_type IN ( 'attachment' )
					AND ( ( 
			( SELECT COUNT(element_id)
			  FROM wp_icl_translations
			  WHERE trid = wpml_translations.trid
			  AND language_code = 'nl'
			) = 0
			 ) OR ( 
			( SELECT COUNT(element_id)
				FROM wp_icl_translations t2
				JOIN wp_posts p ON p.id = t2.element_id
				WHERE t2.trid = wpml_translations.trid
				AND t2.language_code = 'nl'
                AND (
                    p.post_status = 'publish' OR p.post_status = 'private' OR 
                    ( p.post_type='attachment' AND p.post_status = 'inherit' )
                )
			) = 0 ) ) 
				) ) AND wp_posts.post_type  IN ('post','page','attachment','wp_block','wp_template','wp_template_part','wp_navigation','our_sector','our_rechtsgebieden','acf-field-group','tribe_venue','tribe_organizer','tribe_events','mc4wp-form','slider-data','actualiteiten','accordion','failissementens','advocaten','blogs','seminar','juridisch-medewerker','backoffice','rechtsgebied-detail' )  ) OR wp_posts.post_type  NOT  IN ('post','page','attachment','wp_block','wp_template','wp_template_part','wp_navigation','our_sector','our_rechtsgebieden','acf-field-group','tribe_venue','tribe_organizer','tribe_events','mc4wp-form','slider-data','actualiteiten','accordion','failissementens','advocaten','blogs','seminar','juridisch-medewerker','backoffice','rechtsgebied-detail' )  )
					 GROUP BY wp_posts.ID
					 ORDER BY wp_posts.menu_order, wp_posts.post_date DESC
					 LIMIT 40, 10
    [posts] => Array
        (
            [0] => WP_Post Object
                (
                    [ID] => 36044
                    [post_author] => 6
                    [post_date] => 2023-04-28 09:36:21
                    [post_date_gmt] => 2023-04-28 07:36:21
                    [post_content] => Wie is eigenaar van digitale gegevens (data)? Wie is eigenaar van fysieke documenten? Kun je beslag leggen op data?
Casus
In deze zaak [1] had een US bedrijf een medicijn ontwikkeld. Zij geeft opdracht aan een Nederlands bedrijf om klinische onderzoeken uit te voeren en daar data van te verzamelen. De relatie raakt verstoord. Het US bedrijf legt bewijsbeslag onder het Nederlandse bedrijf op alle data waar het Amerikaanse bedrijf eigenaar van was (geworden). Zij vordert afgifte van deze documenten. The Netherlands Commercial Court (NCC) geeft een beslissing in deze zaak. De Agreement for Clinical Trials Management Services die partijen hebben gesloten bepaalt: Ownership of data and intellectual property  All data (including without limitation, written, printed, graphic, video and audio material, and information contained in any computer database or computer readable form) generated by PRA in the course of conducting the Services (the “Data”) and related to the Services will be Sponsor’s property. Any copyrightable work created in connection with performance of the Services and contained in the Data will be considered work made for hire, whether published or unpublished, and all rights therein will be the property of Sponsor as employer, author and owner of copyright in such work. PRA understands and agrees that the underlying rights to the intellectual property and materials that are the subject of this Agreement, including, without limitation, all intellectual property rights in Sponsor’s drug candidates or products and assays, are owned solely by Sponsor.
Toepasselijk recht
Partijen hadden in de overeenkomst gekozen voor het recht van de Staat New York. De rechtbank overweegt dat dat recht van toepassing is op:
  • De uitleg van de overeenkomst
  • De gevolgen van het niet nakomen van een verplichting uit de overeenkomst (waaronder een beroep op een opschortingsrecht).
De rechtbank overweegt verder dat Nederlands recht van toepassing is op:
  • vragen over eigendomsrechten. Immers hier gaat het om documenten en gegevens die zich in Nederland bevinden.
  • vragen over overdracht/afgifte van eigendom.
Wie is eigenaar van de documenten en data?
Daarbij moet de rechtbank een viertal vragen beantwoorden: 1. Kan een eigendomsrecht worden gevestigd op data? Onder verwijzing naar artikel 5.1 juncto artikel 3.2. BW overweegt de rechtbank dat, naar huidig Nederlands recht, er geen eigendom mogelijk is op data. Eigendom kan alleen betrekking hebben op ‘zaken’. En ‘zaken’ zijn ‘voor menselijke beheersing vatbare stoffelijke objecten’. Data / digitale bestanden vallen daar niet onder. De rechtbank overweegt: “The Court notes that although it may be desirable in this digital day and age to apply the concept of ownership analogously to digital data, this would be contrary to the “closed” system of Dutch property law in which rights are specifically enumerated. It would also encroach on the domain and prerogatives of the legislative branch. As a result, it is not up to the courts to determine the rights in rem that can be vested in digital data.” 2. Rust er een eigendomsrecht op persoonsgegevens? De rechtbank overweegt dat er geen eigendomsrecht rust op persoonsgegevens. Een eigendomsrecht zou wel kunnen rusten op het fysieke object waar het persoonsgegeven onderdeel van vormt. Afgifte van de gegevensdrager waar de persoonsgegevens op zijn opgeslagen, vormt een verwerking van persoonsgegevens. De AVG is niet van toepassing op documenten dat geen namen van deelnemers aan de onderzoeken of nummers die te herleiden zijn tot deelnemers, bevat. De rechtbank overweegt dat partijen ‘gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijken’ zijn. Het verstrekken van persoonsgegevens door het Nederlandse bedrijf aan de US partij is op zich rechtmatig en valt onder artikel 9(2)(j) AVG. Echter, afgifte van de documenten met persoonsgegevens aan de US partij, is niet toegestaan omdat de US geen passend beschermingsniveau heeft. 3. Welke data valt onder de definitie van data uit de overeenkomst? De rechtbank past hier het recht van de staat New York toe en kijkt naar de letterlijke tekst van de overeenkomst. Dit betekent dat ‘data’ wordt uitgelegd als alle data gegenereerd door de Nederlandse partij. Dit tenzij de overeenkomst bepaalde data hiervan uitzondert. Dit betekent dat ‘data’ ook omvat de ruwe data, de brondocumenten en de Investigator File. Software en andere data die niet specifiek voor de US partij is ontwikkeld, valt niet onder de definitie van ‘data’. 4. Wie is eigenaar van de fysieke documenten op het moment van creatie? De Nederlandse partij beroept zich op art. 5:16 (1) BW. Omdat zij eigenaar was van het papier en de inkt, zou zij eigenaar zijn geworden van het fysieke document. De US partij beroept zich op art. 5:16 (2) BW en stelt dat het document in haar opdracht is gemaakt en dat zij dus eigenaar is geworden. De rechtbank overweegt, onder verwijzing naar de overeenkomst, dat het de bedoeling van partijen is geweest dat de US partij, al tijdens de uitvoering van de werkzaamheden en zonder dat een daadwerkelijke ‘levering’ nodig was, eigenaar is geworden van de fysieke documenten. Dit betekent dat de Nederlandse partij de documenten moet afgeven. De Nederlandse partij beroept zich op een opschortingsrecht omdat de US partij de eindfactuur niet heeft betaald. De rechtbank overweegt dat de eindfactuur nog niet verzonden had mogen worden. Eerst had de Nederlandse partij aan haar laatste verplichting moeten voldoen, zijnde het opsturen van de documenten. En dat weigerde de Nederlandse partij nu juist. Daarom verkeert de US partij niet in gebreke.
Conclusie
De rechtbank verklaart voor recht dat de US partij eigenaar is van de fysieke documenten. Partijen moeten in overleg met de deurwaarder onderzoeken welke bestanden aan de US partij afgegeven moeten worden.
Wat betekent dit voor de praktijk?
  • Omdat eigendom op data niet mogelijk is, zouden partijen in een overeenkomst afspraken moeten maken over wie wat met data mag en wie waar recht op heeft. In een overeenkomst kan een juridische situatie worden gecreëerd die een eigendomsrecht benadert.
  • Bij beslag op data moet nauwkeurig worden beschreven wat de inhoud is van bestanden waar beslag op is gelegd.
  • Soms kan er sprake zijn van een intellectueel eigendomsrecht op data (auteursrecht of databankenrecht). Dat kan dan een basis bieden om vorderingen of verweren op te baseren.
Vragen over overeenkomsten/discussie/vragen met betrekking tot (juridische aspecten van) data? Vraag het aan mij: wijst@bg.legal [1] Rechtbank Amsterdam (NCC), 21 april 2023, ECLI:NL:RBAMS:2023:2540 Jos van der Wijst [post_title] => Eigendom op data [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => eigendom-op-data-2 [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2023-06-02 09:15:57 [post_modified_gmt] => 2023-06-02 07:15:57 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=36044 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [1] => WP_Post Object ( [ID] => 35988 [post_author] => 6 [post_date] => 2023-04-26 12:08:25 [post_date_gmt] => 2023-04-26 10:08:25 [post_content] => Designers, wetenschappers, kunstenaars, ondernemers…het is eigen aan de mens om creatief en innovatief bezig te zijn. Binnen het recht houden we daar wereldwijd rekening mee door bescherming te bieden aan de “eigen intellectuele schepping” van mensen. Denk aan software, bouwtekeningen, muziek, screenplays, gereedschap, productvormgeving, enzovoort. Die juridische bescherming bestaat onder andere uit octrooirecht, merkenrecht, modellenrecht en auteursrecht – samen ook wel intellectueel eigendomsrecht genoemd (kortweg: IE of IP). Wanneer kennis/know how niet met IP kan worden beschermd, dan zoeken we een andere manier van bescherming zoals het bedrijfsgeheim. Daar staan we deze dag bij stil tijdens de World Intellectual Property Day. 26 april is namelijk door de World Intellectual Property Organization (WIPO) gedoopt tot World Intellectual Property Day. World Intellectual Property Day is bedoeld om mensen meer bewust te maken van hoe intellectueel eigendom het dagelijkse leven beïnvloedt. Iedereen heeft er mee te maken! En dat is goed, want dit recht zorgt er namelijk voor dat creatieve makers en uitvinders op hun manier kunnen bijdragen aan de samenleving en de economie. BG.legal staat helemaal achter deze boodschap. We hebben een team van specialisten op het gebied van intellectueel eigendom dat je graag verder helpt met het waarmaken van jouw werk. Een aantal teamleden hebben ook een technische achtergrond. Dat praat soms net wat makkelijker. Neem gerust contact met ons op en stel je vragen! Jos van der Wijst Mustafa Kahya Yvonne Vetjens Britt van den Branden Jos van der Wijst 1 [post_title] => 26 april: World Intellectual Property Day [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => 26-april-world-intellectual-property-day-2 [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2024-06-03 14:30:40 [post_modified_gmt] => 2024-06-03 12:30:40 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=35988 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [2] => WP_Post Object ( [ID] => 34977 [post_author] => 6 [post_date] => 2023-02-16 15:28:59 [post_date_gmt] => 2023-02-16 14:28:59 [post_content] => Hoewel je AI nodig hebt om AIVD te spellen, denkt men bij de AIVD toch eerder aan spionnen en ongevraagd afluisteren, dan aan AI-systemen. De dienst is er echter wel mee bezig. Niet alleen intern, maar ook in de praktijk. Het Nationaal Bureau voor Verbindingsbeveiliging (NBV) van de AIVD heeft namelijk in februari een brochure gepubliceerd waarin wordt uitgelegd hoe AI-systemen kunnen worden aangevallen en wat men daartegen kan doen.

Typen aanvallen

Het NBV heeft vijf categorieën opgesteld van aanvallen die specifiek op AI-systemen zijn gericht:
  • Poisoning aanvallen: De aanvaller probeert de trainingsdata, het trainingsalgoritme of het model aan te passen, waardoor het AI-systeem niet meer goed werkt.
  • Input (evasion) aanvallen: De aanvaller probeert een normale input zodanig aan te passen, dat het AI-systeem daardoor niet meer goed werkt.
  • Backdoor aanvallen: Een aanvaller met toegang tot een backdoor in het AI-systeem kan hier bepaalde informatie aan toevoegen, waarmee de beslissingen van het model kunnen worden beïnvloed.
  • Model reverse engineering & inversion aanvallen: De aanvaller probeert erachter te komen hoe het onderliggende model werkt, zodat het model kan worden nagemaakt en/of misbruik kan worden gemaakt van bepaalde gebreken.
  • Inference aanvallen: De aanvaller probeert informatie te krijgen over de trainingsdata van het AI-systeem, waarmee hij vervolgens een bestaande dataset kan verrijken.

Principes voor verdediging

Hoe kun je een AI-systeem beschermen tegen de hiervoor genoemde aanvallen? Allereerst moet de infrastructuur waarin het AI-systeem draait, goed zijn beveiligd. Daarnaast heeft het NBV een aantal kernprincipes uitgewerkt waarin aandachtspunten en mogelijke maatregelen worden omschreven:
  • Houd je datakwaliteit op orde: Weet waar je data vandaan komt en controleer of de data integer is.
  • Zorg voor validatie van je data: Bij data die afkomstig is van derden is het verstandig om die data te valideren. Kijk daarbij naar de wijze waarop de data tot stand is gekomen.
  • Houd rekening met supply chain security: Bij modellen die je niet zelf hebt ontwikkeld, zou er weleens een backdoor aanwezig kunnen zijn. Controleer dan ook de kwaliteit van (aan)geleverde modellen.
  • Maak je model robust tegen aanvallen: Controleer hoe bestendig je model is tegen verkeerde inputs, veranderingen in data of andere pogingen tot misbruik. Je zou bijvoorbeeld een groep programmeurs de opdracht kunnen geven om je AI-systeem aan te vallen (een red team) en te kijken hoe het systeem daarop reageert.
  • Zorg dat je model controleerbaar is: Als je weet hoe een model werkt en dat ook kan uitleggen, dan is dat vaak een teken dat het model robuust is. Kijk daarom of je je model inzichtelijk kan maken tijdens development.

Conclusie

Zeker voor AI-systemen die in cruciale/belangrijke situaties worden gebruikt, is het belangrijk dat deze tegen een stootje kunnen. Het is dan ook verstandig om dit in het achterhoofd te houden gedurende de ontwikkeling van het AI-systeem. Wil je op de hoogte blijven van de meest actuele ontwikkelingen op het gebied van de juridische aspecten van AI? Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief over de AI Act (AI-verordening). Dit kan via het onderstaande contactformulier.

Aanmelding nieuwsbrief AI Act (AI verordening):

Mocht je al vragen hebben over de juridische aspecten van AI, dan kun je uiteraard contact opnemen met  Jos van der Wijst. Jos van der Wijst [post_title] => AIVD publiceert principes voor veilige ontwikkeling van AI-systemen [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => aivd-publiceert-principes-voor-veilige-ontwikkeling-van-ai-systemen [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2024-07-01 14:56:59 [post_modified_gmt] => 2024-07-01 12:56:59 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=34977 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [3] => WP_Post Object ( [ID] => 34854 [post_author] => 6 [post_date] => 2023-02-13 15:14:18 [post_date_gmt] => 2023-02-13 14:14:18 [post_content] => Mag je het merk van een concurrent gebruiken op je website? Mag je in mails of op je website aangeven dat je support en onderhoud levert bij het product van een concurrent? Mag je aangeven dat je gespecialiseerd bent in het systeem van de concurrent? En daarbij natuurlijk dan het merk van de concurrent noemen.

Wat waren de vragen aan de rechter?

In deze zaak gaat het om het merk van een bedrijf dat hard- en software levert ten behoeve van monitorings- en alarmsystemen voor laboratoria (XiltriX). Een ex-werknemer gaat werken bij een bedrijf (Purple Q) dat in uitingen (e-mails en op de website) aangeeft onderhoud en support op XiltriX systemen te bieden en zelfs gespecialiseerd te zijn in XiltriX systemen. XiltriX vordert in kort geding een verbod en rectificatie en baseert deze vordering op merkinbreuk en misleidende/ongeoorloofde reclame.

Merkinbreuk

XiltriX is houder van de merkregistratie XiltriX. Purple Q erkent geen toestemming te hebben voor het merkgebruik. Purple Q heeft de website aangepast maar heeft geweigerd een onthoudingsverklaring te tekenen. En dus is er nog steeds sprake van een dreigende merkinbreuk en spoedeisend belang. De rechtbank overweegt dat geen sprake is van de uitzondering genoemd in art. 2.23 lid 1 sub c BVIE (merkgebruik dat noodzakelijk is om kenmerken van de waar/diensten aan te duiden). Daarvoor moet de informatie juist zijn (zoals opgevat door het relevante publiek). Purple Q blijkt niet alle vormen van onderhoud aan de XiltriX te kunnen leveren. En dus overweegt de rechtbank dat inbreuk is gemaakt op de merkrechten.

Misleidende/ongeoorloofde reclame

De rechtbank overweegt dat een enkele onvolledigheid of onjuistheid onvoldoende is voor misleiding. De mededeling moet het publiek (kunnen) misleiden en het economisch gedrag van het publiek beïnvloeden. De bewijslast dat de gedane mededelingen feitelijk juist zijn, berust bij degene die de uiting heeft gedaan. Purple Q is daar niet in geslaagd. De vorderingen van XiltriX worden in overwegende mate toegewezen. Ook de rectificatie op de aangepaste website. De rechtbank overweegt dat de rectificatie gerechtvaardigd is omdat de onjuiste mededelingen geruime tijd op de website van Purple Q hebben gestaan. De rechtbank spreekt geen hoofdelijke veroordeling uit ten aanzien van de vertrokken medewerker. Alleen Purple Q wordt veroordeeld. Ook in de volledige proceskosten.

Wat betekent dit voor de praktijk:

  • Het algemene uitgangspunt bij reclame is dat de mededelingen feitelijk juist moeten zijn. De bewijslast daarvan ligt bij degene die de uiting doet.
  • Een ander uitgangspunt is dat je alleen met toestemming van een merkhouder een merk mag gebruiken. Dat geldt ook voor verwijzend gebruik.
  • Er is een uitzondering op het verbod. Je mag een merk noemen wanneer dat nodig is om de kenmerken van het product te beschrijven. Wanneer je een auto van het merk A verkoopt dan moet je dat merk kunnen noemen. Het merkgebruik mag dan niet verder gaan dan noodzakelijk is. Zo is het niet nodig of het geregistreerde merk erbij af te beelden. Wel om het merk in letters aan te geven.
Mocht je vragen hebben over het gebruik van een merk, dan kun je contact opnemen met Jos van der Wijst (wijst@bg.legal). [caption id="attachment_29428" align="alignleft" width="200"]Jos van der Wijst Jos van der Wijst[/caption] [post_title] => Merkinbreuk en misleidende/ongeoorloofde reclame [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => merkinbreuk-en-misleidende-ongeoorloofde-reclame [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2023-02-13 15:14:18 [post_modified_gmt] => 2023-02-13 14:14:18 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=34854 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [4] => WP_Post Object ( [ID] => 34709 [post_author] => 6 [post_date] => 2023-02-02 10:27:08 [post_date_gmt] => 2023-02-02 09:27:08 [post_content] => Het schrijven van een scriptie is voor veel studenten een grote opgave, en voor menig werkende een onprettige herinnering aan de studietijd. Maar stel je voor: een systeem dat binnen seconden antwoord geeft op jouw hoofdvraag, met logische argumenten en nette paragrafen. Het klinkt bijna te mooi om waar te zijn. In de blog van mijn collega Britt van 15 december schreef ze over een nieuwe ontwikkeling op het gebied van AI: ChatGPT. Zij legt daarin uit wat deze technologie kan, namelijk volledig en goed geschreven antwoorden formuleren op uiteenlopende en complexe vragen. Afhankelijk van de vraag kan het antwoord bijvoorbeeld uit een essay, code, e-mail of zelfs wetgeving bestaan. In deze blog zal ik ingegaan op de implicaties van deze technologie op het auteursrecht, zowel wat betreft de trainingsdata als het antwoorden van ChatGPT.

Trainingsdata

ChatGPT is getraind met behulp van allerlei soorten bronnen, zoals webpagina’s, boeken en gesprekken met mensen. ChatGPT kopieert de teksten uit deze bronnen niet letterlijk of in substantiële mate in de antwoorden, maar maakt gebruik van de documenten om te leren hoe (goede) antwoorden eruit horen te zien. Om een antwoord goed te noemen is misschien wat kort door de bocht, want ook slechte antwoorden op vragen kunnen tot de trainingsdata behoren. ChatGPT leert hoe patronen en structuren in de menselijke taal werken, zodat het lijkt alsof de antwoorden door een mens geschreven zijn. Het trainen van het algoritme moet wel gebeuren aangaande de regels over tekst- en datamining. Dat betekent dat OpenAI bronnen mag gebruiken waar ze rechtmatig toegang toe heeft en waarbij dit niet expliciet is verboden. Als het goed is, heeft OpenAI hier rekening mee gehouden tijdens het verzamelen van haar trainingsbronnen. Dat is op dit moment lastig vast te stellen, omdat we niet de mogelijkheid hebben om onder de motorkap te kijken van ChatGPT. Het antwoord van ChatGPT zelf: “The data that ChatGPT uses is sourced from a variety of publicly available sources and is pre-processed and curated by OpenAI. While the data is not proprietary, it is protected by copyright, trademark, and other intellectual property laws. OpenAI has a license to use the data for the purpose of training and providing the ChatGPT model as a service, but this license does not extend to other uses of the data without permission from the rights holders.” De antwoorden van ChatGPT zijn dus gebaseerd op deze bronnen. Is het gebruik van deze bronnen door ChatGPT een inbreuk op het auteursrecht van, bijvoorbeeld, de auteur van een boek wat wordt gebruikt? Nee, niet zolang de tekst uit de bron niet (direct) wordt gekopieerd in het antwoord. Het is wel mogelijk dat de toestemming van de maker nodig is wanneer specifieke delen worden gekopieerd, zoals passages uit een boek. Hierbij kan de vraag van de gebruiker een groot verschil maken: een samenvatting vragen van een boek leidt niet snel tot inbreuk op het auteursrecht van de maker, maar als de gebruiker vraagt naar een hele pagina uit een boek, dan ligt dit anders. Het hangt dus af van de situatie en zal per geval moeten worden beoordeeld.

De antwoorden

Een andere vraag is of auteursrecht rust op een antwoord van ChatGPT en, zo ja, wie het verkrijgt. Hiervoor is het van belang of een antwoord van ChatGPT een ‘werk’ is in de zin van de Auteurswet. Een werk is een originele expressie afkomstig van een menselijke maker. De maker moet een mens zijn, waardoor ChatGPT geen ‘werk’ in de zin van de Auteurswet kan maken. Als een gebruiker van ChatGPT een mens is, maar het antwoord van ChatGPT alsnog direct kopieert,  dan zijn er geen creatieve keuzes gemaakt waardoor het stuk alsnog geen ‘werk’ is. Dit kan mogelijk anders zijn als de gebruiker het antwoord nog aanpast, hierbij creatieve keuzes maakt en uiteindelijk een origineel werk creëert dat zijn persoonlijke stempel draagt. Dan is de gebruiker de maker van het werk. Ook hier ligt het dus aan de omstandigheden van het geval.

ChatGPT in de praktijk: de student en de werknemer

Dan twee praktische situaties: een student die zijn scriptie laat schrijven door ChatGPT en een werknemer die code laat schrijven door ChatGPT. Welke auteursrechtelijke implicaties komen naar voren in zulke scenario’s? Buiten plagiaat, wat in het ergste geval leidt tot verwijdering van de onderwijsinstelling, kan de student zich mogelijk schuldig maken aan auteursrechtinbreuk. Plagiaat houdt in dat een student werk inlevert wat niet zelf gemaakt is, zonder vermelding van de bron. Dit is een breder begrip dan auteursrechtinbreuk, wat het gebruik van andermans werk is zonder toestemming. Ook bij een scriptie hangt auteursrechtinbreuk af van het antwoord van ChatGPT, zoals hierboven uitgelegd. Om ook zelf een auteursrecht te krijgen op de scriptie, zal de student veranderingen aan de antwoorden van ChatGPT aan moeten brengen. Hiervoor zal de student dus alsnog zelf creatief na moeten denken over het scriptieonderwerp en ook de nodige aanpassingen moeten doen. Het probleem is dat de grens van een nieuw auteursrecht bij dit soort zaken bijzonder vaag is. Desondanks zal voornamelijk plagiaat de crux zijn van deze gevallen, want van een ChatGPT geschreven tekst met terugwerkende kracht de bronnen achterhalen zal nog steeds lastig en tijdrovend zijn (als er al een enkele bron is die feitelijk stelt wat ChatGPT aanlevert!), aangezien ChatGPT zelf niet aangeeft welke bron bij welke zin of paragraaf hoort. En wat als een werknemer een stuk code laat schrijven door ChatGPT, om dit vervolgens in de software van zijn werk te gebruiken? OpenAI geeft aan dat het in het algemeen toegestaan is om de output van ChatGPT commercieel te gebruiken, zolang de gebruiker de benodigde toestemmingen en licenties heeft. Het kan dus nodig zijn om, afhankelijk van de omstandigheden, een licentie van OpenAI of de relevante houders van de IE-rechten te verkrijgen. OpenAI verduidelijkt echter niet wanneer dat dan nodig is. Ook hier ligt het dus aan het antwoord van ChatGPT of er sprake is van auteursrechtinbreuk, en of er toestemming of licentie nodig is van de maker van het werk of van OpenAI zelf. Het moge overigens duidelijk zijn dat in veel gevallen deze vraag ook nu al relevant is, zelfs zonder het gebruik van ChatGPT, aangezien er verschillende hulpmiddelen zijn om software te ontwikkelen, variërend van websites die complete antwoorden bevatten op (veel) gestelde vragen, tot AI-gebaseerde hulpmiddelen die gedurende het schrijven van code direct proberen de code automatisch aan te vullen.

Conclusie

De auteursrechtelijke implicaties van ChatGPT zijn nog niet duidelijk. De antwoorden kunnen inbreuk maken op het auteursrecht van de maker van de bron(nen), indien een stuk tekst wordt gekopieerd, maar dat hoeft lang niet altijd het geval te zijn. ChatGPT heeft in ieder geval geen auteursrecht op de antwoorden die worden gegeven, en ook een gebruiker zal niet automatisch het auteursrecht op een antwoord krijgen. Alleen wanneer een gebruiker nog veranderingen aanbrengt die creatief en origineel zijn en zijn persoonlijke stempel drukken op een antwoord, zal die gebruiker een auteursrecht krijgen. Heeft u vragen? Neem contact op met één van onze specialisten! Jos van der Wijst [post_title] => De auteursrechtelijke implicaties van ChatGPT [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => de-auteursrechtelijke-implicaties-van-chatgpt [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2024-06-03 10:57:28 [post_modified_gmt] => 2024-06-03 08:57:28 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=34709 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [5] => WP_Post Object ( [ID] => 34274 [post_author] => 6 [post_date] => 2023-01-10 16:54:14 [post_date_gmt] => 2023-01-10 15:54:14 [post_content] => Het Europees Parlement wil een verplichte impact assessment mensenrechten voor high risk AI toepassingen invoeren. Het Europees Parlement onderhandelt over aanpassingen op het voorstel voor een AI Act (AI-verordening). In 2021 heeft de Europese Commissie een voorstel hiervoor gedaan. Eind 2022 hebben de Lid-Staten een aangepaste tekst voorgesteld. Nu moet het Europees Parlement met haar voorstel tekst komen. Vervolgens gaan de drie partijen in onderhandeling over een definitieve tekst. Het Europees Parlement stelt voor om het concept van de Commissie op een aantal punten te wijzigen. In het EP voorstel zijn een aantal extra verplichtingen voor de gebruikers van high-risk AI-systemen opgenomen, waaronder de verplichting om een Impact Assessment Mensenrechten en Algoritmes (IAMA) uit te voeren. Het IAMA is ontwikkeld door de Universiteit Utrecht op verzoek van het ministerie van BZK. In 2022 is een Tweede Kamer motie aangenomen waarin wordt voorgesteld om een IAMA voor bepaalde algoritmes verplicht te stellen. In deze blog zullen een aantal van de voorgestelde wijzigingen nader worden toegelicht.

Impact Assessment Mensenrechten en Algoritmes (IAMA)

De meest opvallende wijziging ten opzichte van het Commissie voorstel, ziet men terug in de nieuwe bepalingen waarin een Fundamental Rights Impact Assessment (ook wel: Impact Assessment Mensenrechten en Algoritmes, “IAMA”) voor de gebruikers van high-risk toepassingen verplicht wordt gesteld. Bij het uitvoeren van een IAMA moet de gebruiker van een high-risk systeem (o.a.) de volgende aspecten in acht nemen: I. het doel waarvoor het systeem wordt gebruikt; II. de geografische reikwijdte en (tijds)duur van het gebruik; III. welke (categorieën van) personen negatieve gevolgen kunnen ondervinden door het gebruik, waarbij in het bijzonder aandacht wordt gevraagd voor gemarginaliseerde groepen; IV. de wijze waarop de negatieve gevolgen voor de grondrechten zullen worden beperkt/gemitigeerd. Gebruikers moeten bovendien de bevoegde nationale autoriteiten informeren over het feit dat zij een IAMA moeten verrichten. Deze instanties krijgen tenminste zes weken de tijd om een eigen oordeel te vormen en/of input te leveren. Tot slot, geldt voor overheidsinstanties de verplichting dat zij het resultaat van de IAMA publiceren in een (centraal) algoritmeregister.

Verplichtingen voor gebruikers van high-risk toepassingen

In het EP voorstel voor de tekst van de AI Act (AI-verordening) wordt niet alleen de IAMA verplicht gesteld: er worden ook nog een aantal andere verplichtingen in het leven geroepen voor de gebruikers van high-risk Ai-systemen. Hierna volgt een korte samenvatting van de meest ingrijpende wijzigingen: I. De gebruikers van high-risk AI-systemen moeten ervoor zorgen dat er adequate cybersecuritymaatregelen zijn getroffen, ten einde de robuustheid van de AI-toepassing te garanderen. Deze maatregelen moeten bovendien periodiek worden geëvalueerd. II. Voor zover de gebruiker controle kan uitoefenen over de high-risk toepassing, dient deze de mogelijke nadelige gevolgen in kaart te brengen en de risicobeperkende maatregelen te beoordelen. III. Indien een gebruiker constateert dat een high-risk toepassing eveneens een risico inhoudt voor de gezondheid of veiligheid van mensen, dan wel voor de bescherming van hun grondrechten, dan moet de distributeur/leverancier van de AI-toepassing én de nationale toezichthouder onmiddellijk daarvan op de hoogte worden gebracht. IV. Gebruikers moeten ervoor zorgen dat – in de gevallen waarin dit door de AI Act (AI-verordening) wordt voorgeschreven – er sprake is van menselijk toezicht. Degene die daarmee zijn belast moeten eveneens over de nodige bekwaamheden beschikken om adequaat toezicht te garanderen. V. Voordat een high-risk toepassing op de werkvloer mag worden ingevoerd, moeten de gebruikers van het AI-systeem eerst in overleg treden met de werknemers en hun vertegenwoordigers. Deze partijen moeten niet alleen toestemming hebben gegeven voorafgaand aan de invoering van het systeem, maar zij moeten ook adequaat zijn geïnformeerd over het soort AI-systeem dat wordt gebruikt, het beoogde doel van het gebruik en welke beslissingen het systeem zal gaan nemen. VI. Gelet op de recente ontwikkelingen omtrent ChatGPT, wordt er nu ook een bepaling aan de AI Act (AI-verordening) toegevoegd die ziet op generatieve AI. Deze systemen kunnen output genereren op basis van menselijke input. De gebruikers van dergelijke systemen moeten voortaan vermelden dat de output/tekst is gegenereerd door een AI-systeem, tenzij de output aan menselijke beoordeling is onderworpen en de uitgever (redactionele) aansprakelijkheid aanvaardt. Wil je op de hoogte blijven van de meest actuele ontwikkelingen op het gebied van de juridische aspecten van AI? Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief over de AI Act (AI-verordening). Dit kan via het onderstaande contactformulier. Mocht je al vragen hebben over de juridische aspecten van AI, neem dan contact op met Jos van der Wijst. [post_title] => Nieuwe compromistekst van AI Act (AI-verordening) maakt IAMA verplicht voor high-risk toepassingen [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => nieuwe-compromistekst-van-ai-verordening-maakt-iama-verplicht-voor-high-risk-toepassingen [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2024-06-03 14:03:16 [post_modified_gmt] => 2024-06-03 12:03:16 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=34274 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [6] => WP_Post Object ( [ID] => 34213 [post_author] => 6 [post_date] => 2023-01-06 15:42:06 [post_date_gmt] => 2023-01-06 14:42:06 [post_content] => Op 20 december 2022 heeft de daartoe bestemde commissie de hernieuwde versie van de Nederlandse Corporate Governance Code (NCGC) gepubliceerd. Deze nieuwste versie vervangt daarmee de versie die reeds in 2016 is opgesteld. In deze blog staan we eerst kort stil bij de Nederlandse Corporate Governance Code, om vervolgens de belangrijkste punten van de hernieuwde versie uiteen te zetten.

Corporate Governance Code

De NCGC is gericht op de governance van beursgenoteerde vennootschappen en geeft daarbij richtlijnen voor effectieve samenwerking en bestuur. De NCGC tracht hiermee met of in relatie tot wet- en regelgeving te bewerkstelligen dat Nederlandse beursgenoteerde vennootschappen gebruikmaken van een deugdelijk en transparant stelsel van checks and balances en het daartoe reguleren van de verhoudingen tussen het bestuur, de raad van commissarissen en de algemene vergadering/aandeelhouders. Hiermee wordt met de NCGC de ‘best practice’ op het gebied van corporate governance weergegeven. Belangrijk daarbij is dat de NCGC op zichzelf staand een verplichting is om aan te voldoen, zij mogen daar echter wel van afwijken mits zij aangeven waarom zij niet de NCGC volgen.

Duurzame lange termijn waardecreatie

Een van de belangrijke wijzigingen in de hernieuwde NCGC is dat het bestuur verantwoordelijk is voor het op duurzame wijze creëren van waarde op de lange termijn. Hierbij dient het bestuur rekening te houden met de effecten van het handelen van de vennootschap en de met haar verbonden onderneming op mens en milieu. Bij het bepalen van de strategie en het nemen van beslissingen staat de houdbaarheid en duurzaamheid daarvan op de lange termijn centraal en worden belangen van stakeholders zorgvuldig gewogen. Deze verantwoordelijkheid gaat echter niet zo ver dat dit ook een resultaatsverplichting inhoudt. Tot de duurzame lange termijn waardecreatie wordt ook gerekend dat de vennootschap beschikt over adequate interne risicobeheersings- en controlesystemen. Het bestuur is verantwoordelijk voor het identificeren en beheersen van de risico’s verbonden aan de strategie en de activiteiten van de vennootschap. Het bestuur legt verantwoording af over de effectiviteit van de opzet en de werking van de interne risicobeheersings- en controlesystemen aan de raad van commissarissen.

Beleid voor diversiteit en inclusie

Een tweede doelstelling van de NCGC dat sprake is van effectief bestuur en toezicht. De NCGC stelt daaraan als voorwaarde dat het bestuur, de raad van commissarissen en het executive committee (indien aanwezig) zijn samengesteld op een wijze dat sprake is van een voor de vennootschap passende mate van diversiteit op het gebied van deskundigheid, ervaring, competenties, overige persoonlijke kwaliteiten, geslacht of genderidentiteit, leeftijd, nationaliteit en (culturele) achtergrond. De vennootschap dient daartoe te beschikken over een Diversiteit en Inclusie-beleid (D&I-beleid) ten behoeve van de onderneming. Dit D&I-beleid wordt vastgesteld door de raad van commissarissen ten aanzien van de samenstelling van het bestuur en de raad van commissarissen. Het bestuur stelt op haar beurt het D&I-beleid vast voor het executive committee (indien aanwezig), de subtop en het overige werknemersbestand, na voorafgaande goedkeuring door de raad van commissarissen. De verslaggeving over het thema diversiteit en inclusie wordt verwacht uitgebreid te zijn.

Digitalisatie

Naast de maatschappelijke ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid, wordt ook meer aandacht besteed aan de opkomst van technologische ontwikkelingen. Het is nu meer van belang dat vennootschappen bewust zijn van de risico’s op onder meer het gebeid van cybersecurity en daarop kunnen anticiperen. Hiervoor zal het bestuur en de raad van commissarissen moeten beschikken over voldoende kennis en ervaring over de digitalisering. Echter, ondernemingen zouden er ook voor kunnen kiezen om een commissaris met specifieke kennis op dit gebied aan te stellen. Het bestuur zal desalniettemin altijd in een rol blijven spelen in de beoordeling van de risico’s.

De toekomst

De bovenstaande wijzigingen in de NCGC zijn natuurlijk interessant, maar het aantal bedrijven dat ermee te maken krijgt is niet bijzonder groot natuurlijk. Toch geeft ons dit een kijkje in de toekomstige keuken voor niet beursgenoteerde bedrijven. Met name het onderwerp van duurzame lange termijn waardecreatie in combinatie met digitalisatie buitengewoon interessant, omdat het maar weer eens het belang onderstreept van het hebben van voldoende aandacht op digitalisatie. Niet voor niets tonen onderzoeken steeds vaker aan dat het aantal incidenten met cyberveiligheid meer en meer toenemen, terwijl er daarnaast nog te weinig bewustzijn is bij bestuurders op dit vlak. Dat dit ook voor niet beursgenoteerde genoteerde bedrijven belangrijk is zien we ook terug op Europees niveau. Recent is er door de Europese Raad nog de NIS2 richtlijn aangenomen. Hierin worden de eisen voor cyberbeveiliging nog eens opgeschroefd en is deze voor nog meer sectoren van toepassing ten opzichte van de vorige NIS richtlijn. Kortom, tijd om nog eens goed na te denken hoe in 2023 meer aandacht kan worden geschonken aan cyberveiligheid/weerbaarheid. Wij helpen daarbij graag mee om goed voorbereid te zijn op al deze onderwerpen en hoe deze van toepassing zijn op uw organisatie.

Afsluitende opmerkingen

De hernieuwde NCGC treedt in werking vanaf het boekjaar dat op of na 1 januari 2023 begint. De commissie raadt vennootschappen dan ook aan te bekijken of het noodzakelijk is wijzigingen door te voeren in statuten en/of reglementen ten behoeve van de hernieuwde code. Heeft u vragen? Neem contact op met een van onze specialisten. Jos van der Wijst [post_title] => De komst van de hernieuwde Nederlandse Corporate Governance Code [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => de-komst-van-de-hernieuwde-nederlandse-corporate-governance-code [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2024-06-03 10:57:44 [post_modified_gmt] => 2024-06-03 08:57:44 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=34213 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [7] => WP_Post Object ( [ID] => 34066 [post_author] => 6 [post_date] => 2022-12-22 14:42:16 [post_date_gmt] => 2022-12-22 13:42:16 [post_content] => Sinds 21 december 2022 kan iedereen via www.algoritmes.overheid.nl opzoeken welke algoritmes overheidsorganisaties gebruiken in hun werk. Uitgangspunt is dat overheidsorganisaties zelf verantwoordelijk zijn voor het opstellen en het beheer van een algoritmeregister. Dit centrale algoritmeregister zorgt ervoor dat burgers op één plek alle gepubliceerde algoritmes kunnen vinden.

Wat is het doel van het register?

Door middel van dit register wil het kabinet zorgen voor transparantie over algoritmes die door bestuursorganen worden gebruikt en hun toepassing. Hierdoor kan gecontroleerd worden of de algoritmes niet discrimineren of willekeurige beslissingen nemen. Het register stelt de burgers in staat om de overheid kritisch te volgen en te bevragen of zij zich aan de regels houdt. Ook is het register bedoeld om bij te dragen aan het beter uitlegbaar maken van de toepassing en uitkomst van algoritmes. Een kanttekening hierbij is dat het register een eerste versie is en verder moet worden doorontwikkeld. Deze doorontwikkeling houdt in dat de overheid andere overheidsorganisaties stimuleert om algoritmes te publiceren, maar ook de verplichtstelling voor de publicatie voorbereidt. In het kader van de AI Act (AI-verordening) zal de overheid kijken naar die verplichtstelling en verdere eisen, vooral met betrekking tot hoog-risico algoritmes. Wij houden de ontwikkelingen over het algoritmeregister en de AI Act (AI-verordening) nauw in de gaten en zullen hier verder over berichten wanneer er interessante veranderingen plaatsvinden. Mocht je vragen hebben over het algoritmeregister of de juridische aspecten van AI, neem dan contact op met Jos van der Wijst. Jos van der Wijst 1 [post_title] => Algoritmeregister van de Nederlandse overheid [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => algoritmeregister-van-de-nederlandse-overheid [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2024-06-03 12:31:55 [post_modified_gmt] => 2024-06-03 10:31:55 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=34066 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [8] => WP_Post Object ( [ID] => 34004 [post_author] => 6 [post_date] => 2022-12-20 16:29:48 [post_date_gmt] => 2022-12-20 15:29:48 [post_content] => Hoe stel je vast of een AI toepassing voldoet aan wet- en regelgeving? Welke wet- en regelgeving is überhaupt van toepassing op een AI toepassing? BG.legal gaat voor een consortium een Proof of Concept (PoC) ontwikkelen van een AI Compliance Check. Het kennisplatform LegalAIR heeft een consortium verzameld van organisaties die vanuit diverse invalshoeken (ethiek, data science, cyberveiligheid, juridisch) zich bezighouden met data/AI. Dit consortium heeft een subsidie aangevraagd en gekregen van de Metropool Regio Eindhoven voor de ontwikkeling van een AI Compliance Check. Het ultieme doel is een vorm van verificatie en rapportage dat de ontwikkelaar en gebruiker van een AI toepassing het vertrouwen geeft dat een specifieke AI toepassing voldoet aan wet- en regelgeving. Daarbij zal ook gekeken worden naar de komende AI Act (AI verordening).

Wat gaan we doen?

  • Onderzoeken wat een passend assessment is om een uitspraak te kunnen doen over het compliant zijn van een AI toepassing.
  • Een rapportage ontwikkelen die verstrekt kan worden aan de AI ontwikkelaar en/of de gebruiker, nadat een compliance assessment is uitgevoerd.
  • Eén of meerdere pilots uitvoeren. Dit betekent dat we met een concreet algoritme het compliance assessment gaan uitvoeren en kijken tot wat voor rapportage dit leidt.

Wat is de planning?

  • In Q1 van 2023 zullen we werken aan het ontwikkelen van een compliance assessment en rapportage.
  • In Q2 van 2023 willen we een of meerdere pilots uitvoeren.
  • In Q3 van 2023 willen we, op basis van de ervaringen en resultaten van de pilots, het PoC van een AI Compliance Check afronden.
Via onze nieuwsbrief zullen we informatie delen over dit project.

Aanmelding nieuwsbrief AI Act (AI verordening):

Meer informatie

Wanneer u meer informatie wilt over deze AI Compliance Check, of over het compliant zijn van een AI toepassing, dan kunt u contact opnemen met Jos van der Wijst. Jos van der Wijst 2 [post_title] => AI compliance check [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => ai-compliance-check [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2023-03-08 11:29:21 [post_modified_gmt] => 2023-03-08 10:29:21 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=34004 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [9] => WP_Post Object ( [ID] => 33990 [post_author] => 6 [post_date] => 2022-12-20 16:04:38 [post_date_gmt] => 2022-12-20 15:04:38 [post_content] => Vooral na schandalen zoals de toeslagenaffaire bestaat aarzeling bij het inzetten van algoritmes door overheden. Soms zelfs wantrouwen. Om vast te stellen dat het algoritme geen mensenrechten schendt, is het Impact Assessment Mensenrechten en Algoritmes (‘IAMA’) ontwikkeld. Hebben overheden al IAMA’s uitgevoerd? Voor welke algoritmes doen zij dit wel en voor welke niet? Welke overheden hebben al een Algoritmeregister? Welke algoritmes publiceren zij daarin? In een onderzoek onder gemeenten, provincies en waterschappen willen wij hier meer duidelijk over krijgen. Op 5 april 2022 heeft de Tweede Kamer een motie aangenomen waarbij werd opgeroepen een Impact Assessment Mensenrechten en Algoritmes (‘IAMA’) verplicht in te zetten voordat algoritmes worden toegepast bij het evalueren van en nemen van beslissingen over mensen. Overheden zullen - in geval van hoog risico – algoritmes moeten publiceren in een (decentraal) algoritmeregister.

Natuurlijk roept de formulering van de motie vragen op:

  • Wat wordt verstaan onder een algoritme dat wordt “ingezet om evaluaties van of beslissingen over mensen te maken”. Het is duidelijk dat dit ziet op de beslissing over, bijvoorbeeld, of iemand in aanmerking komt voor een toeslag. Maar hoe ruim of krap moet je dit criterium uitleggen?
  • Moet een IAMA eenmalig worden uitgevoerd voorafgaand aan de ingebruikname van een algoritme of moet het worden herhaald tijdens de lifecycle van een algoritme? En op welk moment? En op wiens initiatief (gebruiker of leverancier)?

Ook het algoritmeregister roept nog vragen op:

  • Wie bepaalt welke algoritmes in een algoritmeregister opgenomen moeten worden?
  • Hoeveel informatie moet daarbij worden gegeven over de werking van het algoritme?

In het kader van dit onderzoek hebben wij bij diverse overheden (gemeenten, provincie, waterschappen) verzocht om:

  • een overzicht van alle algoritmes die deze overheid gebruikt bij de dienstverlening;
  • documenten over de algoritmes waaronder handleiding, software, communicatie en e-mails. Daaronder wordt mede verstaan informatie over het gebruik en de werking van algoritmes en/of modellen;
  • informatie en communicatie (IAMA) rapportages over assessments bij het gebruik van algoritmes, indien het algoritme wordt ingezet om evaluatie van of beslissingen over mensen te maken.
Nadat wij deze informatie hebben verzameld, gaan we deze analyseren en onze conclusies/aanbevelingen delen. Wanneer je meer informatie wilt over dit onderzoek naar het gebruik van algoritmes, IAMA’s en algoritmeregister door overheden, dan kun je contact opnemen met Jos van der Wijst. Wilt u graag het gehele onderzoeksrapport ontvangen in uw mailbox? Via deze pagina kunt u het aanvragen. Jos van der Wijst 2 [post_title] => Onderzoek naar gebruik algoritmes door overheden [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => onderzoek-naar-gebruik-algoritmes-door-overheden [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2023-08-17 11:17:08 [post_modified_gmt] => 2023-08-17 09:17:08 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=33990 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) ) [post_count] => 10 [current_post] => -1 [before_loop] => 1 [in_the_loop] => [post] => WP_Post Object ( [ID] => 36044 [post_author] => 6 [post_date] => 2023-04-28 09:36:21 [post_date_gmt] => 2023-04-28 07:36:21 [post_content] => Wie is eigenaar van digitale gegevens (data)? Wie is eigenaar van fysieke documenten? Kun je beslag leggen op data?
Casus
In deze zaak [1] had een US bedrijf een medicijn ontwikkeld. Zij geeft opdracht aan een Nederlands bedrijf om klinische onderzoeken uit te voeren en daar data van te verzamelen. De relatie raakt verstoord. Het US bedrijf legt bewijsbeslag onder het Nederlandse bedrijf op alle data waar het Amerikaanse bedrijf eigenaar van was (geworden). Zij vordert afgifte van deze documenten. The Netherlands Commercial Court (NCC) geeft een beslissing in deze zaak. De Agreement for Clinical Trials Management Services die partijen hebben gesloten bepaalt: Ownership of data and intellectual property  All data (including without limitation, written, printed, graphic, video and audio material, and information contained in any computer database or computer readable form) generated by PRA in the course of conducting the Services (the “Data”) and related to the Services will be Sponsor’s property. Any copyrightable work created in connection with performance of the Services and contained in the Data will be considered work made for hire, whether published or unpublished, and all rights therein will be the property of Sponsor as employer, author and owner of copyright in such work. PRA understands and agrees that the underlying rights to the intellectual property and materials that are the subject of this Agreement, including, without limitation, all intellectual property rights in Sponsor’s drug candidates or products and assays, are owned solely by Sponsor.
Toepasselijk recht
Partijen hadden in de overeenkomst gekozen voor het recht van de Staat New York. De rechtbank overweegt dat dat recht van toepassing is op:
  • De uitleg van de overeenkomst
  • De gevolgen van het niet nakomen van een verplichting uit de overeenkomst (waaronder een beroep op een opschortingsrecht).
De rechtbank overweegt verder dat Nederlands recht van toepassing is op:
  • vragen over eigendomsrechten. Immers hier gaat het om documenten en gegevens die zich in Nederland bevinden.
  • vragen over overdracht/afgifte van eigendom.
Wie is eigenaar van de documenten en data?
Daarbij moet de rechtbank een viertal vragen beantwoorden: 1. Kan een eigendomsrecht worden gevestigd op data? Onder verwijzing naar artikel 5.1 juncto artikel 3.2. BW overweegt de rechtbank dat, naar huidig Nederlands recht, er geen eigendom mogelijk is op data. Eigendom kan alleen betrekking hebben op ‘zaken’. En ‘zaken’ zijn ‘voor menselijke beheersing vatbare stoffelijke objecten’. Data / digitale bestanden vallen daar niet onder. De rechtbank overweegt: “The Court notes that although it may be desirable in this digital day and age to apply the concept of ownership analogously to digital data, this would be contrary to the “closed” system of Dutch property law in which rights are specifically enumerated. It would also encroach on the domain and prerogatives of the legislative branch. As a result, it is not up to the courts to determine the rights in rem that can be vested in digital data.” 2. Rust er een eigendomsrecht op persoonsgegevens? De rechtbank overweegt dat er geen eigendomsrecht rust op persoonsgegevens. Een eigendomsrecht zou wel kunnen rusten op het fysieke object waar het persoonsgegeven onderdeel van vormt. Afgifte van de gegevensdrager waar de persoonsgegevens op zijn opgeslagen, vormt een verwerking van persoonsgegevens. De AVG is niet van toepassing op documenten dat geen namen van deelnemers aan de onderzoeken of nummers die te herleiden zijn tot deelnemers, bevat. De rechtbank overweegt dat partijen ‘gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijken’ zijn. Het verstrekken van persoonsgegevens door het Nederlandse bedrijf aan de US partij is op zich rechtmatig en valt onder artikel 9(2)(j) AVG. Echter, afgifte van de documenten met persoonsgegevens aan de US partij, is niet toegestaan omdat de US geen passend beschermingsniveau heeft. 3. Welke data valt onder de definitie van data uit de overeenkomst? De rechtbank past hier het recht van de staat New York toe en kijkt naar de letterlijke tekst van de overeenkomst. Dit betekent dat ‘data’ wordt uitgelegd als alle data gegenereerd door de Nederlandse partij. Dit tenzij de overeenkomst bepaalde data hiervan uitzondert. Dit betekent dat ‘data’ ook omvat de ruwe data, de brondocumenten en de Investigator File. Software en andere data die niet specifiek voor de US partij is ontwikkeld, valt niet onder de definitie van ‘data’. 4. Wie is eigenaar van de fysieke documenten op het moment van creatie? De Nederlandse partij beroept zich op art. 5:16 (1) BW. Omdat zij eigenaar was van het papier en de inkt, zou zij eigenaar zijn geworden van het fysieke document. De US partij beroept zich op art. 5:16 (2) BW en stelt dat het document in haar opdracht is gemaakt en dat zij dus eigenaar is geworden. De rechtbank overweegt, onder verwijzing naar de overeenkomst, dat het de bedoeling van partijen is geweest dat de US partij, al tijdens de uitvoering van de werkzaamheden en zonder dat een daadwerkelijke ‘levering’ nodig was, eigenaar is geworden van de fysieke documenten. Dit betekent dat de Nederlandse partij de documenten moet afgeven. De Nederlandse partij beroept zich op een opschortingsrecht omdat de US partij de eindfactuur niet heeft betaald. De rechtbank overweegt dat de eindfactuur nog niet verzonden had mogen worden. Eerst had de Nederlandse partij aan haar laatste verplichting moeten voldoen, zijnde het opsturen van de documenten. En dat weigerde de Nederlandse partij nu juist. Daarom verkeert de US partij niet in gebreke.
Conclusie
De rechtbank verklaart voor recht dat de US partij eigenaar is van de fysieke documenten. Partijen moeten in overleg met de deurwaarder onderzoeken welke bestanden aan de US partij afgegeven moeten worden.
Wat betekent dit voor de praktijk?
  • Omdat eigendom op data niet mogelijk is, zouden partijen in een overeenkomst afspraken moeten maken over wie wat met data mag en wie waar recht op heeft. In een overeenkomst kan een juridische situatie worden gecreëerd die een eigendomsrecht benadert.
  • Bij beslag op data moet nauwkeurig worden beschreven wat de inhoud is van bestanden waar beslag op is gelegd.
  • Soms kan er sprake zijn van een intellectueel eigendomsrecht op data (auteursrecht of databankenrecht). Dat kan dan een basis bieden om vorderingen of verweren op te baseren.
Vragen over overeenkomsten/discussie/vragen met betrekking tot (juridische aspecten van) data? Vraag het aan mij: wijst@bg.legal [1] Rechtbank Amsterdam (NCC), 21 april 2023, ECLI:NL:RBAMS:2023:2540 Jos van der Wijst [post_title] => Eigendom op data [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => open [ping_status] => open [post_password] => [post_name] => eigendom-op-data-2 [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2023-06-02 09:15:57 [post_modified_gmt] => 2023-06-02 07:15:57 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://bg.legal/?p=36044 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [comment_count] => 0 [current_comment] => -1 [found_posts] => 264 [max_num_pages] => 27 [max_num_comment_pages] => 0 [is_single] => [is_preview] => [is_page] => [is_archive] => 1 [is_date] => [is_year] => [is_month] => [is_day] => [is_time] => [is_author] => [is_category] => [is_tag] => [is_tax] => 1 [is_search] => [is_feed] => [is_comment_feed] => [is_trackback] => [is_home] => [is_privacy_policy] => [is_404] => [is_embed] => [is_paged] => 1 [is_admin] => [is_attachment] => [is_singular] => [is_robots] => [is_favicon] => [is_posts_page] => [is_post_type_archive] => [query_vars_hash:WP_Query:private] => cbe3a5374a71dbb27cf2a66f50dacd77 [query_vars_changed:WP_Query:private] => 1 [thumbnails_cached] => [allow_query_attachment_by_filename:protected] => [stopwords:WP_Query:private] => [compat_fields:WP_Query:private] => Array ( [0] => query_vars_hash [1] => query_vars_changed ) [compat_methods:WP_Query:private] => Array ( [0] => init_query_flags [1] => parse_tax_query ) [tribe_is_event] => [tribe_is_multi_posttype] => [tribe_is_event_category] => [tribe_is_event_venue] => [tribe_is_event_organizer] => [tribe_is_event_query] => [tribe_is_past] => [tribe_controller] => Tribe\Events\Views\V2\Query\Event_Query_Controller Object ( [filtering_query:Tribe\Events\Views\V2\Query\Event_Query_Controller:private] => WP_Query Object *RECURSION* ) )
Wie is eigenaar van digitale gegevens (data)? Wie is eigenaar van fysieke documenten? Kun je beslag leggen op data? Casus In deze zaak [1] had een US bedrijf een medicijn...
Lees meer
Designers, wetenschappers, kunstenaars, ondernemers…het is eigen aan de mens om creatief en innovatief bezig te zijn. Binnen het recht houden we daar wereldwijd rekening mee door bescherming te bieden aan...
Lees meer
Hoewel je AI nodig hebt om AIVD te spellen, denkt men bij de AIVD toch eerder aan spionnen en ongevraagd afluisteren, dan aan AI-systemen. De dienst is er echter wel...
Lees meer
Mag je het merk van een concurrent gebruiken op je website? Mag je in mails of op je website aangeven dat je support en onderhoud levert bij het product van...
Lees meer
Het schrijven van een scriptie is voor veel studenten een grote opgave, en voor menig werkende een onprettige herinnering aan de studietijd. Maar stel je voor: een systeem dat binnen...
Lees meer
Het Europees Parlement wil een verplichte impact assessment mensenrechten voor high risk AI toepassingen invoeren. Het Europees Parlement onderhandelt over aanpassingen op het voorstel voor een AI Act (AI-verordening). In...
Lees meer
Op 20 december 2022 heeft de daartoe bestemde commissie de hernieuwde versie van de Nederlandse Corporate Governance Code (NCGC) gepubliceerd. Deze nieuwste versie vervangt daarmee de versie die reeds in...
Lees meer
Sinds 21 december 2022 kan iedereen via www.algoritmes.overheid.nl opzoeken welke algoritmes overheidsorganisaties gebruiken in hun werk. Uitgangspunt is dat overheidsorganisaties zelf verantwoordelijk zijn voor het opstellen en het beheer van...
Lees meer
Hoe stel je vast of een AI toepassing voldoet aan wet- en regelgeving? Welke wet- en regelgeving is überhaupt van toepassing op een AI toepassing? BG.legal gaat voor een consortium...
Lees meer
Vooral na schandalen zoals de toeslagenaffaire bestaat aarzeling bij het inzetten van algoritmes door overheden. Soms zelfs wantrouwen. Om vast te stellen dat het algoritme geen mensenrechten schendt, is het...
Lees meer